Reisverslag 11, thuisreis

Het was prachtig weer, aangename temperatuur en zon, maar een straffe koude wind blies over het het hooggelegen gebied, nergens een plekje te vinden om uit de wind siësta te houden, totdat…..in de buurt van Bonnanaro, bij de Sorroi Domussen, holen in de wanden, hier van zacht kalksteen, dus nogal afgesleten, heerlijk tussen de 2 kalkwanden, mooie lager en dus beschut gelegen weiden uitmondend bij een afgraving in een meertje, hoorbaar vol met kikkers, voor ons zich een paradijsje uitstrekte, geheel uit de wind!  Dat we een bordje “privé” waren gepasseerd, en het hek geopend hadden kon ons niet deren, want we moesten er toch zijn voor de Lichtwezens. Odilia gaf aan dat er wel een wezen bij ons zou aankloppen, en anders moesten we zelf maar een vertegenwoordiger uitnodigen. Odilia was nog niet geheel uitgesproken of ze moest al plaats maken, voor een contactwezen:

Op bitse, verontwaardigde toon: Wat komen jullie doen, ook werken zoals al eerder? Nee, wij komen een belangrijke boodschap brengen. Zal wel, en dan, gaan jullie dan weer weg, en die rare wezens die hier met jullie mee kwamen, nemen jullie die dan ook weer mee? Jazeker, die horen bij ons en gaan ook weer met ons mee. Nou, ga dan maar, want we zitten niet op jullie komst te wachten. Wacht even, niet zo snel, we zijn hier om een boodschap af te geven. Herinner jij je nog van heel vroeger het Grote Lichtwezen? Ja, die is toen ineens verdwenen en heeft ons hier mooi laten zitten, toen we haar hulp nodig hadden was ze er niet en toen is er hier veel beschadigd! Het Grote Lichtwezen is terug! Dat zullen we dan wel zien, moeten we eerst bespreken of we dat wel willen, zo komt ze en dan gaat ze weer, of we daarop zitten te wachten weet ik nog zo net niet. Ik legde uit dat met de steentjes het contact blijvend kon zijn.Ja ja, jullie zijn hier nu wel lang genoeg geweest, ik zal de boodschap doorgeven en we zien wel, dag!

Tijdens onze lunchpauze elders hebben we de frisse wind maar voor lief genomen!  Odilia begreep hun gekwetstheid, er is daar bij de afgraving grof te werk gegaan en veel beschadigd. Ze laat de wezens daar voorlopig betijen, en laat zich af en toe zien, en heeft hulpwezens gestuurd om de pijn wat te verlichten.

En vandaag troffen we achter een achtertuin met huis een verwaarloosd stukje land, met tuinafval en stapels stenen daar neergekwakt omdat ze elders in de weg lagen. En op enkele plekken nog was het gesteente te zien  dat zo typisch is voor Lichtwezens, vaak met “karresporen” erin terwijl in die tijd het wiel nog niet was uitgevonden! Verder lag het gesteente hier bedekt met aarde en onkruid, een en al triestigheid. De Lichtwezens waren zwak aanwezig, we mochten geen contact zoeken, alleen de hartverbinding en de steentjes, en het lekkers voor de natuurwezens. (als we dat laatste dreigen te vergeten helpen onze “jongens” altijd eraan te denken, want anders lopen ze hun eigen portie ook mis).

Deze twee even als tegenstelling tot de velen die op Sardinië nog springlevend aanwezig zijn en hun hoop en verwachting op de terugkeer van het grote Lichtwezen zonder enige aarzeling betonen. Maar het zijn er daarmee wel 2 die we ons uit de heel velen kunnen herinneren!
Het moge duidelijk zijn dat om de overvloed enigszins te beperken ik er in onze verslagen tientallen heb overgeslagen. Nog één die er uitspringt wil ik nog graag laten zien: Monte d’Accodi

Vandaag 2e Paasdag kwam er nog één bij die het moeilijk heeft, maar wel van geheel andere aard: Santu Pedro Domus de Janas nabij Surigheddu, in feite aan een stuk doodlopende oude weg, maar de huidige doorgaand weg loopt daar wel pal naast, maar dat is niet eens het ware probleem. Het lijkt vandaag wel nationale natuurmonumenten-dag, waar we ook komen, bij necropoli, domussen of tombi, rijen geparkeerde auto’s, vaak hele gezelschappen tegelijk. En zo ook bij deze Santu Pedru, van verre al zagen we hordes mensen  op de berghelling, met veel kinderen; eerst dachten we nog: paaseieren zoeken, maar nee, de domussen bekijken! Onderaan was er een grote, met vervolgkamers, gevuld met mensen alsof het hun huiskamer betrof; voor de ingang zat een dame aan een tafeltje gidsjes over domussen te verkopen, misschien ook wel toegangskaartjes, maar daar hebben we geen aandacht aan besteed, we zijn snel wat verderop gaan staan, buiten de drukte, en daar werd Margrete aangesproken. Ik kan contact met jullie maken! Ja, je hebt veel bezoek, ben je er blij mee? Nee, te veel, kan er niets meer bij hebben. Wij komen een belangrijke boodschap brengen, het Grote Lichtwezen is terug, en blijvend! Ik legde ‘m uit over de steentjes. Kan ze vanavond terug komen, ik kan ’t nu niet aan, ik moet gaan. Maak je geen zorgen, ze komt zeker vanavond langs, ze weet je te vinden nu!

Vandaag ook naar Parco Archeologico Monte Appiu nabij Montresta. Daarvan stonden 5 nummers op onze lijst, 2 menhirs (verplaatst maar nog verbonden met hun Lichtwezen), 2 Tombes en 2 kleine Altaartempels.

Verder ontdekten we nog een nummer tweemaal vermeld op de lijst, dus zodoende schoot het vandaag lekker op: morgen de laatste 5, overmorgen de nachtboot naar Toulon!

Bij één van onze vorige reizen zei Odilia: Tijd voor een welverdiende vakantie! Heel toepasselijk, vinden we zelf ook! Overigens hebben we dit alles niet alleen voor Odilia gedaan, maar ook samen met haar, heeft ze ons vele persoonlijke adviezen gegeven, vreemde dromen verklaard, soms onverklaarbare emotionele gevoelens, zowel uit onze jeugd als uit vorige levens.

En we doen het niet voor Odilia persoonlijk, maar voor de licht- en liefdeskracht op de aarde, voor de gehele mensheid; en een belangrijk deel van onze missie is ook duidelijk te maken hoe de licht- en natuurwezens ernaar verlangen om met ons mensen te kunnen samen werken. We hopen dat veel mensen ons voorbeeld zullen volgen, al is het maar met de natuurwezens in je eigen omgeving, wellicht te beginnen met je eigen huisgeest!

En natuurlijk: onze eigen reiswezens die zoveel merkwaardige zaken voor ons hebben uitgezocht en uitgevoerd dat ze in hun eigen wereld niet een meer als reiswezens worden herkend. Op dit moment hebben we ze vrijaf gegeven om alle bioscopen, zwembaden en bibliotheken in de buurt te bezoeken (we zitten in een nogal afgelegen berggebied), reageren ze terug: mogen we ook naar scholen en museums toe? Ze raken al aardig thuis in mensenhumor.

Het autowezen heeft ons heel trouw gediend, op allerlei soorten wegen, van snelwegen tot keien- en zandpaden, en hij heeft er intens van genoten, heeft ie ons laten weten. Hij ziet wel erg op tegen een hele nacht op de boot, maar wordt daar goed beschermd in een “bubbel” zodat hij er niet al te veel van merkt. En straks wordt het een heel wat stillere tijd voor ‘m, daar ziet hij wel tegenop, maar weet dat er in het najaar weer een volgende reis gepland staat.

We hebben het niet alleen druk, maar ook goed gehad,  5 weken dag en nacht met elkaar optrekken, met tal van lastige situaties, in het verkeer, heel praktisch: inkopen doen, ergens in de bergen je eigen potje op een campinggas bereiden, en er je eigen sanitaire voorzieningen creëren, tegenstrijdigheden tussen gps en gooogle maps oplossen, te slechte wegen weten in te schatten en dan maar een bestemming laten schieten, enz.

Waar ik nog niet over geschreven heb trouwens, sommigen van jullie weten ervan, en de anderen dus nu ook: Ik stel geregeld mijn jongere versie op, met natuurlijk Margrete als representant, dus de 6-jarige Ferry, en ook de 14 jarige, met als doel mezelf beter te leren kennen. En dat lukt geweldig, want ik krijg heel wat aspecten van mezelf te zien die ik me niet (meer) kan herinneren, en het zijn beslist geen onbelangrijke of onaardige; ik zie mezelf hierdoor met heel wat vergeten kwaliteiten die ook toentertijd door mijn ouders niet opgemerkt zijn. Nu geef ik ze terug aan mezelf! Heel boeiend!

Provence, Corsica en Sardinië, toch al mooie gebieden, we hebben er in maart en april geregeld van prachtig zomerweer mogen genieten, 3 gebieden waar wij en Odilia opvallend vaak welkom werden geheten; Sardinië alleen al levert meer verbonden Archai-Lichtwezens op dan al onze eerdere reizen, zo bijzonder! We voelen ons dankbaar en vereerd dat we dit werk mochten doen.

En dank aan jullie dat je deelgenoot wilde zijn!

Reisverslag 10

Bonorva slaat werkelijk alles! Grote cultus- kamers in de rotswand, en daar achter weer een doorgang, en nog één en soms nog één  en je kunt er makkelijk in komen en er rechtop in lopen; daarnaast zijn er in het rotsgesteente allerlei figuren gevormd, en een latere Byzantijnse cultuur heeft er fresco’s in de “kamers” aangebracht, nog deels goed te zien.
Ook qua menselijk handelen zeer “bijzonder”: het bezoekerscentrum ligt zo’n 500 meter van de toegang van de rotskamers af. Omdat het Goede Vrijdag is wisten we niet of het vandaag wel zou open zijn, en om kwart over tien was het nog steeds gesloten, helaas, dan maar proberen illegaal binnen te komen. Zag er niet moeilijk uit, maar er stond wel iemand bij, druk te telefoneren,en toen die klaar was met telefoneren vertelde hij dat het al open had moeten zijn want hij moest er werkzaamheden verrichten en stond al een half uur te wachten Toen kwam een dame met sleutels die het hek open deed maar zei dat we eerst kaartjes moesten kopen. Maar het bezoekerscentrum is gesloten! Nee, nu is het open! Wij weer naar het bezoekerscentrum, nu inderdaad open, kaartjes gekocht, maar toen was de eigenlijke ingang weer op slot. Terug gereden naar het bezoekerscentrum: er staan mensen bij de ingang te wachten maar die is op slot! Ja ja, ik kom er aan! Kwam ze even later aangereden met een grote bos sleutels, probeerde ze allemaal, maar niet één waarmee het lukte. Haar telefoon gepakt en iemand gevraagd welke sleutel het moest zijn. Na nog drie pogingen vond ze de goede en konden we er in. Zij ging een groep Italianen rondleiden, maar zelfs als we haar hadden kunnen verstaan hadden we toch een andere route gekozen! Kwamen we bij een serie “kamers” waar het absoluut pikkedonker was, dus maar even flitsen. Kwam de bewuste dame aangerend  ”no flash!” en ging daarna de verlichting regelen. Ging ze nog een verhaal vertellen, wij maakten duidelijk geen Italiaans te verstaan, liet ze ons weten dat deze plaats een “Tomba” heet, dat we nu toch een woord Italiaans kenden! Mamma mia, fermate!

We werden twee maal aangesproken , beneden door “noem me maar een vertegenwoordiger, want wij hadden daar geen woorden voor” en boven op de rots, vlakbij een “domus” door een Lichtwezen, zouden jullie zeggen, maar zo’n woord kenden wij niet.  Nee, want jullie spraken in klanken. Oh, dat weten jullie?  Ze hadden naar ons uitgekeken, de deva’s van dit eiland hebben het grote nieuws in veel gebieden doorgegeven, de Lichtwezens zijn in staat van furore en afwachting, we worden overladen met dankbaarheid, de enige bezorgdheid die we tegenkomen is of de terugkomst van het Grote Lichtwezen wel blijvend zal zijn, want haar verdwijning herinneren ze zich nog met grote pijn. Ons verhaal over de blijvende verbinding via de steentjes wordt direct begrepen, en dan is het  goed. Heel heel veel dank, en ook aan die wezens van jullie die al zoveel verteld hebben. 

Twee dagen vóór Bonorva waren we ’s middags op zoek naar Tomba di Giganti Mura Cuata, nabij Bauladu. Deze zou aan de spoorlijn liggen achter een heuvelrug. Eerst zo’n 5 km over een asfaltweg, maar er zaten hier en daar diepe gaten in het wegdek, en door de schaduwen van de bomen langs de weg heel lastig te zien, dus heel aandachtig rijden. Er moest ergens een weggetje over de heuvelrug gaan, maar we konden het niet vinden en na grondig zoeken besloten we terug te keren. Op de terugweg ontdekten we ineens het weggetje wel, nou ja, dirtroad, met veel zand weggespoeld en dus met diepe gleuven en uit stekende stenen, en supersmal met hoog struikgewas, en ook nog heel steil oplopend; gaf me niet zo’n prettig gevoel, voor alle zekerheid Margrete 2 x laten testen of mijn auto dat wel aankon. 2 x een ja, dus vooruit dan maar; we voelden beiden dat er aan ons werd getrokken, wat het nog moeilijker maakte om ervan af te zien en deze maar over te slaan. Dus met stevig gasgeven de helling op en maar hopen dat het verderop niet nog slechter wordt. Het weet brak me aan alle kanten uit. We bereikten de spoorbaan, even er aan voorbij een plekje om te parkeren, en met overgave aan google maps door heel wat struikgewas deTomba bereikt. Het Lichtwezen voelde zich zeer vereerd met ons bezoek, en heel blij met de terugkeer van het Grote Lichtwezen, Ik heb jullie al een tijdje in mijn omgeving gevoeld en  mijn best gedaan om jullie hier persoonlijk te kunnen ontvangen om jullie mijn heel diepe dankbaarheid te kunnen betonen voor het terugbrengen van het Grote LichtwezenIk heb altijd vertrouwen gehad dat ze er nog zou zijn, en nu wordt ze door mensen teruggebracht, terwijl ze zich vroeger nooit met de mensenwereld bemoeide, behalve dan via ons Lichtwezens; deze dag zal mij altijd heugen, zoiets onvoorstelbaars!  Gevolgd door heel veel dank, etc. Terug naar de auto, terug hetzelfde k..weggetje af en idem dito asfaltweg met gaten. Ik had buik- en hoofdpijn, we kwamen nog bij een “domus” gelegen bij een kruising in het dorp, het Lichtwezen was er slecht aan toe en werd door Odilia in een soort van bubbel ingepakt zodat het verkeerslawaai hem minder zou deren.

De laatste voor die dag zou tevens onze slaapplek worden, Tomba Perdu Pes;  volgens google en de gps zaten we er vlakbij, op zo’n 250 m afstand, maar we konden ‘m niet vinden, zelfs niet lopend, want een muur met braamstruiken hield ons tegen. Heel vervelend, want het Lichtwezen hield zich voor Odilia slapend, en wij zouden die wakker geroepen kunnen hebben. Helaas, dan maar met veel geduld en inspanning van Odilia’s zijde. Maar voor mij was het die dag te veel geworden, beroerd van spanning en inspanning dook ik om 6 uur mijn bed in.

Ik was de volgende dag niet tot veel in staat, we konden slechts 3 plaatsen aandoen, en bleef er bij één zelfs in de auto en liet Margrete het bezoek doen, meer kon ik niet opbrengen. Wat was ik blij dat ik de volgende ochtend enigszins opgeknapt Bornorva kon bezoeken! (zie boven) en ook die dag heel rustig aan gedaan.

Brengt me op een punt om te reageren op enkele van jullie reacties of we wel aan enige ontspanning toekomen? We hebben inderdaad op dagen dat het zeer matig weer was, nauwelijks rust genomen, behalve voor siësta, want wat moet je in koude wind?  Maar als het ons lukte een restaurant of iets anders met wifi te vinden hielden we daar uitgebreid pauze, hoewel nog wel bezig met internet, maar toch als afleiding. En in de avonden valt er voor ons niets te doen dan te schrijven aan de reisbrieven en te lezen. Zo hebben we de al eerder vermelde boeken van Jaap Hiddinga en Frits Julius gelezen, en zijn we nu aardig gevorderd in “Mijn brein denkt niet, ik wel” van Arie Bos en “Mysterieplaatsen en Inwijdingswegen” van Rudolf Steiner.

Het brein-boek is vooral voor Margrete heel boeiend, want die herkent er allerlei beschrijvingen in van de functies van de hersenen die bij haar beschadigd zijn geraakt door het auto-ongeval in Letland 3 juli 2017, waarbij haar hoofd een flinke klap heeft opgelopen. Precies op de plekken waar haar hoofd is geraakt traceert zij nu in dit boek de functies die daarmee samen vallen.
En waar zij ook nog steeds door dat ongeval last van heeft is haar knie; zij is er éénmaal aan geopereerd, maar er zit nog steeds iets niet goed wat soms veel pijn veroorzaakt; begin mei krijgt ze daarvoor een MRI-scan.

Het boek van Steiner is op deze reis wel heel toepasselijk. In het hoofdstuk waar hij beschrijft hoe bij de wording van de aarde het steen zich heeft gevormd, beschrijft hij hoe dit steen nog heel plastisch en kneedbaar was. Aan de vorm van vele rotsen op Corsica en Sardinië is dat nog duidelijk af te lezen: veel rotsen maken een soort van rollende, golvende beweging, met aan de zijkanten soms licht opverende vleugels, echt alsof alles nog in beweging gestold is, zoals b.v. de Roccia Elephante, hier aan de overkant van de weg

En ook de holen die de mens van toen er in heeft gemaakt tonen geen sporen van hak- of breekwerk, maar lijken vaak het werk van keramisten die vormen in de klei hebben gemaakt. Om dan te lezen dat de mensen van toen ook nog plastisch van vorm waren, en naar believen hun armen langer of korten kunnen maken, is voor ons toch wel erg moeilijk voor te stellen! Ik zou bijna aan Steiners waarneming gaan twijfelen zo onvoorstelbaar komt me dit voor, ware het niet dat Michael Roads in zijn “Door de ogen van de liefde, deel 2” soortgelijke waarnemingen beschrijft. En het komt ook overeen met wat een Lichtwezen ons antwoordde op mijn vraag hoe zij het ervaarde dat op haar plaats archeologen allerlei onderzoekingen aan het uitvoeren waren: Ze kunnen zoeken wat ze willen, ze zullen het nooit begrijpen, zelfs voor jullie die weet hebben van ons Lichtwezens en van inwijdingen met de voorouders, wat voor jullie niet eens zo vreemd aandoetdat zie ik tenminste aan jullie licht, maar toch valt het niet te begrijpen, ik kan het jullie echt niet uitleggen, jullie bewustzijn is zo anders dan van de mensen toen; jullie leven in je eigen bewustzijn, in je eigen aardse wereld, toen leefde de mens nog volledig in het godenbewustzijn, ze maakten er deel van uit, zouden niet zonder kunnen.

Tenslotte nog een geheel ander onderwerp: De brand in de Notre Dame in Parijs.(Ja, we leven niet geheel wereldvreemd!  Ajax is door Juventus uitgeschakeld, ook dat was wereldnieuws hier, zelfs groter gebracht dan de brand in Parijs): Wij gaan op de terugweg niet langs in Parijs, dat zou ons zeer kunnen schaden, die drukte en sensatie van een grote stad, en bovendien weten we niet in hoeverre onze afschuwelijke ervaring van de St. Sulpice kathedraal nog zou nawerken. Bij de brand van de Notre Dame zijn ook heel veel, en ook heel bijzondere natuurwezens beschadigd geraakt en wij willen daar tzt zeker een helingsritueel voor uitvoeren, graag met veel betrokken mensen erbij. Natuurwezens zijn niet beperkt door tijd en afstand, dus dit kunnen we heel goed een keer doen in Nederland (Den Haag?), liefst in een r.k. kerk; voorlopig denk ik dan aan de kerk in de Elandstraat, waar wel vaker andersoortige activiteiten plaats vinden (o.a. een tango-salon!).

Nog zo’n 20 bestemmingen te gaan, het eind komt dus in zicht, maar ons “opnemingsvermogen” is wel aan slijtage onderhevig!

Jullie allemaal een goede Pasen gewenst,

Ferry en Margrete

Reisverslag 9 Zuid Sardinië

Zondag is ideaal om grote steden te bezoeken, rustig en geen files; zo hebben we dat met opzet voor Cagliari gepland, maar na ons bezoek aan het schitterende Parco Archeologico de Tuvixeddueen immens groot necropolis en de nabije rommelmarkt hadden we genoeg drukte gezien, en begaven ons op weg naar het eveneens schitterende Parco Archeologico Monte Sirainabij Carbonia in het zuidwesten,waarna de reis in principe noordwaarts verloopt richting Porto Torres, waar de boot naar Toulon vertrekt.
Maar voor het zover is hebben we nog wel zo’n 40 bestemmingen te gaan!

Bij het Parco Archeologico Montessu bij het plaatsje Villapericoso met veel Domus de Janas holen in de rotsen en enkele menhirs waren we moe en besloten daar pas de volgende ochtend in te gaan, een rondwandeling met veel klimmen en dalen van 2 uur. Nog even langs bij een grote menhir aan de andere kant van het dorp en dan op bezoek in San Seperato bij Fondazione Sciola, een privé openlucht expositie-park vol grote stenen, waarvan vele zodanig bewerkt dat er klank mee gemaakt kan worden, hetgeen ook gedemonstreerd werd en we ze ook zelf mochten bespelen.

We waren heel nieuwsgierig hoe deze stenen van over heel Sardinië bij elkaar geplaatst en weliswaar kunstzinnig maar ook heftig bewerkt, dit zouden beleven. Margrete stond representant, maar er kwam geen woord over haar lippen; wel een hoofdbeweging, vnl. ja en nee. Uitkomst: Storend om hier bij elkaar te staan? Nee. Storend om zo zwaar bewerkt te zijn? Nee. Liever op hun oorspronkelijke plaats gebleven? Maakt niet uit. Tevreden met hun eigen klank? Heel sterk ja. Ik weet niet meer hoe ik dat bevraagd heb, maar één steen gaf aan dat hij altijd al klank in zich had gehad, maar dat het nu pas door de bewerking voor mensen hoorbaar was. Ik moet toegeven, wij waren heel verbaasd over deze uitkomst doordat onze omgang met cultische stenen ons geleerd heeft dat deze hun kracht verliezen zodra ze verplaatst worden. Voor alle zekerheid nog aan onze “jongens” gevraagd of ze er stenen hebben gezien die zich ongelukkig voelden, maar nee, integendeel, als geheel voelde het zeer harmonieus. (wat je ook voelt als je daar zo rondloopt).

Verder laten we je even meegenieten van Necropoli Monte Luna nabij Senorbi en Necropoli Genna Salixi nabij Villa Sant’Antonio in provincia di Oristano; deze laatste ontdekten we bij toeval toen we er langs reden.

Voor wie denkt dat we verder niet zo veel gedaan hebben vertel ik maar dat ik alle andere 12 “kleine” bestemmingen hier niet heb opgenomen, het is al moeilijk genoeg om het overzicht vast te houden!

Tot nu toe heeft Margrete zo’n 700 foto’s geschoten; groot was haar schrik toen zij over het fotograferen van natuur-wezens en –verschijnselen een zeer kritisch stuk las in het boek van Frits Julius “Het omgaan met natuurgeesten”: Er zijn goede gronden voor de overtuiging dat het fotograferen een van de werkzaamste middelen is om de wisselwerking tussen de mensen en de natuurgeesten af te snoeren. Hij citeert daarbij Rudolf Steiner die zo’n gefotografeerde afbeelding  een lijk van de natuur noemt. Boeiende materie!

De mening van Odilia gevraagd: Ik ben heel blij met de foto’s van krachtplaatsen op internet die ik door de ogen van Margrete kan meekijken; ik kijk daarbij niet naar de precieze afbeelding, maar neem slechts de energie waar om te kunnen bepalen of er zich daar lichtwezens bevinden. Voor mij zijn die foto’s dus beslist geen dode materie, maar levend, vol energie en emotie. En dat de krachtplaatsen gefotografeerd worden berokkent hen in geen enkel opzicht enige schade. Wel gaat het erom op welke wijze de beschouwer de foto bekijkt: als het  alleen vanuit het hoofd is komt de afbeelding inderdaad niet tot leven, als men er zijn hart bij betrekt gebeurt dat wel. Evenzo ervaren veel mensen aan een steen slechts dode materie terwijl wie de taal van stenen verstaat er veel informatie aan kan ontlenen.  

Wat Julius verder heel boeiend beschrijft is hoe hij zich laat leiden door natuurwezens, heel herkenbaar net zo als dat bij Margrete gebeurt. Ik weet nog goed hoe zij in Wales met krukken liep en wij andere drie met gezonde benen haar niet konden bijbenen!
Onlangs gebeurde dat hier in Sardinië weer toen we een riviertje moesten oversteken om bij onze bestemming te kunnen komen. Gelukkig vond ik op tijd een plek met een stapel flinke takken dwars over het riviertje, waar ik met één droge en zij met twee droge schoenen overheen kwam (voor mij niet zo belangrijk, maar zij loopt op heel dure orthopedische schoenen)

reisverslag 8

Dierbare lezers,

Om maar met een geruststelling te beginnen: met ons, met de auto en met de apparatuur is het goed; met de auto is het de hele tijd wel goed geweest, maar met ons en de apparatuur niet! En voor de volledigheid: met het weer is het op dit moment, en de afgelopen dagen, ook niet goed: koud en regen. We hebben op dit moment uitzicht op zee, maar de horizon valt nauwelijks te onderscheiden van de grijze lucht, hoewel het overdag wel aangenaam weer is geweest.

Eervorige nacht waren er heel wat buien, en de hele ochtend hadden we heftige regen en koude wind, en we bevonden ons al op aardige hoogte, dus fris. De avond tevoren had ik al de volgende bestemming ingetoetst: anderhalf uur rijden. ’s Ochtends zat ik niet lekker in m’n vel, beetje afgesloten, ik ervaarde Margrete wat mopperig, grijze lucht en weer op pad voor nog meer lichtwezens die ik zo langzamerhand niet meer uit elkaar kan houden. De gps deed het niet. Vreemd maar waar. Dan maar google maps op mijn smartphone. Gaf geen verbinding! Dan maar afgaan op plaatsnaamborden, maar die we zochten stonden er niet bij, en die we zagen gaven geen helderheid. Ik tegen Margrete: jij hebt toch ook je mobiel, probeer die dan! Snauw terug: als de jouwe geen verbinding geeft, denk je dat de mijne het dan wel doet! Ik weer: Je kunt het op zijn minst proberen! Nou vooruit dan. En hij deed het! Dat gaf wat opluchting, maar ook een raadsel, wat speelt er? Margrete: het zit kennelijk bij jou, 2 apparaten van jou doen het niet, die van mij wel. Juiste waarneming, maar wat doen we ermee? Ondertussen reden we de route volgens Margrete’s mobiel, richting Seulo, een smal weggetje steeds hoger de bergen in, regen en dichte mist wisselden elkaar af en deden hun best ons zicht te beperken, het asfalt werd slechter en slechter, verdween zelfs en het zicht nihil, toen besloten we terug te keren naar de hoofdweg, daar halt gehouden en Odilia om raad dan wel inzicht gevraagd: Ik wil er niet veel over zeggen behalve dat ik je op dit moment als zeer afgesloten ervaar, ga eerst maar contact maken samen, en vooral met jezelf, ga terug naar gistermiddag, toen is het al begonnen, je zou wat contact-oefeningen kunnen doen samen en je gevoelens delen.

Daar hebben we even de tijd voor genomen, besloten de bestemming Seulo in de bergen over te slaan en over de hoofdweg verder te gaan naar een volgende bestemming. Jammer voor Odilia dat ze daar 3 krachtplaatsen moest missen, maar het kon niet anders. Margrete probeerde nog eens mijn mobiel, en google maps gaf verbinding! Nog een flink stuk later, en na nog een pauze, met overleg over de vraag wat te doen, naar een garage? doorrijden? andere opties? kreeg Margrete een ingeving: ze nodigde een techniekwezen uit om een oplossing te brengen (deed ze stilletjes, zonder dat ik het wist). Na enige tijd voelde ze een seintje de gps te proberen: hij deed het weer! Wonderen zijn de wereld nog niet uit!

Die hele ochtend bleef het regenen, merkwaardig genoeg kwamen we nog een afslag Seulo tegen, konden ons precieze doel niet bereiken, maar wel heel dichtbij komen en Odilia aangeven waar het zou moeten zijn. Even later kregen we haar de boodschap: Lichtwezen aangetroffen, en contact, en de deva van dit gebied brengt me naar andere Lichtwezens in dit gebied, dus jullie hoeven hier niets meer voor mij te doen. Op naar de volgende bestemming! Het dorp Orroli, om daar een restaurant voor evt. een maaltijd maar vooral voor wifi te vinden. Wifi vonden we wel, in een ongezellige bar, achterin bij de gokkasten konden we een aansluiting vinden. Af en toe een hoop gerinkel van zo’n gokkast,  tv luid aan, luid geklets van mensen, maar wij konden weer een verslag versturen en onze mail bekijken.

Rijden we daar weg, zien we een bordje Su Motti! Enkele dagen eerder hebben we zitten zoeken naar Su Motti in onze reisgidsen, want een necropool waarvan we geen gegevens hadden, maar we konden ‘m niet vinden, zelfs geen idee in welk gebied! Nu hoefden we alleen even de weg te vragen, iemand reed ons voor, de gaten in de rotswand konden we zo zien, Odilia enkele lichtwezens rijker, wij een mooie wandeling (een droge middag) en mooie stille slaapplek. Vroeg gaan slapen, laat opgestaan, heel rustig aangedaan, een zonnige ochtend en droge middag, en een prachtig Parco Archeologico Pranu Muttedu bij Goni,met heel veel menhirs,tombes, stenenrijen en steencirkels, en dus idem lichtwezens. We liepen daar wat rond, kwamen langs een menhir, voelt Margrete zich aangesproken. Dat is leuk, ik begrijp dat ik met jullie kan praten, dat is heel lang geleden! Wij stelden ons voor en vroegen of hij wist waarvoor wij kwamen. Ja, vanwege het Grote Lichtwezen, ik weet het, zij is terug, sterker nog, ze is al in contact met sommigen hier, maar ik ben nog niet aan de beurt; en ik vind het fijn om weer met mensen te kunnen spreken, dat deden we vroeger ook, alleen anders, nu wordt het zeg maar vertaald doorgegeven, maar het werkt, leuk hoor! Oh, ik geloof dat ze deze kant opkomt, dan moet ik maar afscheid nemen. Maar nog wel heel veel dank dat jullie haar gebracht hebben, heel veel dank! Dag! We lopen door het andere deel van het park, aan de andere kant van de weg, lopen we langs een  Domus de Janas (huis van de heks, meestal een uitholling bij een rotswand, maar hier in de steengrond, en dus vol met water),hier doen we ons ritueel van de hartverbinding met klank.  wordt Margrete nogmaals aangesproken, door het Lichtwezen van de Domus. Wat fijn  om weer ’s met mensen te kunnen sprekenvroeger ging dat met klank, zo fijn, maar op jullie manier is ook goed hoor, zo fijn weer contact met mensen, deden ze dat allemaal maar! En jullie doen groots werk, we zijn jullie enorm dankbaar, echt, heel veel dank! En zouden jullie dat ritueel van daarnet nog eens willen doen, zo fijn! Met plezier, dag.

Deze dag vóór 5 uur gestopt bij een lichtwezen in de rotsen van Monti Ferru. Odilia heeft er al contact mee en laten weten dat ie persoonlijk bezoek van ons zeer op prijs zou stellen. Nu in de avondregen dus niet, morgenochtend als het droog is. De avondregen stoort me al minder, de mooie dag en het uitzicht op zee leveren  een aardige bijdrage aan mijn stemming, ik heb er wel weer zin in!
En hier aangekomen op dit weggetje met uitzicht op zee en lichtwezen in de rots, zag Margrete een man met een hond  staan turen naar ons. Geen echte man met hond, maar een schim, zei ze. Ik begreep wel hoe laat ’t was en vroeg of we contact konden krijgen. Margrete reageerde, duidelijk benauwd, hand bij haar hart, vroeg of de man het moeilijk had, knikte van ja, pijn aan je hart, benauwd? Knik ter bevestiging. Koud! Geloof je in leven na de dood? Weer een knik. Hem uitgelegd dat ie overleden is, mijn hond, m’n hond! Ja, daar wordt voor gezorgd, zorg eerst voor jezelf, kijk om je heen, er moet ergens licht zijn, of dierbaren, misschien vader of moeder, een oudere broer of zus, zie je iets? Weer een knik. Blijf kijken, dan zien ze jou ook, ze komen je ophalen, heus! Een diepe zucht. En Margrete was vrij van ‘m, en hij op zijn pad. (enigszins verkort weergegeven)
De reiswezens reageerden op het voorval: Dat was van lang geleden hoor. Ik: hoe weten jullie dat? Aan zijn licht. Hoe lang geleden dan? Ja dat weten we niet, dat moet je maar aan Odilia vragen
Odilia: Jullie hebben een vraag aan mij?Heb je van het voorval met de man en de hond vernomen?Enigszins. Kun jij aangeven van hoe lang geleden dit is?Dat moet ik even navragen…….
Dit heeft plaats gevonden nog voordat jij geboren was, de man was zeer gehecht aan zijn hond, is gestorven aan een hartaanval, zijn hond heeft geprobeerdm warm te houden enm ook gelikt, en is bij de man gebleven en uiteindelijk ook daar overleden. Ze zijn pas veel later gevonden en ze hebben ze daar ter plaatse in een kuil begraven.

Vandaag aan de kust geweest, op strand,  de Middellandse Zee geproefd, met onze voeten althans, prachtige kleuren bij de lagune, verderop een villawijkje vlak bij zee, in het villawijkje 2 lichtwezens, één helder,redelijk tevreden, en héél blij met het Grote Lichtwezen, de ander slapend, en beneden aan zee, bij een rots waar de golven tegenaan klotsen, nog een  – wakker- Lichtwezen,  “ontdekt” door de reiswezens.

Volgende ochtend op zoek naar Cuili Piras, het Italiaans Stonehenge, vertelt Megalithic Portal. Dat schept verwachtingen, om te beginnen een bezoekerscentrum of op zijn minst een ticket-office, zoals die dingen hier genoemd worden. Integendeel: Privé!, Verboden Toegang!, Camera-bewaking!Toch maar het weggetje ingereden, om netjes bij de 2 huizen toestemming te vragen. Maar ik vond geen deurbel, en er reageerde niemand; toen dacht ik: Laat maar, maar beter doorrijden, we merken ’t wel. Aan de achterkant van de huizen de heuvel opgereden, landweggetje op en wat troffen we er? Zo’n 40 niet al te grote menhirs, de meeste overeind maar wel te midden van struiken. Volgens het Lichtwezen waren ze nog compleet, ook bij de omgevallen menhirs functioneren de Lichtwezens nog. De oorspronkelijke blauwdruk, zoals jullie dat noemen, is nog intact! Grote blijdschap over de terugkeer van het Grote Lichtwezen! En veel dank aan ons. Toen we wilden vertrekken kwamen de reiswezens met een vraag, namens de Lichtwezens, die zich niet vrij genoeg hadden gevoeld deze vraag te stellen, maar wel gevoeld hadden: Waarom konden ze bij ons toch een gevoel van teleurstelling waarnemen? Uitgelegd dat onze info andere verwachtingen had geschept, daarover waren we teleurgesteld, maar voor het overige waren we zeer onder de indruk en verheugd. Zouden ze doorgeven.  Bij het wegrijden kwam net de bewoner aangereden, ons zeer duidelijk  makend dat het privé terrein was. Het was ons duidelijk, wij er vandoor! Minstens 40 Lichtwezens voor Odilia erbij! (En eigenlijk vind ik dat zo’n terrein met 40 menhirs nationaal cultureel erfgoed hoort te zijn, en voor iedereen toegankelijk).

Ook die dag 2 Tombi di Giganti opzoeken: de eerste 8 km de bergen in, altijd spannend, blijft de weg goed? (dit keer wel), en is het te vinden? Dit keer ook, een indrukwekkend gave Tomba, met een helder en voelbaar enorm krachtig Lichtwezen, en sprak op plechtige toon: W-e-l-k-o-m, w-e-l-k-o-m. Ook dezeheel blij met de terugkeer van het Grote Lichtwezen, en heel veel dank.  En weer 8 km terug.
Bij de ander staat bij onze info vermeld: in slechte conditie, moeilijk te traceren, pal langs een bergriviertje, het slecht begaanbare pad loopt aan de andere kant van het riviertje, op 200 m vanaf de weg.  We vragen de reiswezens ons vooruit te gaan om te helpen zoeken, en geven ook onze info door aan Odilia. Die reageert: Ik had al in de gaten dat de reiswezens hard aan het zoeken waren, ze waren druk bezig overal te vragen. Klinkt alsof je in een drukke winkelstraat loopt, maar er was verder niemand in de omgeving! We vonden ‘m , zowel de reiswezens als Odilia gaven aan meer Lichtwezens aangetroffen te hebben, maar ze waren in diepe slaap, we mochten ze niet aanroepen, dat zou een schrikreactie kunnen geven, alleen de hartverbinding doen.

En vandaar op weg naar de hoofdstad aan de zuidkust, Cagliari, waar ook een necropoli moet zijn, hopelijk niet opgeslokt door nieuwbouw. Alweer spannend wat we gaan aantreffen! Tot zover. En nu op zoek naar wifi, blijft lastig!

Tot volgende keer, hartelijke groet,

Ferry en Margrete

P.S. Rectificatie: Het boek van Jaap Hiddinga dat ik eerder noemde, hadden we onlangs nog thuis gelezen en gaat over onze huidige cultuurperiode, en wat het echte leven is en wat maya, illusie. Het boek dat ik bedoelde is getiteld:  De Levensbron, de energiestroom tussen de goddelijk wereld en het aardse bestaan.  Beide van harte aanbevolen!

Reisverslag 7

De eerste dag op Sardinië troffen we 6 bestemmingen voor Odilia, een hoopgevend aantal. De tweede dag slechts 4, want 4 plaatsen wisten we zelfs na lang zoeken niet te vinden. Eén ervan moest op de Tiscali berg liggen, we zijn ‘m helemaal rondgereden, maar dus niet gevonden. Later meldde Odilia ons dat ze zelf verder deze berg was gaan verkennen en de menhirs wel aangetroffen heeft. In een andere streek zouden 2 Tombi Giganti liggen. We hebben er één gevonden, maar, zo vertelde Odilia ons achteraf, die 2 waren wel met elkaar verbonden en zodoende heeft Odilia die andere toch gevonden. Al met al weer een score van 6!

Ook al liggen soms krachtplaatsen dicht bij elkaar, blijft het voor ons een hele opgave om er per dag 6 te doen; het is nl. niet alleen de afstand, dus ook tijd, die zijn tol vergt, maar ook de inspanning om per dag 6 kennismakingen/opstellingen te doen. Daarbij komt dat zo’n kennismaking met een licht- dan wel contact-wezen veel concentratie, dus inspanning vraagt, en ook, misschien juist omdat het hier vaak heel soepel verloopt, vele op elkaar lijken, en het wat eentonig wordt terwijl vanuit de hemelse zijde het grootse ingrijpende gebeurtenissen zijn. En ook de lichtenergie schijnt een flinke tol van ons lijf te vergen, aldus Odilia.

Zo waren we onlangs in Mamoiada aangenaam verrast dat het Maschera Museum geopend was. Een boeiende afleiding van alle lichtwezens, hoe daar in die streek op 17 januari op St Anthonius carnaval wordt gevierd met afschrikwekkende kostuums en maskers in een optocht die zo’n 6 tot 8 uur duurt.Tevens zijn er enkele kostuums en maskers te zien van soortgelijke strekking, uit Kroatië, Slovenië en Griekenland.
Zie filmpje  https://www.youtube.com/watch?v=6V98sbmaGjE

Maar ook fijn dat ze daar wifi hebben, en we daar gebruik van mogen maken in een apart zaaltje. Staat wel vol met rijen stoelen naar ons gericht. Even later kwam er een buslading lagere-schoolkinderen binnen en namen plaats op die stoelen, 30 gezichten op ons gericht! Een wat vreemde gewaarwording, terwijl ze daar redelijk rustig zaten; een paar minuten werden ze opgehaald voor hun rondleiding.

Ons streven om om 5 uur te stoppen (we gaan meestal om 8 uur ’s ochtends op pad) halen we dus zelden. Laatst waren we wel om 5 uur klaar bij onze bestemming in een diep dal (het ging om de holen in de wand van de kloof), maar na het dal uitgereden te zijn (een half uur) bleek dat we in de hoogte rondom de hele kloof moesten rijden, een rit van 2 uur!
Bovendien rijden we ook vaak op kleine boerenweggetjes, waar soms een deel van is weggespoeld of door andere oorzaak moeilijk en soms ook onmogelijk begaanbaar zijn, eigenlijk meer bedoeld voor 4-wheel-drive, altijd spannend wat we gaan tegenkomen.

Op een ochtend waren we op een plek aangekomen met 2 heel gave Tombi, en een sterk vervallen Tomba, en nog een ander steenmonument. Er kwam een bus schoolkinderen aangereden, ze gedroegen zich heel beschaafd, maar toch wel met enige herrie. Margrete had  lichte hoofdpijn dus wij zorgden ervoor uit de buurt van de kinderen te blijven, het terrein was er ruim genoeg voor, en toen we klaar waren liepen we terug naar onze auto, op hetzelfde moment dat ook zij klaar waren. Nou zijn natuurwezens dol op kinderen, hun speelse onschuld, en onze reiswezens dus ook. En hun leek het wel leuk als wij en die schoolkinderen elkaar ontmoetten, te meer omdat enkele van die kinderen wel interessante reiswezens hadden (dus gereisd hadden) ,en dus lieten zij die groep kinderen op ons afkomen, en allemaal natuurlijk laten horen dat ze wat Engels konden, dus: Where are you from, do you like London, What is the best footballclub, Ajax or Juventus, etc. En een begeleidster die uitvoerig ging vertellen dat zij paleontoloog is, zoiets als onderzoeker van grotten en oude graven.  Nou reiswezens, bedankt hoor! Ja leuk hè, al die kinderen.

Maar gelukkig hebben we ook meevallers, zoals onlangs, toen we doodmoe al een  slaapplaats gekozen hadden, op onze lijst nog een menhir ontdekten met nog maar 1 minuut rijden, “toch nog ff doen dan maar”, maar ‘m na 10 minuten nog niet gevonden hadden, bij toeval het weggetje van onze slaapplaats terugvonden, nog even een stukje doorreden om veilig te kunnen keren, dat Margrete een heel aantal menhirs naast de weg  ontwaarde! En daarnaast een stil weggetje aan de achterkant van het veld met een prima slaapplek!

Ondanks ons volle programma nemen we af en toch wat tijd voor wat toepasselijke lectuur: In “De laatste stap naar bewustzijn”, over contact tussen hemelse en aardse krachten, schrijft Jaap Hiddinga hoe vaak en sterk hemelse wezens op ons inwerken zonder dat we dit ons bewust zijn.

Zo waren we op zoek naar Osono Tomba di Giganti vlakbij Tortoli en het dorpje Triei, we meenden ‘m gevonden te hebben, reden de brede oprit op, rechts naar beneden zoals het bordje aangaf en kwamen terecht op een mooie parkeerplaats waar op 2 plaatsen water uit de berg kwam. Maar geen Tomba (hunebed). Wel wandelpaden verschillende kanten op, zonder bordjes. Ga maar zoeken! Even later kwam er een auto aangereden en de bestuurder vroeg in het Engels of wij de Tomba zochten. “Follow me”, terug naar de oprit bleek daar nog een ander weggetje naar beneden te lopen dat we helemaal niet gezien hadden; zo’n klein verschil had ons een hele zoektocht kunnen kosten! We hadden nog een heel boeiend gesprek met dit jonge stel over deze en andere  megalieten.

Later vertelde Odilia ons dat deze ontmoeting gearrangeerd was door het zeer krachtige lichtwezen van de Tomba; deze had ons “licht” waargenomen en wilde per se door ons gevonden worden omdat ze wist van het Grote Lichtwezen, maar zonder ons niet de verbinding zou kunnen leggen, en had daarom  dit jonge stel doen besluiten ons op te halen! Hier hadden ze zelf natuurlijk geen enkel besef van. Tegelijk ook een mooi voorbeeld van hoe gretig er naar het Grote Lichtwezen verlangd wordt!

Op een ochtend , op een hoogvlakte, arriveerden we bij onze bestemming, een Tomba en de restanten van een iets minder oude tempel. Er liepen overal koeien rond, ook op de weg (we hebben op Corsica en op Sardinië nog geen koeien zonder horens gezien, wat heerlijk voor die dieren hun verbinding met de kosmos te mogen behouden!), een kudde schapen begeleid door een grote witte hond (zo lopen er vele, zonder herder erbij), en even later deed de boer een hek open en kwam er ook nog een kudde geiten tevoorschijn). Onze reiswezens: Wat heeft die boer een saai reiswezen, hij is maar één keer in zijn leven buiten zijn dorp geweest, om de markt in een ander dorp te bezoeken, wat saai zeg! Dan mogen jullie je wel gelukkig prijzen zeg! We zijn toch ook heel tevreden! En helemaal nu, al die waterwezens om ons heen! (Het  begon te regenen). De Tomba lag er trouwens prachtig verzorgd bij, stevig omheind met een trap erover zodat je er toch bij kon komen, en de oude tempel evenzo, maar door een stenen muur omgeven.

Diverse afbeeldingen di Tombi  Di Giganti.

 

 

Reisverslag 6

Lezers gegroet,

Wifi vinden is nog steeds lastig, vandaar dat we flink achterlopen op de realiteit, maar voor het overige loopt onze reis voorspoedig. Hoewel we al 3 dagen in Sardinië zijn, moet ik Corsica nog afsluiten! Deze reisbrief versturen we vanuit het carnaval-maskers-museum in Mamoiada, eindelijk wifi!

Om te beginnen met een opgewekt triest verhaal. Bij Albitreti hebben de wegwerkers 6 of 7 menhirs in de bosjes gekwakt, sommige ervan in brokstukken, wat het precieze aantal  vaststellen lastig maakt. Odilia reageerde natuurlijk geschokt, maar gaf aan dat er toch nog lichtwezens aanwezig waren, en of we maar contact wilden maken. Typisch zo’n plaats waar ze ons nodig heeft, want zelf zou ze hier geen contact kunnen krijgen, de lichtwezens waren zeer afwerend, en zij kan niets afdwingen. Wij mensen zijn met ons verzoek aan natuur- en lichtwezens dwingend, waarom dat zo is weet ik niet, maar dit weten alle natuurwezens, en ze weten dus ook dat hier vaak misbruik van gemaakt is. Sterker zelfs, als wij contact maken, kunnen zij er zich niet van los maken, dat moet van onze kant gebeuren. Als onze reiswezens andere natuurwezens met ons contact laten maken, vertellen ze er altijd bij dat als ze het contact te lang vinden duren, ze dat ons gerust mogen laten weten, normaal zouden ze dat nooit uit zich zelf doen.
Terug naar de “weggegooide” menhirs: Wij maakten contact, hun reactie op verontwaardigde toon: Wat willen jullie?  We vertelden over de terugkeer van het Grote Lichtwezen (Odilia). Te laat! Het heeft geen zin meer! Ik stelde voor dat ze dat samen met Odilia konden bespreken, maar We zijn ons contact met de kosmos kwijt, dat kan alleen als we rechtop staan! We hebben geen enkele functie meer, nooit meer! (in paniekstemming).  Jullie zijn er nog als lichtwezens, met je lichtkracht, en in de moderne tijd kunnen jullie je lichtkracht nog zeker inzetten ook zonder rechtop te staan; wij weten zelfs van lichtwezens die niet eens een steen meer hebben en nog hun taak vervullen. Weet  je dat zeker? Absoluut, zonder enige twijfel , en ga dit verder bespreken met het Grote Lichtwezen, want die kan jullie dat beter uitleggen dan ik, stel je voor haar open en ga het contact aan! Nou,doe dan maar.

Odilia  zal zeker wel dankbaardere contacten hebben aangegaan dan deze, maar wat een dankbare taak om deze lichtwezens uit hun wanhoop te bevrijden!

In Zuid-west Corsica liggen enkele gebieden met een immense hoeveelheid menhirs en dolmens, lichtwezens dus, één zelfs met 258! Het ene complex wat verzorgder dan het ander, maar alle groots. Bij deze wil ik de beelden voor zich laten spreken: (later volgen natuurlijk onze foto’s op de website)                               

Filitosa :  https://nl.wikipedia.org/wiki/Filitosa
Palaggiu: http://www.ilovejourneys.com/palaggiu-corsica/
Plateau van Cauriahttps://www.corsicavakantieinfo.nl/megalieten-en-menhirs-van-cauria/
Cucuruzzu en Capula: https://www.google.co.uk/search?lr=lang_nl&sa=X&tbs=lr:lang_1nl&q=cucuruzzu+capula+site+archeologique&tbm=isch&source=univ&ved=2ahUKEwjXgp-g6bvhAhWKM-wKHR0sD-UQsAR6BAgJEAE&biw=911&bih=417

We waren op Corsica 3 dagen eerder klaar dan gepland, reden naar Bonifacio om de route naar de haven alvast te verkennen, kwamen bij het havenkantoor uit, en vroegen of we misschien al eerder konden oversteken. En ja, we konden over 2 uur al vertrekken! We namen met het ritueel van de hartverbinding dankbaar afscheid van Corsica, waar ondertussen het zomerweer had plaats gemaakt voor kouder weer met prachtig dreigende wolken.

Van deze boot naar Sardinië (1 uur varen) wisten de reiswezens te vertellen dat het bootwezen heel tevreden was en ervan genoot met de stevige wind door de grote golven te klieven; ook dat er al direct na vertrek uit de haven de nodige mensen zich niet lekker voelden, en nog wat later nogal ziek over de reling hingen.
Ondertussen genoten wij van een welverdiende maaltijd, uiteindelijk hebben we Odilia op Corsica met 29 krachtplaatsen en heel veel meer lichtwezens weten te verbinden.

SARDINIE

We waren nog geen 5 minuten van de haven verwijderd of de gps leidde ons een klein weggetje op, de duinen in, en weer 5 minuten later waren we vlakbij onze eerste bestemming. Heel eenvoudig te bereiken, ware het niet dat  er een nieuwe voor ons onneembare muur op het pad was gebouwd en we in de schemering niet verder wilden zoeken. De reiswezens lieten ons weten dat als we het kleine zijpaadje wat verder gevolgd hadden er wel hadden gekomen. Dat was dus voor de volgende ochtend, en inderdaad troffen we er een neolithische settlement (woonplek), met Nuraghe toren en een Tomba Giganti, de typisch Sardeense vorm van een hunebed. Wat een mooi begin van dit deel van onze reis! De verdere dag troffen we in hetzelfde gebied nog 5 bestemming van onze lijst van in totaal 117! De laatste in de vroege schemering, maar ook in hevige plensregen! Pal   ernaast ligt een verlaten fabrieksterrein, met een aantal gebouwen waaronder een heel grote fabriekshal. We konden er zo inrijden zodat we toch droog stonden voor de nacht (verkleden, thee zetten, etc).. De volgende ochtend scheen er alweer een flets zonnetje.

Een paar ons opgevallen aspecten van Sardinië: Lichtwezens allemaal zeer gretig om het Grote Lichtwezen weer te ontmoeten, geen enkel voorbehoud; ook de deva van dit gebied werkt mee het gerucht te verspreiden zodat we geregeld op plaatsen komen waar al geweten wordt dat we er samen met het Grote Lichtwezen aankomen.
Verder: zeer wisselvallig weer; goede wegen; ook midden in natuurparken afvalbakken, maar die worden nooit geleegd; langs de weg nauwelijks afval te vinden; er wordt redelijk rustig gereden (in  Lanusei, een stad met veel heel smalle en steile straatjes stuurde de gps ons een eenrichtingsverkeer straat de verkeerde richting in, we blokkeerden de straat, we werden vriendelijk toegesproken, en er werd ruimte voor ons gemaakt, anders hadden we slingerend achteruit omhoog moeten rijden).

Tot volgende keer,

Hartelijke groet,

Ferry en Margrete

Reisverslag 5

Beste 150 lezers, (want zoveel lezers hebben we)

Vanaf Ajaccio, in het westen, reisden we eerst naar Tavera, een verplaatste menhir. Zou hij nog contact hebben met zijn lichtwezen op zijn oorspronkelijke plaats? Bij de menhir probeerden we contact te krijgen, een contactwezen van het lichtwezen reageerde! Deze was maar al te bereid onze  boodschap aan zijn lichtwezen door te geven, aldus een lichtwezen op een voor ons onbekende plaats verbonden met Odilia!

Noordwaarts langs de kust,  een vrij dunbevolkt gebied. Onze tweede bestemming was bij Monte Lazzu, Casaglione, Tiuccia, een grote rotspartij, kanjers van mooi rond gevormde stenen. We maakten contact met een woordvoerder van de vele daar aanwezige lichtwezens, die razend blij waren het contact met hun Grote Lichtwezen weer terug hebben. Maar onderweg naar deze plek hadden we vlakbij een klein menhir zien staan waarvan we het bestaan niet afwisten, en we wilden toen we bij Monte Lazzu klaar waren  er naar terug rijden, toen Odilia zich liet voelen:  Jullie hoeven niet meer terug naar die menhir waar jullie langs zijn gereden, want hij voelde dat er iets bijzonders gebeurde, en liet dat niet zo maar voorbij gaan, liet zich duidelijk voelen en dat signaal heb ik toen maar zelf opgepakt; ik ben nu dus al met deze verbonden, en hij heeft me laten weten geen verder contact te willen, dus vervolg gewoon jullie reis maar.

’s Avonds kwamen we in Cargèse bij een zgn. statue-menhir, een enigszins gestileerde platte menhir. Aan Odilia gevraagd wat de betekenis daarvan is; in wezen geen, afhankelijk van steensoort en hoeveel tijd de mensen ervoor beschikbaar hebben. Vaak staat op de voorkant nog een wapen en op de achterkant een ruggengraat. Deze heet U Scumunicatu menhir, in de Italiaans/Corsicaanse taal die voor bijna alle megalieten en plaatsnamen gebruikelijk is, en de overwegende spreektaal. In 1993 gevonden, in drie delen, maar gerestaureerd, staat midden op een erf met  zeer ruime parkeerplaats, beveiligd met 4 houten palen eromheen en in een cementen voetstuk. Het Lichtwezen begon zelf het gesprek! Ik wist niet dat ik het nog kon, met mensen praten, wat fijn! Vroeger was dat ook zo, een beetje anders. Ik hoorde jullie praten, en dacht dat wil ik ook. Weet je ook met wie  wij stonden te praten? (aarzelend:)Dat leek het Grote Lichtwezen van vroeger wel!Klopt helemaal, ze is terug. Oh maar dan wil ik haar ook spreken nu. Dat kan, en we gaven nog even kort uitleg over de achtergrond en de steentjes die voor blijvende verbinding konden zorgen. Wat geweldig allemaal, heel heel veel dank, maar ik zou haar heel graag NU willen spreken! Ga ja gang, dag.

Het was al avond en voor overnachting kozen we een plek pal naast een oud leegstaand huis, vanwaar we een prachtig uitzicht hadden over de baai onder ons. De reiswezens: De huisgeest  is blij met jullie, het huis staat al lang leeg, en jullie staan op zijn erf, eindelijk weer mensen. Op het weggetje achter ons was het een drukte van belang. Geen auto’s, maar koeien, met kalfjes, liepen daar onrustig van hun wei naar een huis, heen en weer. Reiswezens: Dat komt door ons, we vonden het leuk om een beetje met ze te dollen, hebben ze heen en weer laten lopen. Vonden ze niet erg hoor, want als ze niet willen dan krijgen wij ze heus niet in beweging.

Overigens loopt er op Corsica vaak vee los op de weg, schapen, geiten, muilezels, paarden, hele families koe met stier en kalveren van diverse jaargangen. Wij hebben ook diverse keren op wandelpaden stieren ontmoet, en heus niet alleen maar jonge, maar ook grote stevige exemplaren. Eenmaal stonden er drie “ons op te wachten” , zo leek het, maar even later liepen ze van ons weg, met dank aan de reiswezens !

We kwamen langs de rode rotsen van Les Calanches nabij Piana. Wij vermoedden ook daar lichtwezens, en vroegen onze reiswezens daar even een kijkje te nemen aan de overkant van de kloof. Moesten ze daarvoor helemaal naar beneden zoeven, of rechtstreeks van top naar top. Door het dal. En op welke hoogte zweven jullie dan? Zo hoog als jij lang bent. Gaan jullie dan ook door bomen heen? Als ze dat goed vinden wel, meestal vinden ze dat goed. Moeten jullie dan per boom op toestemming wachten? Nee, dat zien we ruim van te voren, en het gebeurt bijna nooit dat een boom ’t niet goed vindt. Binnen luttele minuten waren ze terug om te melden dat er inderdaad lichtwezens waren, en hadden dat ook al aan Odilia gemeld.

Bij St. Florent troffen we een prachtige slaapplaats aan de baai (alle vier de campings daar zijn nog gesloten), om de volgende ochtend voor anderhalf uur op pad te gaan naar hunebed en cyste (steenkist) no.2 . Een contactwezen van de vele daar aanwezige lichtwezens had ons horen overleggen met Odilia, en reageerde prompt: Heb ik dat goed gehoord, is ze terug? Ja! Dat hebben we altijd al verwacht, al die tijd gewacht, en nu is ze er! Ach, wat is tijd.(zo’n 3 tot 5000 jaar!)Oh, ze is al in gesprek met sommigen van ons, nu wil ik erbij zijn als mijn lichtwezen contact krijgt, dat wil ik niet missen, dag!

Vandaar naar Kaap Corse, de noordpunt, vol hoge rotsen en heel smalle slingerwegen. Hoe zou dat zomers zijn met campers erbij? Op zoek naar een steenrij op de top van de berg. De gps bracht ons naar het einde van de weg ,heel hoog, en daar stond het begin van de wandelroute duidelijk aangegeven, maar na enige tijd raakten we blijkbaar van ons pad, ondanks google earth, raakten verstrikt tussen bomen en dicht struikgewas en besloten terug te keren. Maar waar liep het pad terug? Ons enige houvast was naar beneden, soms lopend, soms glijdend, en zo waar, we kregen de weg weer in zicht, en eindigden op een steile helling 3 meter boven onze auto. Via een privé tuin vonden we een trap naar de weg. Overleg met de reiswezens: kunnen jullie de richting aangeven naar een lichtwezen bovenop de berg? Ja hoor, dáár! En we konden de steenrij zo zien liggen, en dus ook zo doorgeven aan Odilia. Missie volbracht!

Odilia greep gelijk de gelegenheid aan om ons te vertellen dat onze lichaamswezens niet verder wilden rijden op deze inspannende weggetjes, en het was voor haar ook niet nodig: er zijn in dit rotsige gebied veel lichtwezens en de Deva-van-Corsica kan mij er rondleiden, dus gaan jullie terug en neem je rustl Niet hier verder gaan! En zo reden we terug naar ons bekende plekje aan de baai van St. Florent.

Statue-Menhir Petra Frisgiata, slank, op een beboste heuvel 10 minuten lopen van de weg, er vlakbij is Chapelle Santa Maria gezet, tot verontwaardiging van Odilia: Elke godsdienst heeft recht van bestaan, maar deze kapel is hier speciaal geplaatst om de menhir te ontkrachten, weinig respectvol. Ze heeft van oudsher al een hulpwezen om haar af te schermen van de kapel. Het lichtwezen voelt uitermate vrouwelijk en teer: Ik heb ’t gevoeld, maar durf het niet uit te spreken. Margrete: Het Grote Lichtwezen is terug! Tranen van ontroering. Met jullie spreken doet me aan vroeger terug denken, maar jullie spreken in woorden, vroeger spraken mensen in klanken. Klanken komen vanuit   het hart. Woorden vaak alleen uit het hoofd, dat is geen goede ontwikkeling, maar bij jullie komen ze gelukkig ook uit het hart, dan is het goed. Dank, dank, dank.  

We reden naar Corte, eens de hoofdstad, met een Tempeliersburcht. Ik had een speciale reden om dit stadje aan te doen. De naam Corte, evenals Corse (Corsica) is verwant met Coeur, (Frans) en Cuore(Italiaans), hart. In een moeilijk Duits antroposofisch boek heb ik nl. gelezen dat deze plaats het hart vormt van de geografische driehoek Externsteine, Piramide van Cheops en de Piramiden bij de Azoren (in zee). Meer weet ik er niet meer van, maar leuk er geweest te zijn als ik er thuis meer van opzoek.  We reden verder door het binnenland, deden daar nog diverse megalieten aan om op zondagochtend terug te zijn in Ajaccio, aan de haven voor de boerenmarkt, en kopen er zuurdesembrood (pain au levain) en fruit.

Bij  Pila Canale staan twee statue-menhirs op een verhoging pal aan de weg, een normaal formaat en een kleine, volgens Odilia symbool voor mannelijk en vrouwelijk, en zij zal ze  bescherming tegen  het verkeerslawaai  bieden. Bovendien staat er een voetlamp op de kleine gericht;  verlichting is heel storend voor een lichtwezen; ik leg een kluit aarde op de lamp, zal niet heel  lang werken maar toch. Odilia laat wat later weten dat het gebaar zeer op prijs gesteld wordt.

Bij Pacciunituli staan twee menhirs in twee naast elkaar gelegen velden, en volgens onze informatie zou er ook een restant van een dolmen vlakbij moeten liggen. Het was even zoeken tussen de struiken en onder de bomen, maar er stonden nog twee zij-steunen, de een rechtop, de ander er tegenaan geleund. Odilia gaf aan: Probeer maar contact met ‘m te krijgen, ik kan niet zien of hij dat nog aan kan, anders maak je maar contact met een contactwezen. En bij de menhirs kunnen jullie langs lopen en ze even aanraken, misschien roept dat een reactie op. We kregen een heldere reactie: Ik ben er nog, zolang als het duurt, want het meeste van mij is al verdwenen, nog even en ik ben er helemaal niet meer!Realiteitszin, maar misschien ook zelfonderschatting?  Ik: Je bent nog duidelijk herkenbaar als dolmen hoor, al is er inderdaad veel van je verdwenen. Maar je ligt hier nu rustig en naar mij lijkt ook wel veilig, dus wellicht kun je nog heel lang mee, en we hebben een grote verrassing voor je: het Grote Lichtwezen is terug en kan je dan ook ondersteuning bieden.Ach, wat kan ik nog betekenen? Meer dan je denkt van jezelf, in elk geval heeft het Grote Lichtwezen  alle vertrouwen  in je, maar bespreek dat zelf met haar. Ach, als zij dat wil. Ja, dat wil ze..
 
We gingen terug naar de auto, zaten aan de thee toen Margrete iets merkwaardigs voelde. Ik reageerde direct: Wil je contact?  Ja, als dat kan. Welkom, met wie of wat hebben we te doen? Ik ben het contactwezen van de menhirs, dit doe ik normaal nooit, zeker niet in een auto, daar ben ik nog nooit in geweest, heel eng! Margrete zette de deur voor haar open. Dat voelt minder benauwd, eigenlijk ben ik door die jongens van jullie naar binnen gestuurd, ze zeiden dat ik met jullie kon praten. Mijn lichtwezens wilden eerst geen contact, maar ze hoorden dat  bij het dolmen het Grote Lichtwezen terug is, nu willen ze ook contact met haar! We legden uit dat dit heel eenvoudig geregeld kon worden; daarna vroeg het contactwezen nog over het lekkers waarover ze de jongens had horen spreken. Dat beloofden we neer te leggen voordat we zouden vertrekken (honing, rode wijn, chocola en tabak). Dan ga ik nu snel terug naar mijn lichtwezen, want ik wil erbij zijn als het Grote Lichtwezen komt. Nog heel veel dank, dag.

We hebben op Corsica ook nog enkele megalieten-complexen bezocht, waarvan één met maar liefst 258 menhirs; daarover meer de volgende keer.

Voor nu een aprilgroet met wat bewolking en een heftige regenbui,

Ferry en Margrete

Reisverslag 4, naar Corsica

Lieve lezeressen en lezers,

Vanuit Toulon vertrekt de in fris geel gestoken veerboot, met personeel in dezelfde tinten gekleed. Ach, het is voorjaar en Pasen nadert, hoewel zwart de kleur van de lijdenstijd is en o.i. ook beter past bij de sfeer die het personeel uitstraalt. We hadden een cabine voor vier personen geboekt, aannemend dat zo vroeg in het seizoen we met z’n tweeën zouden blijven, wat een juist inschatting  bleek. We moesten echter wel een kwartier wachten voor er iemand kwam met de sleutels, geen ramp, maar wel een teken aan de wand.  Bij het manoeuvreren in de haven maakte het schip enorme herrie, je verstond elkaar bijna niet meer, en tijdens het varen op zee leek het wel of onze hut boven de machinekamer lag. Maar goed, het werkt eentonig, en dan slaap je er wel doorheen. Midden in de nacht werd ik wakker, ik hoorde de motoren niet meer. Blijkbaar hadden ze tijd over, gebeurt wel vaker met nachtreizen weet ik uit ervaring, dus ik sliep rustig verder.  Margrete’s beleving was echter heel anders, aan haar wand grensde de trap tot de machine/besturings-kamer, en daar werd druk gelopen  en gepraat, dus zij had duidelijk de indruk dat er iets aan de hand was en werd ook stevig verstoord in haar slaap. Bij de verwachte aankomsttijd van zeven uur was er nog geen land in zicht, er was nog niet omgeroepen voor het ontbijt, maar er werd ook niets gecommuniceerd over vertraging. Ik naar de receptie, maar ik kon de receptioniste niet verstaan, vroeg dus of ze misschien ook Engels sprak, waarop ze reageerde met : I am speaking English to you! Nou ja zeg! Om acht uur werd er omgeroepen dat er vertraging was en dat we om negen uur zouden aankomen, wat uiteindelijk half tien bleek te worden.

Ik vroeg onze reiswezens naar het bootwezen. Er zijn heel veel soorten bootwezens, en ze zijn blij dat ze heel vaak varen, maar de sfeerwezens hebben het helemaal niet naar hun zin, het personeel is heel ontevreden. En het opper-bootwezen? Ja die vaart ook graag veel, maar is heel ontevreden over het onderhoud, want dit is al de zoveelste keer dat er storing is, het zit bij iets dat lijkt op een computer en is al heel oud, en had al lang vervangen moeten zijn, vindt hij.  En we zijn ook enkele keren langs geweest bij de auto, het autowezen heeft een hulpwezen gekregen en  zit in een soort van bubbel zodat ie helemaal niets merkt van de reis, hoewel hij ’t al veel beter vond dan andere keren want hij heeft veel ruimte om zich heen. Hij maakt ’t dus redelijk goed maar we konden niet echt bij ‘m komen. Gebeurt dat bij alle auto’s? Nee, alleen bij die van jullie en nog één, maar als je daar meer over wilt weten moet je dat aan Odilia vragen, meer weten we niet.

Odilia’s uitleg hierover: Als een eigenaar heel persoonlijk omgaat met zijn auto, en ‘m niet alleen maar als ding beschouwt, dan wordt wat je de ziel van het autowezen zou kunnen noemen gewekt en wordt die dus gevoeliger. Voor jullie auto heb ik dat aangevraagd, van die andere weet ik dat niet. Maar dit soort hulpwezens zijn er ook voor mensen hoor, soms zijn er mensen die het heel moeilijk hebben aan boord en die krijgen dan ook hulp, zodat hun lijden verzacht wordt, en er zijn ook veel honden en een paar katten aan boord, die krijgen ook allemaal bescherming om minder last van de reis te hebben.

En zo arriveerden we dus nog voor tien uur in Ajaccio, met 27 graden en zon, maar midden op de dag ruim boven de 30, en ontdekten we dat Corsica veel slingerwegen heeft vanwege de vele bergen, goed onderhouden wegen overigens, dat de temperatuur snel afneemt naarmate je hoger  komt, ook omdat er vaak een koude zeewind is. We zijn een paar keer op hooggelegen plaatsen geweest waar nog sneeuw in de bermen lag. En nog een bijzondere beleving met de lichtwezens, vaak als we nog in gesprek met Odilia zijn over het plan van aanpak, kan zij haar verhaal niet afmaken maar dringt het lichtwezen van de dolmen of menhir zich op aan Margrete, zo gretig en ongeduldig zijn er vele, die dan meestal reageren met: Heb ik het goed gehoord, is ze terug, zo maar ineens, is ze het echt? Als ik dan met ja reageer, dan willen ze zo snel mogelijk klaar zijn met ons, verontschuldigen zich daarvoor wel, met oprechte dankbetuiging, maar: Ik heb al zo lang gewacht, ik wil NU contact, NU!! Heel ontroerend. Hiermee in tegenstelling is wel dat dolmens of menhirs zelden met bordjes langs de weg staan aangegeven. Eigenlijk hebben we pas drie maal een aanwijzing gezien, waarvan één bij Tizzano, maar dat is wel een commercieel megalietenpark met 9 euro entree (overigens wel alleszins waard, magnifiek!). Je moet ze dus wel weten te vinden! Misschien om ze verborgen te houden voor de massa’s toeristen?

Tot nu toe hebben we nog maar één tegenwerkende ervaring met de lichtwezens opgedaan. Aan het einde van een middag zochten we het Pietra Rossa Dolmen op, en we waren van plan daar ook te blijven overnachten. Het staat weliswaar op een privé stuk grond, maar zeer ruim land, het hek stond open en we reden alleen op het beginstuk waarvan we konden zien dat er vaak over gereden was. En het was ook heel mooi gelegen, nog heerlijk in de zon met een weids uitzicht op de heuvelrug met daarop enkele steenformaties; het dolmen misschien, want de gps wees wel ongeveer die richting op. We vroegen de reiswezens daar polshoogte te gaan nemen, maar die kwamen terug met de boodschap dat ze daar geen contact konden krijgen, het gebied leek wel afgeschermd met een soort van bubbel. Merkwaardig  dat ook google earth meldde: geen verbinding, en Margrete’s camera weigerde ook dienst, alleen toen en daar.
Odilia om raad gevraagd: Wat er precies speelt weet ik nog niet, ik ben samen met de Deva-van-Corsica op onderzoek gegaan, maar wij  krijgen er ook geen toegang, integendeel, er gaat van daar uit een heel sterke tegenwerking uit, ik raad jullie aan hier niet te blijven overnachten en er nu snel te vertrekken voordat jullie eventueel schade aan je apparatuur oplopen. Geen hartverbinding, wel steentjes mee en een steen achter laten. Voor mij is het niet zo vervelend, want die sterke tegenwerking betekent dat er veel energie is, zodat deze plek voor mij makkelijk te bereiken is, en ik heb de tijd, ik laat geregeld even mijn neus zien (om in jullie termen te spreken), hij draait heus wel eens bij, en zo’n sterke kan ik goed gebruiken. 

Wordt vervolgd.
Tot binnenkort,

Ferry en Margrete

P.S. Het is behoorlijk lastig mail te versturen, alleen sommige restaurants in de stadscentra zijn in bedrijf, langs de weg zijn ze nog allemaal gesloten, en dan moeten ze nog wifi hebben, echt niet standaard hier!

Reisverslag 3

Lieve lees-reisgenoten,

De goden zijn ons gunstig gezind, of noem je het liever gunstig toeval? De coördinaten volgend voor Puades Dolmen in Saint Cezaire-sur-Siagne, niet ver van Grasse, komen we weer eens in een villawijkje terecht, de onderste reuze villa op de heuvel; het hek staat gelukkig open, want op het steile en smalle aanrij-pad is het lastig draaien, dus maar gelijk de ruime parkeerplaats op, waar geen auto staat, dus wellicht niemand thuis? Niet in de eerste 2 ruimtes, maar van verderop klinkt mooie piano-muziek (impromptu van Schubert). Ik tik een paar keer op de glazen deur voordat ze me hoort, de deur voor me opent en mijn stuntelig Frans hoort, vraagt of ik ook Engels spreek, ze blijkt zelf Amerikaanse!  En of ze van het dolmen weet?  It ’s on my property!  I’ll show you the way because it’s not so easy to be found! Ik haal snel Margrete erbij, en we lopen zo’n  10 minuten achter Catherine  aan, ze laat ons een doorgang in een muur zien en zegt:  Just follow the path, you can’t miss it, take your time, and when you ’re finished knock on my door again for a cold beer! Dit was ook werkelijk de enige manier om bij het dolmen te komen! Het Lichtwezen was natuurlijk blij de verbinding met Odilia terug te krijgen, en vertelde dat ie ’t daar prima naar z’n zin had, de bewoonster geregeld langs kwam met bezoekers, maar hem nooit aansprak, dat miste ie wel. We hebben ‘m verteld dat we deze wens van ‘m zouden doorgeven. Catherine was maar al te bereid aan zijn wens te voldoen, had een Noorse vader die veel verhalen over natuurwezens kende, en Ierse voorouders die vertrouwd waren met the Little People. Ze keek er dus niet vreemd van op.

Vlak voor het volgende dorp Saint-Vallier-de-Thiey, nog geen 5 km verder, ligt het Degoutay Dolmen, maar bij onze informatie van Megalithic Portal staat erbij dat de coördinaten niet nauwkeurig zijn. We zien het niet, nergens langs de aangegeven weg, de D5. Er naast loopt een pad langs landerijtjes waar ik een man aan het werk zie. Of ik het landje naast het zijne wil kopen? Komt U daarvoor? Nee, ik zoek hier in de buurt een dolmen! Oh, loop maar mee, dat is vlakbij. En inderdaad, weer op iemands ander landje ligt een dolmen. De man zelf blijkt van oorsprong Tunesisch te zijn, getrouwd met une Frau uit Colmar, Elzas, zij is dus 2-talig, en hij laat ook wat Duitse woorden horen, die wij natuurlijk ook wel kennen, net als Museum Unter der Linden! Met het Lichtwezen van het dolmen zijn we snel klaar, of misschien beter gezegd: hij met ons, we hoeven ‘m niets uit te leggen, hij is verbonden met het Puades Dolmen en weet al precies wat wij komen doen. Dat is het werk van contactwezens .

En over hulp gesproken: nabij Collias ligt langs de D112 naar Souhilac de menhir La Pierre Bamboch 1  pal aan de weg, heeft dus veel last van de auto’s en is zeer verzwakt. Odilia kan overdag geen contact met ‘m krijgen vanwege het verkeerslawaai, en zegt   ’s nachts wel terug te komen bij ‘m. De volgende dag laat ze ons weten in de nacht goed contact met ‘m te hebben gehad, het lichtwezen zou nog graag willen blijven hoewel hij zo ernstig verzwakt niet veel kan doen. Odilia heeft ‘m een hulpwezen gestuurd die voor hem het verkeerslawaai afschermt, en de heel krachtige Menhir Champduy in de wijngaard verderop heeft ‘m toegezegd enkele van zijn contactwezens te sturen om ‘m te ondersteunen in de vorm van extra lichtkracht. Hij is daar heel blij mee.

Alweer op Megalithic Portal een wat vaag en vreemd verhaal over iemand die een menhir in zijn voortuin zou hebben neergezet, omdat het dreigde verloren te gaan bij de aanleg van een weg. Dit zou ook in Collias zijn, er stond een straatnaam bij, maar die bestaat daar niet, maar op de coördinaten afgaand kwamen we wel in een klein straatje terecht, waar een bewoner ons bezwoer dat daar niemand een menhir in zijn tuin had. Erg verbaasd waren we niet, en evenmin teleurgesteld; als we al niet in de buurt waren geweest hadden we deze moeite zeker niet genomen. Maar ondertussen waren onze reiswezens ook gaan helpen mee zoeken, tevergeefs ook, maar kwamen wel met een zwervend contactwezen aanzetten, dat zijn eigen lichtwezen van een menhir kwijt was. Odilia ingeschakeld. Erbij verteld dat op zo’n 25 m van Bamboch 1 ooit een Bambosch 2 had gestaan, waarvan alleen nog een paar brokstukken onder wat struiken moesten liggen. Wellicht was er een verband? Odilia vond het een vreemd verhaal, want, zo vertelde zij, als een natuurwezen zijn taak kwijt is, is het de taak van de Deva-van-het-gebied om dit natuurwezen terug te nemen. Odilia ging dus polshoogte nemen bij deze deva. De Deva-van-het-gebied wist van niets, maar ging wel haar contactwezens duidelijk instrueren dat ze in zo’n geval haar moesten informeren, dit mocht niet meer gebeuren! Ook had ze dit thuisloze contactwezen aangesproken, het bleek een heel krachtige, blijkbaar ooit toebehoord aan een heel krachtig lichtwezen, en wilde niet teruggenomen worden maar in functie blijven. In onderling overleg tussen de Deva-van-het-gebied, Menhir Bamboch 1 en  Menhir Champduy werd gezocht naar een oplossing om hem toe te voegen aan Menhir Bamboch 1.

Nog zo’n mirakel, la Pierre des Druides in Saint Alexandre, nabij Pont Saint Esprit. Daar zou een menhir moeten staan, maar we troffen alleen maar 3 spiksplinternieuwe villa’s, met nog restanten van  bouwmaterialen en tuinen nog in aanleg. Niemand aanwezig om iets te vragen. We liepen al terug naar de auto om te vertrekken, kwam er net een auto aan. Snel de man ervan aangesproken, die wees me naar een “restantje” bos, precies waar je zou denken dat ze er nog een vierde villa gaan bouwen. Nog was het even zoeken, maar inderdaad tussen de bomen stond een bescheiden formaat menhir. Odilia gaf aan dat het een heel oude betrof, en dat ie zich zeer bedreigd voelde over zijn bestaan.  We mochten ‘m niet aanspreken, mochten alleen de hartverbinding doen, en gelukkig hadden onze reiswezens ook al aangevoeld dat ze hier heel terughoudend moesten zijn. Odilia wilde ‘m eerst hulpwezens sturen ter versterking, en dan verder afwachten, want ook zij nam in het licht waar dat er een reële dreiging in de lucht hing. Wie of wat had de man in de auto net op tijd laten komen, of alweer gunstig toeval?

En zo sluiten we de Provence af, met 35 nieuwe krachtplaatsen voor Odilia erbij (1 hebben we niet kunnen vinden, misschien verdwenen, of onjuiste gegevens?) , en waarvan enkele met veel lichtwezens!
Oh ja, één nacht kregen we regen, Heerlijk spelen met al die waterwezens, reageerden onze reiswezens; verder een en al ongewoon mooi zomerweer in maart.

Maartse zonnegroet,

Ferry en Margrete

Reisverslag 2

Hierbij deel 1 van de Provence, deel 2 volgt spoedig, want we willen inlopen op de realiteit die ons al naar Corsica heeft gebracht!
Van alle volgende 35 wil ik er enkele uitlichten:

Het Aven Marzal hunebed bij St Remèze staat in een soort van pretperk vol dino’s en ander vermaak. Het park was nog niet geopend, maar er stond wel een hek open omdat ze er aan het werk waren. Keurig toestemming gevraagd of we foto’s mochten maken, en dat mocht. Overigens had ik al een plek gevonden waar ik over het hek geklommen zou zijn, maar voor Margrete met haar been-blessures zou dat niet gekund hebben. Het lichtwezen was er triest aan toe, als attractie voor massa’s matig geïnteresseerde toeristen, maar met mensen  echt te kunnen spreken zoals heel vroeger, deed ‘m opveren, en  weer verbonden worden met het Grote-Lichtwezen- van-vroeger (Odilia) deed hem helemaal opleven; bovendien zou Odilia hem hulpwezens ter ondersteuning sturen.

Een groep krachtplaatsen lag in de indrukwekkende Gorge d’Ardeche, nl. de holen in de wand van de canyon. Maar hoe moesten we daar bij komen? De reiswezens! Die konden daar wel even heen zoeven, en zo kon Odilia ze dus ook vinden!  En natuurlijk hebben we nog een tochtje langs de kloof gereden, en er gepauzeerd, in  zon en 25 graden, prachtige bloesems van fruitbomen  en bloeiende  bloemen om ons heen, o.a. wilde lavendel, sterk geurende meidoorn, brem en nagenoeg uitgebloeide mimosa. Later zouden we ook nog de bloeiende lavendel velden passeren.

Midden op de dag kwamen we bij de parkeerplaats voor de Grosse Pierre in een natuurpark. Er stond duidelijk aangegeven dat de parkeerplaats om 5 uur zou sluiten, dus niet verdwalen! De route van 3 km stond in het begin duidelijk aangegeven, maar ergens midden in het bos werd het onduidelijk. Ja hoor, een half uur later bleek dat we verkeerd zaten. Dus weer terug, het juiste pad opzoeken, en dat bij 25 graden felle zon, en volop eikenbomen waar kleine rupsjes zich aan dunne draadjes naar beneden lieten zakken; kleren en haren vol rupsjes, en steeds al die draden in je gezicht! Maar de Grosse Pierre vonden we wel! Bijzonder dat op de plek waar er een kruis in ‘m was gekerfd, op de foto een orb vertoonde! Odilia verklaarde later: dat is een hulpwezen om zijn pijn te verlichten. In hetzelfde bos bevond zich ook nog een hunebed, en heel merkwaardig, Margrete wist heel zeker welke route we moesten volgen. Zelf gaf ze al aan: het lijkt of ik gestuurd word! Eenmaal bij het hunebed aangekomen vertelde Odilia dat de Grosse Pierre een van zijn contactwezens had meegestuurd opdat wij het hunebed zouden vinden, want die  twee voelen zich sterk met elkaar verbonden. Vandaar uit was de parkeerplaats makkelijk te bereiken, dus we waren nog ruim op tijd, en 2 lichtwezens voor Odilia gevonden! En verder rust voor Margrete’s benen!

In het natuurpark Les Concluses, het Einde van de Wereld, heel vrij vertaald. Eerst een kwartier lang over een slingerweg door een bos, zonder zijwegen of huizen, aan het einde een parkeerplaats waar verscheidene wandelroutes beginnen, we kwamen er om 5 uur aan, de wandelroute naar La Pierre Plantée, een menhir van 6 m hoog, is 3,5 km, en van de laatste parkeerders daar hoorden we dat het echt een zware wandeling was. De volgende ochtend om 7 uur begonnen, ook om de hete zon voor te zijn, nou, het was me toch een klauterpartij, vooral voor Margrete een eigenlijk te zware opgave, maar we wilden beiden de grote menhir ontmoeten en met Odilia verbinden; het werd anderhalf uur heen, en idem terug, maar het is ons gelukt! Wel een hele dag flinke kniepijn voor Margrete, maar geen spijt.  Bovendien een magnifieke omgeving, hoge rotsen, diepe kloven, in de diepte het riviertje over, en diverse roofvogels gezien.

In Baux deProvence bezoek aan Carrière des lumières, een immens grote mergelgroeve waar op alle wanden, afhankelijk van je positie,  soms wel  8 tegelijk, ook immens grote bewegende projecties van schilderijen van Van Gogh en andere kleurrijke schilders. We kwamen er aan om kwart over vier, wisten niet hoe laat het zou sluiten, wilden dus snel parkeren, maar allebei de parkeerterreinen vol! Toch maar tot vlakbij de ingang gereden, er vertrokken drie auto’s tegelijk, twee waren me voor, maar de derde plaats kon ik innemen. Uiteindelijk bleek het tot zes uur open te zijn, maar de kassa’s sloten wel om vijf uur. Wat een fantastisch schouwspel, natuurlijk begeleid door nogal indringende muziek. En de reiswezens? Natuurwezens kunnen alleen echte, reële beelden en klanken waarnemen, dus geen mechanische muziek (cd), en geen dia-beelden. Saai voor ze? Geenszins! Er liepen wel honderden mensen rond in de immense ruimtes, en al die mensen met reiswezens, en vele heel interessante, want afkomstig van heel ver, heerlijk informatie uitwisselen, hun eigenlijke taak. En ze konden genieten van de kinderen, die daar heerlijk aan het rondrennen waren, sommigen de geprojecteerde beelden achterna jagend.

Tot zover deel 1, met alle dagen zon en 25 graden, zeer naar onze zin!

Zonnige groet,

Ferry en Margrete