Reisverslag 4

REISBRIEF 4
Aan de overkant van dezelfde parkeerplaats, bij een agriturismo omhoog voor Bric-le-Pile, Sanguineto, maar google-maps wil ons nog bijna 4 km steil omhoog laten lopen. Dan eerst maar even vragen bij de agriturismo, de mensen hebben er nog nooit van gehoord en weten ook van geen dolmen daar omhoog. Dochterlief belt nog naar vriendje Thomas, die beter Engels spreekt, maar weet er ook geen dolmen. Overleg met Odilia die met de deva op zoek gaat. Even later bericht dat ze daar hoog iets heel ouds hebben gevonden, reeds lang ver weggezakt, maar voor ons beslist onbereikbaar; ze heeft twijfels of het gaat lukken deze nog tot leven te roepen, maar geeft de hoop niet op al zal dit zeker veel tijd vergen. Wij kunnen verder gaan en deze plek los laten.
De volgende in Ligurië (de regio west van Genua), hoog boven Arma Strapatente, nabij Orco-Feglino, eigenlijk de achterkant van de berg van de vorige plek, een bijna volle parkeerplaats, veel bergbeklimmers. In de rotswand gaten, grotten misschien, waar de neolieten hun opbaringen / voorouder-inwijdingen lieten plaats vinden, voor ons moeilijk voor te stellen in zo’n hoge rotswand. Maar liep er 5000 jaar geleden wellicht een pad, nu weggespoeld door de rivier? In elk geval kunnen wij er niet bij, maar Odilia en de deva aldaar welzeker. De ceremonie met de steentjes, de hartverbinding en het lekkers voor de natuurwezens (honing, chocola, tabak en rode wijn) doen we bij de parkeerplaats.
Op naar Alpicella, Ceresa, ook in de bergen, maar met de auto konden we niet verder. Er was daar een man aan het werk, die vertelde ons nog een kwartiertje verder te lopen. En verderop lagen er grote stenen langs het pad. Restanten van dolmens? Aan de reiswezens gevraagd of ze er lichtwezens konden waarnemen. Nee, niets! Nog verder lopen? We besloten tot overleg met Odilia die vertelde dat de stenen daar inderdaad restanten van hunebedden zijn maar nog wel met lichtwezens, alleen waren die zo ver weggezakt dat ze voor de reiswezens niet meer waarneembaar waren. Geen contact maken, maar alleen de hartverbinding om ze heel zachtjes terug te roepen, maar verder met rust laten; wel steentjes en lekkers, en dat laatste om de natuurwezens die met hun betrokken zijn aan te moedigen ze te blijven ondersteunen. De reiswezens nu hadden het idee dat ze iets fout hadden gedaan, maar we hebben ze er stevig van overtuigd dat dit beslist niet het geval was en dat we hen absoluut niets verweten. Terug naar de bewoonde wereld, Varazze aan de kust, in de Coop genoten van een heerlijke warme maaltijd.
Dan weer de bergen in, naar Monte Beigua nabij Alpicella, een 100 m lang pad, Strada Megalitica langs de Bric Grippina Heuvel, er schijnt ook een fontein te zijn. Maar het liep anders: op 3,3 km afstand van deze bestemming geeft mijn gps aan rechtdoor te rijden; de weg houdt echter plotseling op, voor ons staat een huis met smalle voortuin, en daarvoor een grote diepte. Ondertussen sta ik op een kleine parkeerplaats waar geen ruimte is om te draaien, de weg achter me loopt naar beneden, dus niet te zien in mijn spiegel. Ik verken de parkeerplaats van het huis achter me, waar ook zonder drempel een grote diepte aan grenst, kies voor een veilige draai maar er is wel hoogteverschil tussen de weg en de parkeerplaats. Ik schat in dat mijn bumper het wel haalt, maar helaas, de linker hoek scheurt los. Ik kan er wel mee rijden en weer beneden in Varazze zoek ik reparatie voor de bumper. Drie garages later vind ik eindelijk ergens achteraf een carrosserie-bedrijf. Het is half zes vrijdagmiddag, de man begint direct aan mijn bumper en om zes uur zit ie weer vast. Aan de man’s inzet kun je merken dat hij zijn werk met liefde en toewijding doet. De reiswezens hadden dit ook waargenomen (konden ze zien aan zijn licht!) en waren ervan onder de indruk “bijna had hij de auto gezoend, zo toegewijd was hij”. Wat een bof,nog voor het weekend weer in orde. Odilia: daar hebben wij hard aan meegewerkt, ook in ons eigen belang! Monte Beigua hebben we verder maar gelaten, spijtig voor Odilia.
Menhir Clan da Munega (= nonnenveld) in Sant’Ambrogio staat op een heuveltje hoog boven de snelweg en aan de andere kant is dit een nogal achteraf gelegen onopvallende verhoging langs een stille weg en ook nog achter een hek vanwaar wij ‘m benaderen. Hij heeft een weids uitzicht over de Golf van Ligurië aan de ene kant en op een berg aan de land-kant. Odilia is zeer bezorgd over de herrie en vraagt ons alleen de hartverbinding te doen, de steentjes en het lekkers. Als ze uitgesproken is zegt ze: Ach, probeer toch maar contact te maken, wie weet lukt ’t wel. En of het lukt! Hij is sterk en helder aanwezig, de herrie vindt ie inderdaad zeer storend maar hij geniet van zijn uitzicht, fijn voor zijn werking. Hij heeft vragen over hoe wij ‘m gevonden hebben en van ‘m af weten, vindt het idee van Odilia om vannacht langs te komen voor contact als het wat stiller is prima, maar voegt er even later aan toe: Ach, ik ben toch wel heel nieuwsgierig, laat ze zich nu maar vast een beetje zien, dan weet ik zeker dat jullie hetzelfde Grote Lichtwezen bedoelen als ik; het is op zich al bijzonder dat jullie met deze boodschap komen, maar ik heb graag zekerheid. En heel veel dank.
Faiallo Menhirs, (Faie = fee) de laatste in Ligurië, ver weg in de bergen, al een aardig eind richting Genua, geeft prachtige vergezichten over bergen en later ook een stadje aan zee, laat op de avond met veel verlichting in het verder donkere landschap en de zee, letterlijk en figuurlijk schitterend! We kijken uit op een diep dal en hoge berg, ergens in dat dal staan de menhirs; we zien alleen maar bomen, niet eens een pad. Gelukkig geeft Odilia al spoedig aan daar m.b.v. de deva wel enige lichtwezens te kunnen bespeuren, de steen kunnen we het dal in werpen. Vlakbij ligt er een beschut picknickveldje, dat wordt onze overnachtingsplaats.
De reiswezens klagen een beetje dat ze een heel saaie dag hebben gehad en wel zin hebben in een feestje, hebben we er bezwaar tegen? Als wij maar rustig kunnen slapen! Ze hebben ook al overlegd met het autowezen en die heeft er geen bezwaar tegen. Ze gaan veel wezens uitnodigen om te laten zien wat een rare wezens wij mensen zijn. Ik ging eerst aan ons reisverslag schrijven, Margrete haar boek lezen; de auto vulde zich voelbaar. Bij ons avond-contact met Odilia merkte ze direct op dat we een volle auto hadden. Eenmaal in bed besloot ik een grapje met de wezens uit te halen en begon hardop tegen ze te praten: hebben jullie het naar je zin? Margrete kent het spel natuurlijk, en pakte direct haar rol als representant op en maakte een klein geluidje. Ik: Hé jij daar, jij die reageerde, hebben we contact? (en daarmee heb ik ‘m dus gevangen, en moest ie dus reageren: (met een piepstemmetje) Nee. Ik: Jawel, ik hoorde je. Kom jij hier uit de omgeving? (alweer heel pieperig) Ja. Heb je ooit eerder met mensen gesproken? Nee. Ik: Leuk? Nee! Je doet ’t wel. Nee! Ja hoor, ben jij soms een plantenwezen? Ja. Plantjes hier in het veld? Ja. Ook bloempjes? Ja. Eén bloem of meer? Meer. Gaat ’t dan wel goed met ze als jij hier nu in de auto bent? Doe ik met anderen samen. Vind je het nog steeds eng met ons te praten? Ja! Ben je bang dt we je lang vasthouden? Ja! Doen we niet hoor, zullen we je nu laten gaan? Ja! Zo gezegd, zo gedaan. Het was ondertussen een stuk leger in de auto. Tot onze verrassing kregen we nog een vrijwillige aanmelding voor een gesprek, van een boomverzorgerwezen: Ik ben wel nieuwsgierig om met jullie te praten, en zij (de reiswezens) zeiden dat ik het kon, wil ik wel ’s ervaren. Wat leuk, welkom. Heb je net het gesprek met het plantwezen gehoord? Ja. En gerustgesteld dat we je op tijd vrij laten? Ja. Mogen wij jou wat vragen? Goed. Ben jij het wezen van één boom? Nee natuurlijk niet want dan had ik niet weg gekund. Dus jij gaat over meer bomen? Zo’n beetje het hele terrein hier. En kun je dan wel weg? We zijn met meer, ik ben om zo te zeggen het opperboomwezen. En ga je over verschillende soorten bomen? Ik snap je niet. Er zijn b.v. toch loof- en naaldbomen? Weet niet waar je het over hebt, bomen zijn bomen, ieder heeft zijn eigen licht. Ga je dan ook over de sapstromen in de bomen? Natuurlijk, anders gaan ze dood. Sapstromen naar boven en naar beneden? Vanzelfsprekend, allebei zijn nodig. Ben je tevreden met je gebied. Heel tevreden, is mijn taak, zorg goed voor ze. Hoe vin je het nu met ons te praten? Raar, wel grappig, en ik vind het nu wel genoeg. Dan laat ik je nu gaan, nog welbedankt. Ja, dag.
Ik wilde nog wel iets weten van de reiswezens. Als ze intensief met hun taak zijn bezig geweest, met het voor hen onbekende lichtkleuren overnemen van andere reiswezens, wat met name heel intensief gebeurt in een groot en vol theater, waar de beweeglijke reiswezens vooraan in de zaal samenkomen om zo efficiënt mogelijk uit te wisselen, en als er dan nog tijd over is de rijen afgaan met reiswezens die nog bij hun “eigenaar” geplakt zitten, dan zijn ze echt wel aan het eind van hun latijn, en kunnen ze de hele nacht bezig zijn met “poetsen”, d.w.z. alle vreemde lichttinten een plaats geven (ongeveer zoals wij mensen heftige emoties een plaats kunnen geven). Ik wilde weten of ze dit poetsen na hun feestje ook nodig hadden. Natuurlijk niet, dit was toch niet onze taak, was alleen maar voor het plezier! Duidelijk antwoord zou je zeggen, maar besef wel dat ze hun taak ook alleen maar als plezierig ervaren. Maar goed, blijkbaar was er voor hun dit verschil toch duidelijk.
De reiswezens hadden nog wel een vraag aan Margrete: Jij hebt vandaag je bewegingen (heil-euritmie) nog niet gedaan, ga je die nu nog doen? Nee, is er niet van gekomen vandaag, en nu te laat, morgen weer, maar vanwaar deze vraag? Vinden we mooi, vooral omdat er veel bijzondere wezens op af komen, die je daarmee creëert, mooi om te zien. (M.a.w. het ging ze niet om de oefening zelf, maar wat deze voor uitwerking had op andere natuurwezens; bijzonder om te vernemen!)

De volgende ochtend start de auto niet. Vreemd, ik heb pas een nieuwe accu, het is er niet vochtig, en niet zo heel hoog in de bergen. Misschien doordat het autowezen gisteren zo van slag was? Ik pak de accu-kabels, en ik heb ze nog niet aangesloten of er stopt een auto langs de weg; de 2 inzittenden eten er even hun broodje. Ik vraag hun hulp in en het starten is in een mum van tijd gebeurd. Gunstig toeval? Odilia liet weten van niet; we konden toch wel een beetje hulp gebruiken? Was zo geregeld. Waarvoor onze dank!
Hiervandaan een lang stuk verder rijden, tot bij Toscane, maar eerst voorbij Genua. Zouden we te maken krijgen met de ellende rondom het ingestorte viaduct? Ja, ineens moest al het verkeer de tolweg verlaten om er aan de andere kant weer op te moeten, en dan waren er vele afslagen, maar Siena of Rome stonden er niet bij, de gps wist het hier natuurlijk ook niet meer. Om eindeloos heen en weer rijden te vermijden kozen we voor de binnensteedse route naar het zuiden, zonder tol maar met veel verkeerslichten; in elk geval functioneerde hier de gps, en waarschijnlijk omdat het zaterdag was viel het nog mee met de drukte. Langs de kust, mooie boulevard, blauwe hemel vol met ruiten van chemtrails en aan de zuidkant van de stad zochten we de tolweg weer op. Nu even geen bestemmingen voor Odilia maar voor eigen genoegen. Je zou geneigd zijn te denken aan prachtige steden (met musea) als Florence en Siena, maar omdat we zoveel in contact zijn geweest met de hoge trillingen van de lichtwezens zouden onze chakra’s veel te open zijn voor de drukte van steden; we zouden in mum van tijd heel uitgeput zijn en dagen nodig kunnen hebben om weer op te laden. Is ons één keer overkomen, maar niet weer!
Wordt ook weer vervolgd, dus tot later.
Ferry en Margrete

reisverslag 3

1 oktober. Aan de Italiaanse kant van de Simplonpas is de hemel bewolkt, en ’s nachts begint en blijft het regenen; pas in de loop van de middag klaart het volledig op.
In de streek Piemonte, naar het plaatsje Druogno, naar een kerk! Deze staat waarschijnlijk op een heidens (neolitisch) heiligdom, waar wij niet bij kunnen komen (de reiswezens vertellen dat er geen crypt is, en bovendien is de deur op slot), maar er is volgens onze informatie wel ergens een hoeksteen uit het oude heiligdom aan de buitenkant te zien, ook herkenbaar aan zgn. cupmarks / napjes, en waarin, ze konden het niet laten, dan toch wel een christelijk kruis is gekerfd. Odilia vraagt ons daar de hartverbinding te doen, en de steentjes te rapen, maar geen contact te maken, het lichtwezen is te ver weg gezakt, maar nog wel aanwezig; contact maken zou te abrupt zijn.

Aan de zuidkant van Lago di Varese, in de regio Lombardije ligt necropolis Golasecco, de ingang ligt pal onder het viaduct van een snelweg aan de SP 27 Viale Europa, maar het terrein ligt 500 m verderop in het bos: 2 steencirkels en 2 steenkisten. Odilia gaf aan dat er in het bos nog veel meer lag, ze voelde zich totaal overdonderd door de grote hoeveelheid; ik reageerde: Dan voel jij ook ’s wat je steeds die lichtwezens aandoet! Waarop ze reageerde: Dat is zo! De vertegenwoordiger aldaar reageerde vol ongeloof, maar uiteindelijk heel enthousiast.

2 oktober. Nabij Montegrino de bodem gevormd van steen, we zien inscripties, cupmarks en zgn. karresporen (terwijl ze in die tijd nog niet het wiel hadden). De vertegenwoordiger reageert: Jullie zien ons niet, maar praten wel met ons, hoe kan dat? Dat heeft het Grote Lichtwezen van vroeger ons verteld. Praten jullie ook met haar!? Mmm, bijzonder hoor! En wil zelf graag ook contact.
Nog steeds in Lombardije, de stad Varese, dorpje Velmaio / Arcisate, moeten we ruim een km. over een bospad lopen, komen we uit bij een schitterende bloemenwei waar een menhir staat. Odilia geeft aan dat ze nog heel druk bezig is met de vorige twee plekken: Maar deze wil ik ook wel! Margrete opent het gesprek: Je ligt er mooi bij. Het lichtwezen: Ik sta! En inderdaad, mooi hier. En kan ik met het Grote Lichtwezen contact maken net zoals jullie zo net? Zeker, zodra wij jou vrij laten. Nou graag dan, heel veel dank!

In de bergen nabij Aosta, voorbij het dorpje Lillianes, hoog in de bergen, zoeken we Plan de Sorcières, de gps geeft aan links nog veel hoger aanhouden, googlemaps wil ons naar rechts wat omlaag, beide wegen worden smaller. Aan beide kanten zien we stenen liggen. We vragen onze reiswezens of ze hier al lichtwezens kunnen ontwaren bij de stenen, hetgeen ze beamen, aan beide kanten zelfs; maar rechts wat lager bij een grote schuur ligt er een grote steen en daar hebben ze het lichtwezen beloofd dat wij eraan komen. Vooruit dan maar, en binnen loopafstand, oké dus. Het lichtwezen is zowel verbaasd als nieuwsgierig: Het grote Lichtwezen van vroeger? Nou, fantastisch! Margrete: Kun jij het ook doorgeven aan de anderen hier in de omgeving? Hij: Ja hoor, we hebben onderling contact, en met de deva ook, komt helemaal in orde! Margrete: Wij gaan verder. Hij: Verder de bergen in? Zij: Nee, terug naar beneden, onze route vervolgen.

En deze route leidt een heel eind verder, naar de hoge top van de San Bernardino-pas, precies op de grens tussen Italië en Frankrijk, waar een grote wijde steencirkel gelegen is. Het schemert al, nauwelijks tegenliggers, wel een pekel-strooiwagen. Eh??? Het is toch een zwoele avond, en droog! Al klimmend merken we dat er wel degelijk reden toe was, mist flarden maken de weg wel degelijk glimmend, maar echte gladheid zijn we net voor. Het is er ook heel winderig, we parkeren de auto in het zicht van de steencirkel achter een groot gebouw, uit de wind; wel leggen we twee extra dekens op bed en later in de nacht trekken we nog wat extra lagen kleding aan. De reiswezens spreken ons gelijk enthousiast aan: Gaaf hier! Hele stille wezens. Ik: Praten jullie met ze? Heel zachtjes, kunnen we ook hoor. Ik: En wat wij sneeuw noemen? Ja, verderop, ook heel zacht en stil, zo stil! En ons werd verteld dat hier nooit mensen blijven slapen, vinden ze maar merkwaardig, en ook wel leuk. Alleen in dat gebouw verderop, daar slapen wel mensen. Ik: Vast met verwarming aan. Eh, ja , zo’n ding, zal wel. Mijn reiswezen: Vroeger reisde jij heel vaak naar de sneeuw, toen kende je mij nog niet, maar ik was er wel hoor. Wat was dat heerlijk, elke dag feest, maar jij wist van niks!

In de vroege ochtend, er komt al verkeer langs, hele geruststelling, de weg is blijkbaar begaanbaar. Ik moet stevig duwen om mijn deur open te krijgen, we schrapen het ijs van de ramen, de motor start met horten en stoten, maar doet ’t wel. Wij naar de steencirkel: Hebben jullie het naar je zin zo hoog en koud? Daar zijn we niet mee bezig. Naar je zin hier, met verkeer dichtbij? Het verkeer stoort matig, en hele tijden komt er geen verkeer, dus dat valt wel mee. Het lichtwezen reageert wat flegmatisch (de kou?) maar wil graag weer verbonden worden.

Een stuk verderop, langs de enige route die door de bergen naar onze volgende bestemming leidt: route barrée! We zien twee auto’s verder rijden, maar ja, onze route? Er zijn mensen bij de weg aan het werk: beslist ontoegankelijk? Hij adviseert ons een uur te wachten, tot de zon het ijs heeft ontdooit. Wij beslissen verder te rijden tot we merken dat het te link wordt, en dan daar maar te wachten. De hele omgeving is schitterend wit, vooral in het zonlicht. Ook de weg wordt wit, valt het best te omschrijven als een dikke laag ijzel, maar aan het smelten, de bovenlaag is zacht en geeft enige grip; ik rijd heel langzaam, we hebben geen haast en genieten van de prachtige witte wereld om ons heen. We bereiken zonder problemen de top, een enkele tegenligger geeft geruststelling, en naar beneden neemt de ijzel geleidelijk af. Wat een fantastische beleving!

De volgende bestemming, Les Peintures du Rocher du Château, nabij Bessans, le Villaron, Savoye; deze ligt officiëel in Frankrijk, maar aan de overkant van een rivier waar we niet overheen kunnen; we kijken op dat punt tegen een uitspringende rotswand aan. Dat is ‘m vast. Kunnen onze reiswezens daar naartoe en er een contactwezen uitnodigen naar de auto te komen? Weg zijn ze. Twee, drie minuten later bemerkt Margrete bezoek: Vreemd om met mensen te praten, maar ik begrijp dat het belangrijk is? Ik: Ja, herinner jij je nog de oude tijden, dat ‘t hier een cultusplaats was? Ja. Ik: Mooie tijd? Ja maar wel heel lang geleden. Ik: En het Grote Lichtwezen toen? Ja, al heel lang weg. Ik: Ze is nu terug, wij hebben contact met haar. Hoe kan dat, moet ik dat geloven? Ik: Ja, zoals we al zeiden, het is belangrijk. Ja, als het waar is is het zeker belangrijk. Ik: Zij wil weer contact met jouw lichtwezen, en ook graag contact met andere lichtwezens, als die er zijn. Die zijn er wel, maar ik hoor bij de mijne. Als wij jou zo meteen vrij laten, wil je dan deze boodschap doorgeven aan jouw lichtwezen, en die kan ’t dan ook doorgeven aan de anderen. Het Grote Lichtwezen hangt hier nu rond en zal zich laten voelen. Oh, ik ben helemaal van slag, beduusd! Ik: Ga maar gauw! Even later, we waren er nog niet eens vertrokken, liet Odilia al weten: Ik heb contact!

De volgende ligt weer in Italië: Necropolis de Maddalena, weer in Piemonte, bij Chiamonte, Ramats. De weg is afgezet met een groot hek, wel open, er loopt vel Carabinieri rond, één ervan wil onze paspoorten controleren; even later mogen we verder. De gps wijst halverwege de klim omhoog naar rechts, diep in het dal, bij de rivier. We zien er niets bijzonders, ja, veel bomen. De reiswezens vertellen dat we wat meer naar rechts moeten kijken, maar voegen eraan toe: Jullie zullen het niet zien, ’t ligt tussen de bomen,en is erg verwaarloosd. We nemen contact op met Odilia, die vraagt of ik Margrete precies kan draaien zodat zij gericht staat naar waar wij vermoeden dat het is. Ze gaat op zoek met behulp van de deva. De steen kunnen we voor ons het dal in werpen, hoeft niet heel ver weg, en steentjes oppakken waar we nu zijn. Even later krijgen we bericht: Gevonden, en de steen kunnen ze voelen liggen, dus klaar hier. We kunnen ongehinderd langs de carabiniere vertrekken.

Het Monticello Dolmen, bij Finale Ligure in de regio Ligurië. Even voorbij het punt dat de coördinaten aangeven is een parkeerplaats voor drie auto’s en daar loopt een pad omhoog. Een nogal lastig begaanbaar pad vol vaste en losse stenen, tevens vrij steil. Margrete heeft er plezier in, een lekkere klim, ik heb last van nogal drukkend weer en de omschakeling van twee uur ingespannen rijden. Wat er nog over is van het dolmen ligt direct aan het pad. Odilia: Is er slecht aan toe, weet niet of jullie er contact mee kunnen maken, maar probeer maar. Ik als representant voel me net zoals ik mezelf net beschreven heb: Net aan aanwezig, weinig helder, te slap om nee te zeggen, weinig vertrouwen dat het wat zal opleveren. Odilia laat later weten dat ze ‘m ondersteunende wezens zal sturen, en dan maar afwachten. Terug bij de auto gutst ’t zweet van mijn lijf, ga me eerst afspoelen, doe daarvoor mijn horloge af (dierbaar erfstuk van mijn vader), leg ‘m even op het dak van de auto, en daarna vertrekken we voor de volgende. Daar aangekomen besef ik dat ik mijn horloge niet van het dak heb gepakt. Margrete test voor me of het zin heeft terug te rijden, zullen we het nog ergens vinden? Nee. Zeker weten? Ja. Heel jammer, zonde. Voor alle zekerheid toch ook nog in de auto gezocht, hoewel ik er heel zeker van was dat ik ‘m op het dak had laten liggen. Je weet nooit.

De volgende in dezelfde regio, een steil kronkelweggetje op, na een paar scherpe bochten wordt de weg onbegaanbaar voor de auto. Volgens de gps nog 3,3 km te gaan. We besluiten daar te overnachten; er komen enkele bergbeklimmers langs, maar geen van alle weet iets van megalieten hogerop. Margrete test dat wij daar ook niets zullen vinden. We doen ons verhaal aan Odilia die samen met de deva op zoek gaat, maar uiteindelijk ook onverrichter zake.

De volgende ochtend toetsen we de coördinaten voor de volgende bestemming in, we dalen af en berijden dezelfde weg als we gekomen zijn, dus ook langs de parkeerplaats van gister. Toch maar even geparkeerd, er rond gekeken, ook op de plaats waar ik gedraaid had, maar niets! De auto gestart, ik wil wegrijden, zie ik mijn horloge voor me op het dashboard liggen!! Dit kan niet!! Hier zou ik het al veel eerder gezien hebben, we hebben er samen zelfs naar gezocht. Direct Odilia aangeroepen, wat speelt hier, dit kan echt niet op normale manier gebeurd zijn, weet jij er meer vanaf? Zij: Ja, het is een erfstuk van je vader, dat mag niet zomaar zoek raken, en jij was gisteren niet helemaal aanwezig (nu ook niet helemaal, maar wel iets beter). Je hebt ’t inderdaad op het dak van je auto laten liggen, en toen is er vanuit onze wereld ingegrepen. Ik hoop dat dit een goede les voor je is. Ik: Dit kan toch niet, kunnen jullie mijn horloge opgepakt hebben en in de auto hebben terug gelegd?! Wij kunnen dat als we het belangrijk genoeg vinden. Neem je les. Nou, bijzonder, heb er moeite mee, zo onwerkelijk, maar ik besef dat het wel waar moet zijn, want ik ben er heel zeker van dat ik ’t op het dak heb laten liggen. Heel veel dank, ben er heel blij mee, voel me geraakt. Margrete viel me bij: Ik weet heel zeker dat ik gisteren op je dashboard heb gezocht, het lag er niet. De reiswezens deden ook nog een duit in het zakje: Wij hebben ook gezien dat je het op het dak hebt laten liggen!
Wonderbaarlijk allemaal.

Tot later (de gebruikelijke groet van Odilia)

Ferry en Margrete

reisverslag 2

Eerst even schrikken, Margrete’s smartphone gaf geen enkele verbinding meer, geen mailbox, geen routenet, vervelend. Toen de mijne geprobeerd, idem dito, wat speelt er? We hebben op reis wel eens eerder last gehad van storende grappenmaker-wezens, nu weer? Even goed zoeken en er kwam een berichtje, een aanbieding voor internet-verbinding voor 15 euro. T-mobile (en waarschijnlijk ook andere providers) heeft blijkbaar geen overeenkomst met Zwitserland. Goed om te weten! En misschien Oostenrijk net zo?

Onze derde bestemming in Zwitserland: Agassiz Stein nabij Murten, Haut-Vully. De gps wijst naar rechts vanaf de weg over een pad langs maisvelden, iets verder naar rechts vooraan maar omlaag in het bos. Na wat uitglijden en vasthouden stuiten we op een race-circuit voor mountainbikes. Er loopt een pad naar links, en daar tegen de heuvelwand zien we een zwerfkei van enorme omvang, wel 3 m hoog en 5 breed; dat is ‘m! We overleggen kort met Odilia: Maak maar contact, ik zie helder licht. We doen dit keer eerst de hartverbinding met klank erbij, dan spreken we het lichtwezen aan: Ben je er? Ja, hij is helder aanwezig, vertelt dat ie onder de indruk is van onze klank, maar heeft ook iets opgevangen van ons gesprek met 0dilia: Wie of wat was dat? Margrete: het Grote Lichtwezen van vroeger! Hij: Ik vermoedde het al, maar durfde het niet uit te spreken. Margrete: Wil je nog een keer onze klank horen? Hij: Graag, maar nog liever wil ik contact met het Grote Lichtwezen, wat bijzonder na al die tijd, maakt me echt heel verlangend. Margrete: Wij laten je los, dan kun je contact maken, dag. Hij: Dank, heel veel dank, en goede reis verder, oh, wat ben ik dankbaar! En wij gaan weer verder, naar…..

Pierre du Mariage, (goed bereikbaar en mooie locatie voor trouwfoto’s, vooral in de sneeuw) nabij Yverdon-les-Bains, Font, in het Frans-talige gebied, pal aan een bosweggetje, maar vlakbij een waterzuiverings-installatie met veel herrie. We maken contact: Ik, als representant: Ja, geluid is storend! Margrete: Met ons praten ook? Nee, helemaal niet, lijkt op heel vroeger, maar wel een andere techniek, maar ik versta jullie goed, en bovendien, dat geeft me afleiding van die herrie, en jullie hebben een boodschap, bevroed ik? Margrete vertelt over het Grote Lichtwezen en de verbinding via de steentjes. Wow! Ik wil niet onbeleefd zijn, maar kunnen we dit gesprek snel beëindigen, ik ben zo benieuwd naar het Grote Lichtwezen! En heel veel dank! Wij gaan verder….
Onze reiswezens reageren even later: Wow! Zei hij, wow, hoorden jullie dat, grappig hè? Helemaal wow! Lachen toch, wow! Blijkbaar hebben ze een nieuwe uitdrukking opgevangen.

De volgende ook in Yverdon, een heel veld aan de rand van een bos, in wezen drie rijen van menhirs: Clendy Stein-Alleen; op het info-bordje staat eerlijk dat de kleine menhirs vervangen zijn door cementen vormen, de originelen staan in het museum. En verder dat deze stenen zo’n 3000 jaar geleden door mensen van elders naar hier gebracht zijn. Odilia is diep onder de indruk van de hoeveelheid, en de namaak menhirs staan wel op de oorspronkelijke plaats, de lichtwezens zijn er allemaal nog; zij wijst een grote menhir aan als woordvoerder, om daar contact te maken. Toevallig (?) precies waar een jong stel al een hele tijd bezig is met fotograferen/poseren, voelen ze daar onbewust de energie? Deze vertelt ons dat hij weet heeft van andere in de omgeving, maar eigenlijk er geen contact mee heeft, ze hebben genoeg aan elkaar, en wil heel graag weer met het Grote Lichtwezen verbonden worden.
Eveneens nabij Yverdon, nabij het dorp Grandson staat langs een weggetje temidden van mais- en korenvelden een menhir. Als hij van ons hoort over de terugkeer van het Grote Lichtwezen reageert hij: Ik hoorde daarstraks Wow! (?), dat past nu ook, ja graag, en graag zo spoedig mogelijk. Natuurlijk koren op de molen voor de reiswezens, alweer wow! Waar het nu precies vandaan kwam weten we niet.

Ook niet ver van Yverdon, bij Bonvillars, staat een grote menhir midden in de wijngaard; de ingang is bij de bushalte, en ook het lichtwezen hier is gretig om zo snel mogelijk weer met het Grote Lichtwezen verbonden te worden, met grote dankbaarheid aan ons adres.

In de Jura hebben we vijf bestemmingen op onze lijst staan die niet afkomstig zijn van Megalithic Portal; de coördinaten doen wat vreemd aan. In het plaatsje Croy vinden we niets, ook niet na uitgebreide navraag. Ooit iets geweest, en verdwenen?

In L’Ambergement vinden we op de plek van de coördinaten ook niets, maar vlakbij het gemeenschapshuis/gemeentewerken staat er een dikke menhir in het land. Als we op de parkeerplaats parkeren zien we drie menhirs en nog een grote steen terzijde geschoven liggen. Iemand van de werkplaats daar weet van geen menhirs, dolmens of menhirs af. De kennismaking met het lichwezen van de menhir in het land verloopt uitermate pijnlijk: duizenden jaren samenwerking achteloos afgebroken voor een onnodig grote parkeerplaats! Hij wil wel verbonden worden, maar kan daar geen vreugde bij beleven. Begrijpelijk.

In Moiry stop ik bij een terras met veel mannen aan het bier, maar krijg heel precieze uitleg waar de Grosse Pierre te vinden: links af de weg vervolgen, rechts in het land langs de Route de Ferreyres . We moeten wel goed kijken, want de enorme zwerfsteen aldaar ligt omringd door grote bomen en struiken. Over ons voorstel tot contact met het Grote Lichtwezen stelt hij een kritisch vraag: Jullie blijven toch niet, is het dan alleen voor nu? Margrete legt uit dat het juist voor altijd is, en dan weet hij niet hoe snel hij verbonden kan worden, wil graag snel contact, geen vragen verder, en wel heel erg bedankt!

De volgende, de zes menhirs van Chessières, brengt ons ’s avonds in het donker via een heel lange weg tot heel hoog in de bergen, voorbij skiliften en uiteindelijk bij ouderwetse boerderij-hotels. Maar waar staan (liggen?) de menhirs? De reiswezens zeggen: een klein stukje terug, waar net een lading gasten bij hotel Pré Fleuri wordt afgeleverd. Degene die daar het personeel aanstuurt weet te vertellen dat ze ooit voor een gast de menhirs op internet heeft opgezocht, en ze herinnert zich vaag: daar in dat stuk bos. Daar dan maar zoeken. We vinden er al vrij snel twee, misschien drie, als een “gewone” steen wellicht ook als menhir telt. Lastig zoeken, de stenen hebben zo tussen de bomen dezelfde kleur als de bomen; Odilia laat weten dat we goed zitten, en dat de “gewone” steen ook een menhir met lichtwezen is. Tegenover onze tevredenheid dat we er dan misschien wel zes gevonden hebben komt Odilia met een snijdende teleurstelling: hier stonden er vroeger net zoveel als op dat veld onlangs (30!), en daar had ze op gerekend, zeker omdat ze op dat veld zo beschermd en verzorgd erbij stonden; dit was wel in schril contrast, dat mensen zo onverschillig met hun religieus erfgoed omgaan! Ze vroeg ons contact te maken bij de hoogste steen. Het lichtwezen daar vertelde dat er nog maar twee of drie actief waren, met de anderen had hij al lang geen contact meer gehad, die waren diep ingeslapen, als ze er nog waren, en zouden wel heel veel tijd nodig hebben voor ze zich konden openen naar het Grote Lichtwezen. Hijzelf wilde heel graag en beschreef het als een grootse gebeurtenis, prijsde onze inzet en uitte zich uitermate dankbaar.

Terug naar de bewoonde wereld, nabij St. Moritz, Celerina, diverse soorten megalieten volgens onze gegevens, maar die wijzen wel naar hoge gebergtes zonder toegangswegen. Overleg met Odilia, die na luttele minuten laat weten dat ze contact heeft met de deva aldaar; dit gebied is voor ons ontoegankelijk, maar de deva leidt haar er wel rond; dit gebied is al heel vroeg door de mensen daar verlaten, de lichtwezens zijn diep weggezakt, sommige staan op het punt om zich van de aarde los te maken, maar hopelijk is ze nog net op tijd. Het zal in elk geval een flinke inspanning en lange tijd vragen deze nog betrokken te krijgen, maar ze heeft hoop en gaat nu snel aan de slag samen met de deva.
Onze volgende bestemming ligt in Italië, een indrukwekkende route over de Simplonpas, zeker met het volle zonlicht.

Tot zover de megalieten in het westelijk deel van Zwitserland, van noord naar zuid op weg naar Italië. Op de terugweg na Italië gaan we het oostelijk deel doen, van zuid naar noord, richting Duitsland, en uiteindelijk Nederland, waar we in Mechelen in Limburg twee slijpstenen hopen te vinden, en bij Maasmechelen enkele zakken grof grind willen meenemen om de grindrand op mijn landje aan de Reeuwijkse plas op te hogen. Bij een vorige gelegenheid, ook op een drooggevallen tracée van de Maas, kwamen er elf ossen om me heen staan toen ik daar op mijn didgeridoo zat te spelen!
Maar nu naar Italië, in de volgende reisbrief!

Ferry en Margrete

reisverslag oktober 2019

REISVERSLAG MEGALIETEN ZWITSERLAND EN ITALIE NAJAAR 2019-10-04
De voorbereiding thuis bestaat eruit dat Margrete op de website Megalithic Portal alle megalieten in Zw. en It. opzoekt, er de foto van bekijkt en invoelt of onze spirituele gids Odilia haar inseint of ze er verbinding mee heeft gehad, hetgeen inhoudt dat er op die plaats een Archai-lichtwezen aanwezig zou kunnen zijn met wie ze graag weer verbonden wil worden. Haar verbinding bestond er in de neolitische tijd (5000 – 1000 voor Christus) uit dat zij met de cultus verbonden was, maar toen deze cultus verlaten werd verloor zij de verbinding en zij kan op aarde die plaatsen niet zelf terugvinden. Wij herstellen voor haar die verbindingen door d.m.v. een opstelling contact te maken met zo’n Archai-wezen en daar een steen achter te laten die Margrete thuis met Odilia verbonden had, en een steentje mee te nemen en tzt op haar ankerplaats op aarde (Odiliënberg in de Elzas) achter te laten (steen draagt geheugen!)
Mijn (Ferry) aandeel bestaat eruit alle plaatsen die Margrete samen met Odilia heeft uitgezocht op de kaart aan te tekenen en daaruit een route samen te stellen. In Zw. zijn dat er 40, It. 47), en uiteindelijk deze route ook te rijden. Ter plaatse maakt Margrete dan contact met 0dilia voor overleg wat er wel of niet gewenst dan wel mogelijk is, en ik sta representant voor het Archai-wezen.
Nog even ter toevoeging: de archai-engelen zijn net als 0dilia kosmische wezens die hun taak op aarde hebben en hier een ankerplek hebben waarvoor zij door grote zware stenen verankerd zijn. Op andere planeten zijn er overigens net zo goed Archai-wezens.
Op zaterdag 28 sept. volgden we eerst nog een cursus fenomenologie met als onderwerp zwavel, heel boeiend, en passend bij Michael! (29), wat ons nog op het idee bracht een keer te gaan experimenteren met opstellingen over stoffen als zwavel, en ook hun verbinding met planeten , evenals met bomen en hun planeet-verbinding, en dergelijke. En dat wel graag in samenwerking met een geschoolde astroloog. Wie geïnteresseerd is late het ons weten, en soortgelijke eigen ideeën inbrengen wordt zeker op prijs gesteld!
Onze verwachting van Zwitserland was wel zo dat we er van uitgingen dat in dit o zo ordelijke land we de megalieten goed aangegeven, beschermd en van informatie voorzien zouden aantreffen (ongeveer net zoals in eigen land!) Over Italië geen idee, misschien per regio heel verschillend?
Zaterdag 28 bracht de hele dag regen, de verder week alle dagen heerlijk zonnig zomerweer; ook in de natuur voelt het nog volop zomer, volop bloeiende bloemen, vlinders, bijen en andere insecten, de herfst laat zich alleen kenmerken door veel paddestoelen in het bos en in sommige streken fel gekleurde bladeren aan de bomen, en ’s avonds vroeg donker. Alleen op de dag van Leidens 0ntzet zien we de zon bijna niet.
De eerste bestemming bracht ons vlakbij het welbekende Dornach in het bos bij Aesch, tegenover een trim-werktuig, enigszins verscholen, een zgn. steenkist. Odilia waarschuwde dat het wezen daar heel erg teruggetrokken was, maar probeer maar. Hij was uitermate verbaasd aangesproken te worden: Julllie zien mij toch niet! Hoe weten jullie dan van mij af? Maar wel bijzonder, dat is heel heel lang geleden dat ik contact had met mensen, wat een mooie tijd, die komt nooit meer terug! Margrete: Dat klopt, maar het Grote Lichtwezen uit die tijd (Odilia) is wel terug, hier en nu, met ons mee gekomen. Werkelijk? Als dat eens waar kon zijn. M: Het is waar, wij praten met haar net als nu met jou, en als je zo net geluisterd hebt, heb je dat al kunnen horen. Ondertussen liepen bij mij als zijn representant de tranen over de wangen van ontroering, zo ontdaan was hij. Vol blijdschap en dankbaarheid namen we afscheid om hem verder met Odilia te laten.
Op zondag vertrekken we voor de tweede bestemming, maar onderweg zien we onverwachts het plaatsje Niederbipp aangekondigd, en in Oberbipp woont onze goede vriendin Baps, die we eigenlijk op de terugweg (als we er tijd voor zouden vinden) wilden bezoeken; dus nu toch maar. Maar haar telefoon nummer klopte niet, en haar precieze adres wisten we niet, zouden we het nog weten te vinden in een plaats met duizend inwoners? Rondgevraagd, maar niemand die haar naam kende, maar ineens herinnerde Margrete zich dat Baps soms in de käserei werkte. Die wist men ons wel te duiden, nog even vragen aan een jongeman die in een tuin aan het werk was, en die zei: Ja hier! En zou ze wel thuis zijn op een stralende zondagmiddag? Margrete had dat getest en de uitkomst was dat we haar thuis zouden treffen. En inderdaad, ze vertelde dat ze ’s ochtends nog vol plannen zat wat ze die dag allemaal zou gaan doen, en uiteindelijk er niets van was gekomen en ze nog thuis zat. Ze begreep zelf eigenlijk niet wat haar nou had thuis gehouden. Welk toeval! Ze vertelde dat onze vriend Berchthold vlakbij haar inde buurt een huis had gekocht, en Ulli, die we ook goed kenden van natuuropstellingen, er op bezoek was. Dat werd me toch een onverwachte reunie! En Ulli’s neef met zijn Maleisische vrouw (en haar dochter) waren er ook, die kenden we nog niet, maar haar uitstekende oosterse kookkunst leerden we direct kennen door een overheerlijke maaltijd! Tevens een feestje voor onze reiswezens, want de leden van dit gezelschap hadden veel en ver gereisd, dus veel uitwisseling. Berchthold’s huis biedt uitzicht op vele hoge sneeuwtoppen, die we tot in de avond hebben zitten bewonderen tot ze eerst blauw en daarna grijs/zwart kleurden, fantastisch! Ondertussen kwamen Margrete en ik te spreken over onze reisdoelen, onze missie erachter, over reiswezens, over Odilia, megalieten en hun Archai-wezens etc. Ze waren een en al oor, zaten vol vragen, en uiteindelijk nodigden we Odilia uit, o.a. om uit te leggen hoe alles deze dag zo had kunnen lopen, dat was toch meer dan toeval? Reken maar, zei ze, hier hebben heel wat karmische wezens aan meegewerkt, vooral omdat er geweten werd dat in deze groep er veel belangstelling leeft voor de wereld van de natuurwezens en wat dies meer zij. En wat dacht je van het kussen van jouw sofa? Daar is al lang veel plezier aan beleefd, en nog steeds! (Dit behoeft enige uitleg: Op een gegeven moment stond Berchthold op van zijn houten bank, en zagen we ineens het kussen waarop hij had gezeten: onmiskenbaar het kussen van mijn bank thuis dat zoek was geraakt. Wat bleek? Drie jaar geleden hadden Margrete en ik deelgenomen aan een weekend natuuropstellingen in Duitsland, waar ook Berchthold, Baps en Ulli waren. Margrete liep toentertijd nog op krukken, en had om goed te kunnen zitten een kussentje nodig, dat zij van mijn bank had meegenomen. Blijkbaar vergeten om mee terug te nemen! En bij toeval door Berchthold meegenomen. En nu liet Odilia nogmaals van zich horen: In die tijd kon Margrete niet zo goed uit de voeten, en droeg jij (Ferry) zorg voor jullie bagage. Dus het was niet Margrete die jij al die tijd verweten hebt die het heeft zoek gemaakt, maar jijzelf! En wij, vanuit onze wereld hadden er reuze schik in om te zorgen dat jij dat van jezelf zou ontdekken door het hier terug te vinden! (Berchthold had er wel moeite mee om er na al die jaren ineens afstand van te moeten doen). Odilia bood aan nog enige persoonlijke vragen te beantwoorden, waarbij ze de mensen diep in het hart wist te raken. Berchthold had een vraag hoe hij een intensere verbinding met de bergen kon leggen; Odilia’s reactie: door voor de bergen te zingen of muziek te maken. Aldus sloten we de avond af met een intense gezamenlijke muziek-sessie, gericht op de bergen. En op 0dilia’s voorstel sloten we de avond af met de hartverbinding, zoals we die enkele jaren geleden van een graancirkelwezen hadden vernomen (zie onze website www.natuurlijkewezens.nl)
’s Avonds reden we nog naar onze volgende bestemming in het nabijgelegen Attiswil Freistein om te gaan slapen op de parkeerplaats van de kerk vlakbij de menhir die daar op een ruim grasveld staat. Pas toen we in bed lagen ontdekten we dat de klok in de kerktoren elk kwartier luid de tijd aangaf; gelukkig waren we moe genoeg om er doorheen te slapen. Wel kregen we midden in de nacht bezoek van het contactwezen van het Lichtwezen: er was hun verteld, door die wezens die bij ons horen, dat het Grote Lichtwezen van heel lang geleden terug is, kan dat? Dat was toen een mooie tijd, heel anders hier, geen huizen, alleen maar bossen en velden, ik kan ’t me nog maar vaag herinneren, zo lang geleden! En hoe kan het dat ik met jullie kan praten, dat kon vroeger ook, maar een beetje anders, niet met woorden, maar klanken, bijzonder allemaal. Ik: Het Grote Lichtwezen is inderdaad terug, via ons kon ze deze plek terug vinden, misschien luistert ze nu wel mee, zodra het donkere licht (=de maan) weg gaat komen wij naar je lichtwezen om het contact met het Grote Lichtwezen te herstellen, vertel ‘m dat maar. Ga ik doen, dag! Die ochtend bij de menhir: Sorry dat we je hebben laten wachten. Lichtwezen: Ach, wat is tijd, ik heb het nieuws gehoord en haar al enigszins gevoeld, dus ik weet dat het waar is. En misschien maar goed ook, ik ben nu wat voorbereid, anders zou het wel als een schok zijn aangekomen. Maar hoe nu verder, want ik ben wel reuze nieuwsgierig. Margrete legde uit dat zodra wij ons gesprek beëindigden het Grote Lichtwezen zich zou laten voelen, maar eerst legde ze nog uit dat de verbinding via de steentjes voor eeuwig in stand zou kunnen blijven, en dus niet afhankelijk van ons zou zijn, want wij gaan weer verder naar een volgend lichtwezen om die te verbinden. Het lichtwezen: Jullie doen mooi werk, en geweldig bedankt, ik ben zo blij, dank, heel veel dank, dag.
En wij op weg naar de volgende: Agassiz Stein nabij Haut-Vully. Wordt vervolgd.

Nieuwsbrief September

Lieve mensen,

In de hitte van augustus hebben wij, Ferry en Margrete, op het landgoed Kraaybeekerhof een aantal workshops mogen verzorgen over opstellingen met natuurwezens in de 4-daagse Natuurwezen- conferentie “mogen wij kennismaken?” met bijna 30 deelnemers, waarvan we op onze site in de Kroniek een verslag zullen publiceren.

Ook nieuw in de Kroniek op onze site de maand april 2015, en ook onze reis van afgelopen voorjaar naar Corsica en Sardinië liggen klaar bij de corrector en hopen wij binnenkort te kunnen publiceren.

Wij hebben onze voorbereiding afgerond voor onze komende reis in oktober langs megalieten in Zwitserland en tot in de hak van Italië, maar zijn ook al bezig voorbereidingen te treffen voor onze reis in mei/juni 2021 naar de megalieten inArmeniëGerogië en Azerbeidjan.
Voor deze reis hebben wij een Nederlandse reis-organisator / begeleider gevonden die in Armenië woonachtig is en daar al vele jaren rondreizen verzorgt.
Het is mogelijk deze reis met ons samen te maken: als je belangstelling hebt laat het ons weten, dan sturen we je nadere info. Er zijn 2 mogelijkheden: Armenië en Georgië in 3 weken of deze reis met nog een 4e aansluitende week door Azerbeidjan. De prijs voor 3 weken staat voorlopig op 2200 euro all incl. (dus vliegreizen, verblijf en onderdak, eten en drinken), maar wel met eenvoudige accomodaties. Vervoer per minibus en/of jeep.

Binnenkort:

  • Op zondag 22 september is er in Duindorp in  samenwerking met andere mensen eenklankbijeenkomst: Klinken vanuit samen-zijn met natuurwezens. 
  • Op zondag 24 november organiseren wij weer een natuurwezenswandeling in Wolfheze.
    Wil je eens op een ander manier kennismaken met de natuur dan is dit misschien wat voor jou. Deze wandeling voert ons door de Wolfhezer bossen, die een gelaagde geschiedenis kent van hele oude bomen (Den van 400 jaar oud), een verdwenen dorp (door de strijd met de Spanjaarden), Wodanseiken (400 tot 600 jaar oud), sprengen, beken en grafheuvels, en we maken contact met een bosgeest, waterwezens, wezens bij een grafheuvel en de deva van het gebied. Meer info en aanmelden via natuurlijkewezens@gmail.com. 

Boeiend om te lezen:
– Lezen in het Boek van de natuur 
door Mieke Mosmuller
 Aarde, natuur, dieren en ons ambasadeurschap van de planeet bron Martijn van Staveren.
– The mythologie of Norwegian Trolls (posted by Andrew McKay)

– Ronan Kelly’s Ireland: East Galway Ferries

Heb een goed tijd,

Namens Natuurlijkewezens

Ferry & Margrete

Reisverslag 11, thuisreis

Het was prachtig weer, aangename temperatuur en zon, maar een straffe koude wind blies over het het hooggelegen gebied, nergens een plekje te vinden om uit de wind siësta te houden, totdat…..in de buurt van Bonnanaro, bij de Sorroi Domussen, holen in de wanden, hier van zacht kalksteen, dus nogal afgesleten, heerlijk tussen de 2 kalkwanden, mooie lager en dus beschut gelegen weiden uitmondend bij een afgraving in een meertje, hoorbaar vol met kikkers, voor ons zich een paradijsje uitstrekte, geheel uit de wind!  Dat we een bordje “privé” waren gepasseerd, en het hek geopend hadden kon ons niet deren, want we moesten er toch zijn voor de Lichtwezens. Odilia gaf aan dat er wel een wezen bij ons zou aankloppen, en anders moesten we zelf maar een vertegenwoordiger uitnodigen. Odilia was nog niet geheel uitgesproken of ze moest al plaats maken, voor een contactwezen:

Op bitse, verontwaardigde toon: Wat komen jullie doen, ook werken zoals al eerder? Nee, wij komen een belangrijke boodschap brengen. Zal wel, en dan, gaan jullie dan weer weg, en die rare wezens die hier met jullie mee kwamen, nemen jullie die dan ook weer mee? Jazeker, die horen bij ons en gaan ook weer met ons mee. Nou, ga dan maar, want we zitten niet op jullie komst te wachten. Wacht even, niet zo snel, we zijn hier om een boodschap af te geven. Herinner jij je nog van heel vroeger het Grote Lichtwezen? Ja, die is toen ineens verdwenen en heeft ons hier mooi laten zitten, toen we haar hulp nodig hadden was ze er niet en toen is er hier veel beschadigd! Het Grote Lichtwezen is terug! Dat zullen we dan wel zien, moeten we eerst bespreken of we dat wel willen, zo komt ze en dan gaat ze weer, of we daarop zitten te wachten weet ik nog zo net niet. Ik legde uit dat met de steentjes het contact blijvend kon zijn.Ja ja, jullie zijn hier nu wel lang genoeg geweest, ik zal de boodschap doorgeven en we zien wel, dag!

Tijdens onze lunchpauze elders hebben we de frisse wind maar voor lief genomen!  Odilia begreep hun gekwetstheid, er is daar bij de afgraving grof te werk gegaan en veel beschadigd. Ze laat de wezens daar voorlopig betijen, en laat zich af en toe zien, en heeft hulpwezens gestuurd om de pijn wat te verlichten.

En vandaag troffen we achter een achtertuin met huis een verwaarloosd stukje land, met tuinafval en stapels stenen daar neergekwakt omdat ze elders in de weg lagen. En op enkele plekken nog was het gesteente te zien  dat zo typisch is voor Lichtwezens, vaak met “karresporen” erin terwijl in die tijd het wiel nog niet was uitgevonden! Verder lag het gesteente hier bedekt met aarde en onkruid, een en al triestigheid. De Lichtwezens waren zwak aanwezig, we mochten geen contact zoeken, alleen de hartverbinding en de steentjes, en het lekkers voor de natuurwezens. (als we dat laatste dreigen te vergeten helpen onze “jongens” altijd eraan te denken, want anders lopen ze hun eigen portie ook mis).

Deze twee even als tegenstelling tot de velen die op Sardinië nog springlevend aanwezig zijn en hun hoop en verwachting op de terugkeer van het grote Lichtwezen zonder enige aarzeling betonen. Maar het zijn er daarmee wel 2 die we ons uit de heel velen kunnen herinneren!
Het moge duidelijk zijn dat om de overvloed enigszins te beperken ik er in onze verslagen tientallen heb overgeslagen. Nog één die er uitspringt wil ik nog graag laten zien: Monte d’Accodi

Vandaag 2e Paasdag kwam er nog één bij die het moeilijk heeft, maar wel van geheel andere aard: Santu Pedro Domus de Janas nabij Surigheddu, in feite aan een stuk doodlopende oude weg, maar de huidige doorgaand weg loopt daar wel pal naast, maar dat is niet eens het ware probleem. Het lijkt vandaag wel nationale natuurmonumenten-dag, waar we ook komen, bij necropoli, domussen of tombi, rijen geparkeerde auto’s, vaak hele gezelschappen tegelijk. En zo ook bij deze Santu Pedru, van verre al zagen we hordes mensen  op de berghelling, met veel kinderen; eerst dachten we nog: paaseieren zoeken, maar nee, de domussen bekijken! Onderaan was er een grote, met vervolgkamers, gevuld met mensen alsof het hun huiskamer betrof; voor de ingang zat een dame aan een tafeltje gidsjes over domussen te verkopen, misschien ook wel toegangskaartjes, maar daar hebben we geen aandacht aan besteed, we zijn snel wat verderop gaan staan, buiten de drukte, en daar werd Margrete aangesproken. Ik kan contact met jullie maken! Ja, je hebt veel bezoek, ben je er blij mee? Nee, te veel, kan er niets meer bij hebben. Wij komen een belangrijke boodschap brengen, het Grote Lichtwezen is terug, en blijvend! Ik legde ‘m uit over de steentjes. Kan ze vanavond terug komen, ik kan ’t nu niet aan, ik moet gaan. Maak je geen zorgen, ze komt zeker vanavond langs, ze weet je te vinden nu!

Vandaag ook naar Parco Archeologico Monte Appiu nabij Montresta. Daarvan stonden 5 nummers op onze lijst, 2 menhirs (verplaatst maar nog verbonden met hun Lichtwezen), 2 Tombes en 2 kleine Altaartempels.

Verder ontdekten we nog een nummer tweemaal vermeld op de lijst, dus zodoende schoot het vandaag lekker op: morgen de laatste 5, overmorgen de nachtboot naar Toulon!

Bij één van onze vorige reizen zei Odilia: Tijd voor een welverdiende vakantie! Heel toepasselijk, vinden we zelf ook! Overigens hebben we dit alles niet alleen voor Odilia gedaan, maar ook samen met haar, heeft ze ons vele persoonlijke adviezen gegeven, vreemde dromen verklaard, soms onverklaarbare emotionele gevoelens, zowel uit onze jeugd als uit vorige levens.

En we doen het niet voor Odilia persoonlijk, maar voor de licht- en liefdeskracht op de aarde, voor de gehele mensheid; en een belangrijk deel van onze missie is ook duidelijk te maken hoe de licht- en natuurwezens ernaar verlangen om met ons mensen te kunnen samen werken. We hopen dat veel mensen ons voorbeeld zullen volgen, al is het maar met de natuurwezens in je eigen omgeving, wellicht te beginnen met je eigen huisgeest!

En natuurlijk: onze eigen reiswezens die zoveel merkwaardige zaken voor ons hebben uitgezocht en uitgevoerd dat ze in hun eigen wereld niet een meer als reiswezens worden herkend. Op dit moment hebben we ze vrijaf gegeven om alle bioscopen, zwembaden en bibliotheken in de buurt te bezoeken (we zitten in een nogal afgelegen berggebied), reageren ze terug: mogen we ook naar scholen en museums toe? Ze raken al aardig thuis in mensenhumor.

Het autowezen heeft ons heel trouw gediend, op allerlei soorten wegen, van snelwegen tot keien- en zandpaden, en hij heeft er intens van genoten, heeft ie ons laten weten. Hij ziet wel erg op tegen een hele nacht op de boot, maar wordt daar goed beschermd in een “bubbel” zodat hij er niet al te veel van merkt. En straks wordt het een heel wat stillere tijd voor ‘m, daar ziet hij wel tegenop, maar weet dat er in het najaar weer een volgende reis gepland staat.

We hebben het niet alleen druk, maar ook goed gehad,  5 weken dag en nacht met elkaar optrekken, met tal van lastige situaties, in het verkeer, heel praktisch: inkopen doen, ergens in de bergen je eigen potje op een campinggas bereiden, en er je eigen sanitaire voorzieningen creëren, tegenstrijdigheden tussen gps en gooogle maps oplossen, te slechte wegen weten in te schatten en dan maar een bestemming laten schieten, enz.

Waar ik nog niet over geschreven heb trouwens, sommigen van jullie weten ervan, en de anderen dus nu ook: Ik stel geregeld mijn jongere versie op, met natuurlijk Margrete als representant, dus de 6-jarige Ferry, en ook de 14 jarige, met als doel mezelf beter te leren kennen. En dat lukt geweldig, want ik krijg heel wat aspecten van mezelf te zien die ik me niet (meer) kan herinneren, en het zijn beslist geen onbelangrijke of onaardige; ik zie mezelf hierdoor met heel wat vergeten kwaliteiten die ook toentertijd door mijn ouders niet opgemerkt zijn. Nu geef ik ze terug aan mezelf! Heel boeiend!

Provence, Corsica en Sardinië, toch al mooie gebieden, we hebben er in maart en april geregeld van prachtig zomerweer mogen genieten, 3 gebieden waar wij en Odilia opvallend vaak welkom werden geheten; Sardinië alleen al levert meer verbonden Archai-Lichtwezens op dan al onze eerdere reizen, zo bijzonder! We voelen ons dankbaar en vereerd dat we dit werk mochten doen.

En dank aan jullie dat je deelgenoot wilde zijn!

Reisverslag 10

Bonorva slaat werkelijk alles! Grote cultus- kamers in de rotswand, en daar achter weer een doorgang, en nog één en soms nog één  en je kunt er makkelijk in komen en er rechtop in lopen; daarnaast zijn er in het rotsgesteente allerlei figuren gevormd, en een latere Byzantijnse cultuur heeft er fresco’s in de “kamers” aangebracht, nog deels goed te zien.
Ook qua menselijk handelen zeer “bijzonder”: het bezoekerscentrum ligt zo’n 500 meter van de toegang van de rotskamers af. Omdat het Goede Vrijdag is wisten we niet of het vandaag wel zou open zijn, en om kwart over tien was het nog steeds gesloten, helaas, dan maar proberen illegaal binnen te komen. Zag er niet moeilijk uit, maar er stond wel iemand bij, druk te telefoneren,en toen die klaar was met telefoneren vertelde hij dat het al open had moeten zijn want hij moest er werkzaamheden verrichten en stond al een half uur te wachten Toen kwam een dame met sleutels die het hek open deed maar zei dat we eerst kaartjes moesten kopen. Maar het bezoekerscentrum is gesloten! Nee, nu is het open! Wij weer naar het bezoekerscentrum, nu inderdaad open, kaartjes gekocht, maar toen was de eigenlijke ingang weer op slot. Terug gereden naar het bezoekerscentrum: er staan mensen bij de ingang te wachten maar die is op slot! Ja ja, ik kom er aan! Kwam ze even later aangereden met een grote bos sleutels, probeerde ze allemaal, maar niet één waarmee het lukte. Haar telefoon gepakt en iemand gevraagd welke sleutel het moest zijn. Na nog drie pogingen vond ze de goede en konden we er in. Zij ging een groep Italianen rondleiden, maar zelfs als we haar hadden kunnen verstaan hadden we toch een andere route gekozen! Kwamen we bij een serie “kamers” waar het absoluut pikkedonker was, dus maar even flitsen. Kwam de bewuste dame aangerend  ”no flash!” en ging daarna de verlichting regelen. Ging ze nog een verhaal vertellen, wij maakten duidelijk geen Italiaans te verstaan, liet ze ons weten dat deze plaats een “Tomba” heet, dat we nu toch een woord Italiaans kenden! Mamma mia, fermate!

We werden twee maal aangesproken , beneden door “noem me maar een vertegenwoordiger, want wij hadden daar geen woorden voor” en boven op de rots, vlakbij een “domus” door een Lichtwezen, zouden jullie zeggen, maar zo’n woord kenden wij niet.  Nee, want jullie spraken in klanken. Oh, dat weten jullie?  Ze hadden naar ons uitgekeken, de deva’s van dit eiland hebben het grote nieuws in veel gebieden doorgegeven, de Lichtwezens zijn in staat van furore en afwachting, we worden overladen met dankbaarheid, de enige bezorgdheid die we tegenkomen is of de terugkomst van het Grote Lichtwezen wel blijvend zal zijn, want haar verdwijning herinneren ze zich nog met grote pijn. Ons verhaal over de blijvende verbinding via de steentjes wordt direct begrepen, en dan is het  goed. Heel heel veel dank, en ook aan die wezens van jullie die al zoveel verteld hebben. 

Twee dagen vóór Bonorva waren we ’s middags op zoek naar Tomba di Giganti Mura Cuata, nabij Bauladu. Deze zou aan de spoorlijn liggen achter een heuvelrug. Eerst zo’n 5 km over een asfaltweg, maar er zaten hier en daar diepe gaten in het wegdek, en door de schaduwen van de bomen langs de weg heel lastig te zien, dus heel aandachtig rijden. Er moest ergens een weggetje over de heuvelrug gaan, maar we konden het niet vinden en na grondig zoeken besloten we terug te keren. Op de terugweg ontdekten we ineens het weggetje wel, nou ja, dirtroad, met veel zand weggespoeld en dus met diepe gleuven en uit stekende stenen, en supersmal met hoog struikgewas, en ook nog heel steil oplopend; gaf me niet zo’n prettig gevoel, voor alle zekerheid Margrete 2 x laten testen of mijn auto dat wel aankon. 2 x een ja, dus vooruit dan maar; we voelden beiden dat er aan ons werd getrokken, wat het nog moeilijker maakte om ervan af te zien en deze maar over te slaan. Dus met stevig gasgeven de helling op en maar hopen dat het verderop niet nog slechter wordt. Het weet brak me aan alle kanten uit. We bereikten de spoorbaan, even er aan voorbij een plekje om te parkeren, en met overgave aan google maps door heel wat struikgewas deTomba bereikt. Het Lichtwezen voelde zich zeer vereerd met ons bezoek, en heel blij met de terugkeer van het Grote Lichtwezen, Ik heb jullie al een tijdje in mijn omgeving gevoeld en  mijn best gedaan om jullie hier persoonlijk te kunnen ontvangen om jullie mijn heel diepe dankbaarheid te kunnen betonen voor het terugbrengen van het Grote LichtwezenIk heb altijd vertrouwen gehad dat ze er nog zou zijn, en nu wordt ze door mensen teruggebracht, terwijl ze zich vroeger nooit met de mensenwereld bemoeide, behalve dan via ons Lichtwezens; deze dag zal mij altijd heugen, zoiets onvoorstelbaars!  Gevolgd door heel veel dank, etc. Terug naar de auto, terug hetzelfde k..weggetje af en idem dito asfaltweg met gaten. Ik had buik- en hoofdpijn, we kwamen nog bij een “domus” gelegen bij een kruising in het dorp, het Lichtwezen was er slecht aan toe en werd door Odilia in een soort van bubbel ingepakt zodat het verkeerslawaai hem minder zou deren.

De laatste voor die dag zou tevens onze slaapplek worden, Tomba Perdu Pes;  volgens google en de gps zaten we er vlakbij, op zo’n 250 m afstand, maar we konden ‘m niet vinden, zelfs niet lopend, want een muur met braamstruiken hield ons tegen. Heel vervelend, want het Lichtwezen hield zich voor Odilia slapend, en wij zouden die wakker geroepen kunnen hebben. Helaas, dan maar met veel geduld en inspanning van Odilia’s zijde. Maar voor mij was het die dag te veel geworden, beroerd van spanning en inspanning dook ik om 6 uur mijn bed in.

Ik was de volgende dag niet tot veel in staat, we konden slechts 3 plaatsen aandoen, en bleef er bij één zelfs in de auto en liet Margrete het bezoek doen, meer kon ik niet opbrengen. Wat was ik blij dat ik de volgende ochtend enigszins opgeknapt Bornorva kon bezoeken! (zie boven) en ook die dag heel rustig aan gedaan.

Brengt me op een punt om te reageren op enkele van jullie reacties of we wel aan enige ontspanning toekomen? We hebben inderdaad op dagen dat het zeer matig weer was, nauwelijks rust genomen, behalve voor siësta, want wat moet je in koude wind?  Maar als het ons lukte een restaurant of iets anders met wifi te vinden hielden we daar uitgebreid pauze, hoewel nog wel bezig met internet, maar toch als afleiding. En in de avonden valt er voor ons niets te doen dan te schrijven aan de reisbrieven en te lezen. Zo hebben we de al eerder vermelde boeken van Jaap Hiddinga en Frits Julius gelezen, en zijn we nu aardig gevorderd in “Mijn brein denkt niet, ik wel” van Arie Bos en “Mysterieplaatsen en Inwijdingswegen” van Rudolf Steiner.

Het brein-boek is vooral voor Margrete heel boeiend, want die herkent er allerlei beschrijvingen in van de functies van de hersenen die bij haar beschadigd zijn geraakt door het auto-ongeval in Letland 3 juli 2017, waarbij haar hoofd een flinke klap heeft opgelopen. Precies op de plekken waar haar hoofd is geraakt traceert zij nu in dit boek de functies die daarmee samen vallen.
En waar zij ook nog steeds door dat ongeval last van heeft is haar knie; zij is er éénmaal aan geopereerd, maar er zit nog steeds iets niet goed wat soms veel pijn veroorzaakt; begin mei krijgt ze daarvoor een MRI-scan.

Het boek van Steiner is op deze reis wel heel toepasselijk. In het hoofdstuk waar hij beschrijft hoe bij de wording van de aarde het steen zich heeft gevormd, beschrijft hij hoe dit steen nog heel plastisch en kneedbaar was. Aan de vorm van vele rotsen op Corsica en Sardinië is dat nog duidelijk af te lezen: veel rotsen maken een soort van rollende, golvende beweging, met aan de zijkanten soms licht opverende vleugels, echt alsof alles nog in beweging gestold is, zoals b.v. de Roccia Elephante, hier aan de overkant van de weg

En ook de holen die de mens van toen er in heeft gemaakt tonen geen sporen van hak- of breekwerk, maar lijken vaak het werk van keramisten die vormen in de klei hebben gemaakt. Om dan te lezen dat de mensen van toen ook nog plastisch van vorm waren, en naar believen hun armen langer of korten kunnen maken, is voor ons toch wel erg moeilijk voor te stellen! Ik zou bijna aan Steiners waarneming gaan twijfelen zo onvoorstelbaar komt me dit voor, ware het niet dat Michael Roads in zijn “Door de ogen van de liefde, deel 2” soortgelijke waarnemingen beschrijft. En het komt ook overeen met wat een Lichtwezen ons antwoordde op mijn vraag hoe zij het ervaarde dat op haar plaats archeologen allerlei onderzoekingen aan het uitvoeren waren: Ze kunnen zoeken wat ze willen, ze zullen het nooit begrijpen, zelfs voor jullie die weet hebben van ons Lichtwezens en van inwijdingen met de voorouders, wat voor jullie niet eens zo vreemd aandoetdat zie ik tenminste aan jullie licht, maar toch valt het niet te begrijpen, ik kan het jullie echt niet uitleggen, jullie bewustzijn is zo anders dan van de mensen toen; jullie leven in je eigen bewustzijn, in je eigen aardse wereld, toen leefde de mens nog volledig in het godenbewustzijn, ze maakten er deel van uit, zouden niet zonder kunnen.

Tenslotte nog een geheel ander onderwerp: De brand in de Notre Dame in Parijs.(Ja, we leven niet geheel wereldvreemd!  Ajax is door Juventus uitgeschakeld, ook dat was wereldnieuws hier, zelfs groter gebracht dan de brand in Parijs): Wij gaan op de terugweg niet langs in Parijs, dat zou ons zeer kunnen schaden, die drukte en sensatie van een grote stad, en bovendien weten we niet in hoeverre onze afschuwelijke ervaring van de St. Sulpice kathedraal nog zou nawerken. Bij de brand van de Notre Dame zijn ook heel veel, en ook heel bijzondere natuurwezens beschadigd geraakt en wij willen daar tzt zeker een helingsritueel voor uitvoeren, graag met veel betrokken mensen erbij. Natuurwezens zijn niet beperkt door tijd en afstand, dus dit kunnen we heel goed een keer doen in Nederland (Den Haag?), liefst in een r.k. kerk; voorlopig denk ik dan aan de kerk in de Elandstraat, waar wel vaker andersoortige activiteiten plaats vinden (o.a. een tango-salon!).

Nog zo’n 20 bestemmingen te gaan, het eind komt dus in zicht, maar ons “opnemingsvermogen” is wel aan slijtage onderhevig!

Jullie allemaal een goede Pasen gewenst,

Ferry en Margrete

Reisverslag 9 Zuid Sardinië

Zondag is ideaal om grote steden te bezoeken, rustig en geen files; zo hebben we dat met opzet voor Cagliari gepland, maar na ons bezoek aan het schitterende Parco Archeologico de Tuvixeddueen immens groot necropolis en de nabije rommelmarkt hadden we genoeg drukte gezien, en begaven ons op weg naar het eveneens schitterende Parco Archeologico Monte Sirainabij Carbonia in het zuidwesten,waarna de reis in principe noordwaarts verloopt richting Porto Torres, waar de boot naar Toulon vertrekt.
Maar voor het zover is hebben we nog wel zo’n 40 bestemmingen te gaan!

Bij het Parco Archeologico Montessu bij het plaatsje Villapericoso met veel Domus de Janas holen in de rotsen en enkele menhirs waren we moe en besloten daar pas de volgende ochtend in te gaan, een rondwandeling met veel klimmen en dalen van 2 uur. Nog even langs bij een grote menhir aan de andere kant van het dorp en dan op bezoek in San Seperato bij Fondazione Sciola, een privé openlucht expositie-park vol grote stenen, waarvan vele zodanig bewerkt dat er klank mee gemaakt kan worden, hetgeen ook gedemonstreerd werd en we ze ook zelf mochten bespelen.

We waren heel nieuwsgierig hoe deze stenen van over heel Sardinië bij elkaar geplaatst en weliswaar kunstzinnig maar ook heftig bewerkt, dit zouden beleven. Margrete stond representant, maar er kwam geen woord over haar lippen; wel een hoofdbeweging, vnl. ja en nee. Uitkomst: Storend om hier bij elkaar te staan? Nee. Storend om zo zwaar bewerkt te zijn? Nee. Liever op hun oorspronkelijke plaats gebleven? Maakt niet uit. Tevreden met hun eigen klank? Heel sterk ja. Ik weet niet meer hoe ik dat bevraagd heb, maar één steen gaf aan dat hij altijd al klank in zich had gehad, maar dat het nu pas door de bewerking voor mensen hoorbaar was. Ik moet toegeven, wij waren heel verbaasd over deze uitkomst doordat onze omgang met cultische stenen ons geleerd heeft dat deze hun kracht verliezen zodra ze verplaatst worden. Voor alle zekerheid nog aan onze “jongens” gevraagd of ze er stenen hebben gezien die zich ongelukkig voelden, maar nee, integendeel, als geheel voelde het zeer harmonieus. (wat je ook voelt als je daar zo rondloopt).

Verder laten we je even meegenieten van Necropoli Monte Luna nabij Senorbi en Necropoli Genna Salixi nabij Villa Sant’Antonio in provincia di Oristano; deze laatste ontdekten we bij toeval toen we er langs reden.

Voor wie denkt dat we verder niet zo veel gedaan hebben vertel ik maar dat ik alle andere 12 “kleine” bestemmingen hier niet heb opgenomen, het is al moeilijk genoeg om het overzicht vast te houden!

Tot nu toe heeft Margrete zo’n 700 foto’s geschoten; groot was haar schrik toen zij over het fotograferen van natuur-wezens en –verschijnselen een zeer kritisch stuk las in het boek van Frits Julius “Het omgaan met natuurgeesten”: Er zijn goede gronden voor de overtuiging dat het fotograferen een van de werkzaamste middelen is om de wisselwerking tussen de mensen en de natuurgeesten af te snoeren. Hij citeert daarbij Rudolf Steiner die zo’n gefotografeerde afbeelding  een lijk van de natuur noemt. Boeiende materie!

De mening van Odilia gevraagd: Ik ben heel blij met de foto’s van krachtplaatsen op internet die ik door de ogen van Margrete kan meekijken; ik kijk daarbij niet naar de precieze afbeelding, maar neem slechts de energie waar om te kunnen bepalen of er zich daar lichtwezens bevinden. Voor mij zijn die foto’s dus beslist geen dode materie, maar levend, vol energie en emotie. En dat de krachtplaatsen gefotografeerd worden berokkent hen in geen enkel opzicht enige schade. Wel gaat het erom op welke wijze de beschouwer de foto bekijkt: als het  alleen vanuit het hoofd is komt de afbeelding inderdaad niet tot leven, als men er zijn hart bij betrekt gebeurt dat wel. Evenzo ervaren veel mensen aan een steen slechts dode materie terwijl wie de taal van stenen verstaat er veel informatie aan kan ontlenen.  

Wat Julius verder heel boeiend beschrijft is hoe hij zich laat leiden door natuurwezens, heel herkenbaar net zo als dat bij Margrete gebeurt. Ik weet nog goed hoe zij in Wales met krukken liep en wij andere drie met gezonde benen haar niet konden bijbenen!
Onlangs gebeurde dat hier in Sardinië weer toen we een riviertje moesten oversteken om bij onze bestemming te kunnen komen. Gelukkig vond ik op tijd een plek met een stapel flinke takken dwars over het riviertje, waar ik met één droge en zij met twee droge schoenen overheen kwam (voor mij niet zo belangrijk, maar zij loopt op heel dure orthopedische schoenen)

reisverslag 8

Dierbare lezers,

Om maar met een geruststelling te beginnen: met ons, met de auto en met de apparatuur is het goed; met de auto is het de hele tijd wel goed geweest, maar met ons en de apparatuur niet! En voor de volledigheid: met het weer is het op dit moment, en de afgelopen dagen, ook niet goed: koud en regen. We hebben op dit moment uitzicht op zee, maar de horizon valt nauwelijks te onderscheiden van de grijze lucht, hoewel het overdag wel aangenaam weer is geweest.

Eervorige nacht waren er heel wat buien, en de hele ochtend hadden we heftige regen en koude wind, en we bevonden ons al op aardige hoogte, dus fris. De avond tevoren had ik al de volgende bestemming ingetoetst: anderhalf uur rijden. ’s Ochtends zat ik niet lekker in m’n vel, beetje afgesloten, ik ervaarde Margrete wat mopperig, grijze lucht en weer op pad voor nog meer lichtwezens die ik zo langzamerhand niet meer uit elkaar kan houden. De gps deed het niet. Vreemd maar waar. Dan maar google maps op mijn smartphone. Gaf geen verbinding! Dan maar afgaan op plaatsnaamborden, maar die we zochten stonden er niet bij, en die we zagen gaven geen helderheid. Ik tegen Margrete: jij hebt toch ook je mobiel, probeer die dan! Snauw terug: als de jouwe geen verbinding geeft, denk je dat de mijne het dan wel doet! Ik weer: Je kunt het op zijn minst proberen! Nou vooruit dan. En hij deed het! Dat gaf wat opluchting, maar ook een raadsel, wat speelt er? Margrete: het zit kennelijk bij jou, 2 apparaten van jou doen het niet, die van mij wel. Juiste waarneming, maar wat doen we ermee? Ondertussen reden we de route volgens Margrete’s mobiel, richting Seulo, een smal weggetje steeds hoger de bergen in, regen en dichte mist wisselden elkaar af en deden hun best ons zicht te beperken, het asfalt werd slechter en slechter, verdween zelfs en het zicht nihil, toen besloten we terug te keren naar de hoofdweg, daar halt gehouden en Odilia om raad dan wel inzicht gevraagd: Ik wil er niet veel over zeggen behalve dat ik je op dit moment als zeer afgesloten ervaar, ga eerst maar contact maken samen, en vooral met jezelf, ga terug naar gistermiddag, toen is het al begonnen, je zou wat contact-oefeningen kunnen doen samen en je gevoelens delen.

Daar hebben we even de tijd voor genomen, besloten de bestemming Seulo in de bergen over te slaan en over de hoofdweg verder te gaan naar een volgende bestemming. Jammer voor Odilia dat ze daar 3 krachtplaatsen moest missen, maar het kon niet anders. Margrete probeerde nog eens mijn mobiel, en google maps gaf verbinding! Nog een flink stuk later, en na nog een pauze, met overleg over de vraag wat te doen, naar een garage? doorrijden? andere opties? kreeg Margrete een ingeving: ze nodigde een techniekwezen uit om een oplossing te brengen (deed ze stilletjes, zonder dat ik het wist). Na enige tijd voelde ze een seintje de gps te proberen: hij deed het weer! Wonderen zijn de wereld nog niet uit!

Die hele ochtend bleef het regenen, merkwaardig genoeg kwamen we nog een afslag Seulo tegen, konden ons precieze doel niet bereiken, maar wel heel dichtbij komen en Odilia aangeven waar het zou moeten zijn. Even later kregen we haar de boodschap: Lichtwezen aangetroffen, en contact, en de deva van dit gebied brengt me naar andere Lichtwezens in dit gebied, dus jullie hoeven hier niets meer voor mij te doen. Op naar de volgende bestemming! Het dorp Orroli, om daar een restaurant voor evt. een maaltijd maar vooral voor wifi te vinden. Wifi vonden we wel, in een ongezellige bar, achterin bij de gokkasten konden we een aansluiting vinden. Af en toe een hoop gerinkel van zo’n gokkast,  tv luid aan, luid geklets van mensen, maar wij konden weer een verslag versturen en onze mail bekijken.

Rijden we daar weg, zien we een bordje Su Motti! Enkele dagen eerder hebben we zitten zoeken naar Su Motti in onze reisgidsen, want een necropool waarvan we geen gegevens hadden, maar we konden ‘m niet vinden, zelfs geen idee in welk gebied! Nu hoefden we alleen even de weg te vragen, iemand reed ons voor, de gaten in de rotswand konden we zo zien, Odilia enkele lichtwezens rijker, wij een mooie wandeling (een droge middag) en mooie stille slaapplek. Vroeg gaan slapen, laat opgestaan, heel rustig aangedaan, een zonnige ochtend en droge middag, en een prachtig Parco Archeologico Pranu Muttedu bij Goni,met heel veel menhirs,tombes, stenenrijen en steencirkels, en dus idem lichtwezens. We liepen daar wat rond, kwamen langs een menhir, voelt Margrete zich aangesproken. Dat is leuk, ik begrijp dat ik met jullie kan praten, dat is heel lang geleden! Wij stelden ons voor en vroegen of hij wist waarvoor wij kwamen. Ja, vanwege het Grote Lichtwezen, ik weet het, zij is terug, sterker nog, ze is al in contact met sommigen hier, maar ik ben nog niet aan de beurt; en ik vind het fijn om weer met mensen te kunnen spreken, dat deden we vroeger ook, alleen anders, nu wordt het zeg maar vertaald doorgegeven, maar het werkt, leuk hoor! Oh, ik geloof dat ze deze kant opkomt, dan moet ik maar afscheid nemen. Maar nog wel heel veel dank dat jullie haar gebracht hebben, heel veel dank! Dag! We lopen door het andere deel van het park, aan de andere kant van de weg, lopen we langs een  Domus de Janas (huis van de heks, meestal een uitholling bij een rotswand, maar hier in de steengrond, en dus vol met water),hier doen we ons ritueel van de hartverbinding met klank.  wordt Margrete nogmaals aangesproken, door het Lichtwezen van de Domus. Wat fijn  om weer ’s met mensen te kunnen sprekenvroeger ging dat met klank, zo fijn, maar op jullie manier is ook goed hoor, zo fijn weer contact met mensen, deden ze dat allemaal maar! En jullie doen groots werk, we zijn jullie enorm dankbaar, echt, heel veel dank! En zouden jullie dat ritueel van daarnet nog eens willen doen, zo fijn! Met plezier, dag.

Deze dag vóór 5 uur gestopt bij een lichtwezen in de rotsen van Monti Ferru. Odilia heeft er al contact mee en laten weten dat ie persoonlijk bezoek van ons zeer op prijs zou stellen. Nu in de avondregen dus niet, morgenochtend als het droog is. De avondregen stoort me al minder, de mooie dag en het uitzicht op zee leveren  een aardige bijdrage aan mijn stemming, ik heb er wel weer zin in!
En hier aangekomen op dit weggetje met uitzicht op zee en lichtwezen in de rots, zag Margrete een man met een hond  staan turen naar ons. Geen echte man met hond, maar een schim, zei ze. Ik begreep wel hoe laat ’t was en vroeg of we contact konden krijgen. Margrete reageerde, duidelijk benauwd, hand bij haar hart, vroeg of de man het moeilijk had, knikte van ja, pijn aan je hart, benauwd? Knik ter bevestiging. Koud! Geloof je in leven na de dood? Weer een knik. Hem uitgelegd dat ie overleden is, mijn hond, m’n hond! Ja, daar wordt voor gezorgd, zorg eerst voor jezelf, kijk om je heen, er moet ergens licht zijn, of dierbaren, misschien vader of moeder, een oudere broer of zus, zie je iets? Weer een knik. Blijf kijken, dan zien ze jou ook, ze komen je ophalen, heus! Een diepe zucht. En Margrete was vrij van ‘m, en hij op zijn pad. (enigszins verkort weergegeven)
De reiswezens reageerden op het voorval: Dat was van lang geleden hoor. Ik: hoe weten jullie dat? Aan zijn licht. Hoe lang geleden dan? Ja dat weten we niet, dat moet je maar aan Odilia vragen
Odilia: Jullie hebben een vraag aan mij?Heb je van het voorval met de man en de hond vernomen?Enigszins. Kun jij aangeven van hoe lang geleden dit is?Dat moet ik even navragen…….
Dit heeft plaats gevonden nog voordat jij geboren was, de man was zeer gehecht aan zijn hond, is gestorven aan een hartaanval, zijn hond heeft geprobeerdm warm te houden enm ook gelikt, en is bij de man gebleven en uiteindelijk ook daar overleden. Ze zijn pas veel later gevonden en ze hebben ze daar ter plaatse in een kuil begraven.

Vandaag aan de kust geweest, op strand,  de Middellandse Zee geproefd, met onze voeten althans, prachtige kleuren bij de lagune, verderop een villawijkje vlak bij zee, in het villawijkje 2 lichtwezens, één helder,redelijk tevreden, en héél blij met het Grote Lichtwezen, de ander slapend, en beneden aan zee, bij een rots waar de golven tegenaan klotsen, nog een  – wakker- Lichtwezen,  “ontdekt” door de reiswezens.

Volgende ochtend op zoek naar Cuili Piras, het Italiaans Stonehenge, vertelt Megalithic Portal. Dat schept verwachtingen, om te beginnen een bezoekerscentrum of op zijn minst een ticket-office, zoals die dingen hier genoemd worden. Integendeel: Privé!, Verboden Toegang!, Camera-bewaking!Toch maar het weggetje ingereden, om netjes bij de 2 huizen toestemming te vragen. Maar ik vond geen deurbel, en er reageerde niemand; toen dacht ik: Laat maar, maar beter doorrijden, we merken ’t wel. Aan de achterkant van de huizen de heuvel opgereden, landweggetje op en wat troffen we er? Zo’n 40 niet al te grote menhirs, de meeste overeind maar wel te midden van struiken. Volgens het Lichtwezen waren ze nog compleet, ook bij de omgevallen menhirs functioneren de Lichtwezens nog. De oorspronkelijke blauwdruk, zoals jullie dat noemen, is nog intact! Grote blijdschap over de terugkeer van het Grote Lichtwezen! En veel dank aan ons. Toen we wilden vertrekken kwamen de reiswezens met een vraag, namens de Lichtwezens, die zich niet vrij genoeg hadden gevoeld deze vraag te stellen, maar wel gevoeld hadden: Waarom konden ze bij ons toch een gevoel van teleurstelling waarnemen? Uitgelegd dat onze info andere verwachtingen had geschept, daarover waren we teleurgesteld, maar voor het overige waren we zeer onder de indruk en verheugd. Zouden ze doorgeven.  Bij het wegrijden kwam net de bewoner aangereden, ons zeer duidelijk  makend dat het privé terrein was. Het was ons duidelijk, wij er vandoor! Minstens 40 Lichtwezens voor Odilia erbij! (En eigenlijk vind ik dat zo’n terrein met 40 menhirs nationaal cultureel erfgoed hoort te zijn, en voor iedereen toegankelijk).

Ook die dag 2 Tombi di Giganti opzoeken: de eerste 8 km de bergen in, altijd spannend, blijft de weg goed? (dit keer wel), en is het te vinden? Dit keer ook, een indrukwekkend gave Tomba, met een helder en voelbaar enorm krachtig Lichtwezen, en sprak op plechtige toon: W-e-l-k-o-m, w-e-l-k-o-m. Ook dezeheel blij met de terugkeer van het Grote Lichtwezen, en heel veel dank.  En weer 8 km terug.
Bij de ander staat bij onze info vermeld: in slechte conditie, moeilijk te traceren, pal langs een bergriviertje, het slecht begaanbare pad loopt aan de andere kant van het riviertje, op 200 m vanaf de weg.  We vragen de reiswezens ons vooruit te gaan om te helpen zoeken, en geven ook onze info door aan Odilia. Die reageert: Ik had al in de gaten dat de reiswezens hard aan het zoeken waren, ze waren druk bezig overal te vragen. Klinkt alsof je in een drukke winkelstraat loopt, maar er was verder niemand in de omgeving! We vonden ‘m , zowel de reiswezens als Odilia gaven aan meer Lichtwezens aangetroffen te hebben, maar ze waren in diepe slaap, we mochten ze niet aanroepen, dat zou een schrikreactie kunnen geven, alleen de hartverbinding doen.

En vandaar op weg naar de hoofdstad aan de zuidkust, Cagliari, waar ook een necropoli moet zijn, hopelijk niet opgeslokt door nieuwbouw. Alweer spannend wat we gaan aantreffen! Tot zover. En nu op zoek naar wifi, blijft lastig!

Tot volgende keer, hartelijke groet,

Ferry en Margrete

P.S. Rectificatie: Het boek van Jaap Hiddinga dat ik eerder noemde, hadden we onlangs nog thuis gelezen en gaat over onze huidige cultuurperiode, en wat het echte leven is en wat maya, illusie. Het boek dat ik bedoelde is getiteld:  De Levensbron, de energiestroom tussen de goddelijk wereld en het aardse bestaan.  Beide van harte aanbevolen!

Reisverslag 7

De eerste dag op Sardinië troffen we 6 bestemmingen voor Odilia, een hoopgevend aantal. De tweede dag slechts 4, want 4 plaatsen wisten we zelfs na lang zoeken niet te vinden. Eén ervan moest op de Tiscali berg liggen, we zijn ‘m helemaal rondgereden, maar dus niet gevonden. Later meldde Odilia ons dat ze zelf verder deze berg was gaan verkennen en de menhirs wel aangetroffen heeft. In een andere streek zouden 2 Tombi Giganti liggen. We hebben er één gevonden, maar, zo vertelde Odilia ons achteraf, die 2 waren wel met elkaar verbonden en zodoende heeft Odilia die andere toch gevonden. Al met al weer een score van 6!

Ook al liggen soms krachtplaatsen dicht bij elkaar, blijft het voor ons een hele opgave om er per dag 6 te doen; het is nl. niet alleen de afstand, dus ook tijd, die zijn tol vergt, maar ook de inspanning om per dag 6 kennismakingen/opstellingen te doen. Daarbij komt dat zo’n kennismaking met een licht- dan wel contact-wezen veel concentratie, dus inspanning vraagt, en ook, misschien juist omdat het hier vaak heel soepel verloopt, vele op elkaar lijken, en het wat eentonig wordt terwijl vanuit de hemelse zijde het grootse ingrijpende gebeurtenissen zijn. En ook de lichtenergie schijnt een flinke tol van ons lijf te vergen, aldus Odilia.

Zo waren we onlangs in Mamoiada aangenaam verrast dat het Maschera Museum geopend was. Een boeiende afleiding van alle lichtwezens, hoe daar in die streek op 17 januari op St Anthonius carnaval wordt gevierd met afschrikwekkende kostuums en maskers in een optocht die zo’n 6 tot 8 uur duurt.Tevens zijn er enkele kostuums en maskers te zien van soortgelijke strekking, uit Kroatië, Slovenië en Griekenland.
Zie filmpje  https://www.youtube.com/watch?v=6V98sbmaGjE

Maar ook fijn dat ze daar wifi hebben, en we daar gebruik van mogen maken in een apart zaaltje. Staat wel vol met rijen stoelen naar ons gericht. Even later kwam er een buslading lagere-schoolkinderen binnen en namen plaats op die stoelen, 30 gezichten op ons gericht! Een wat vreemde gewaarwording, terwijl ze daar redelijk rustig zaten; een paar minuten werden ze opgehaald voor hun rondleiding.

Ons streven om om 5 uur te stoppen (we gaan meestal om 8 uur ’s ochtends op pad) halen we dus zelden. Laatst waren we wel om 5 uur klaar bij onze bestemming in een diep dal (het ging om de holen in de wand van de kloof), maar na het dal uitgereden te zijn (een half uur) bleek dat we in de hoogte rondom de hele kloof moesten rijden, een rit van 2 uur!
Bovendien rijden we ook vaak op kleine boerenweggetjes, waar soms een deel van is weggespoeld of door andere oorzaak moeilijk en soms ook onmogelijk begaanbaar zijn, eigenlijk meer bedoeld voor 4-wheel-drive, altijd spannend wat we gaan tegenkomen.

Op een ochtend waren we op een plek aangekomen met 2 heel gave Tombi, en een sterk vervallen Tomba, en nog een ander steenmonument. Er kwam een bus schoolkinderen aangereden, ze gedroegen zich heel beschaafd, maar toch wel met enige herrie. Margrete had  lichte hoofdpijn dus wij zorgden ervoor uit de buurt van de kinderen te blijven, het terrein was er ruim genoeg voor, en toen we klaar waren liepen we terug naar onze auto, op hetzelfde moment dat ook zij klaar waren. Nou zijn natuurwezens dol op kinderen, hun speelse onschuld, en onze reiswezens dus ook. En hun leek het wel leuk als wij en die schoolkinderen elkaar ontmoetten, te meer omdat enkele van die kinderen wel interessante reiswezens hadden (dus gereisd hadden) ,en dus lieten zij die groep kinderen op ons afkomen, en allemaal natuurlijk laten horen dat ze wat Engels konden, dus: Where are you from, do you like London, What is the best footballclub, Ajax or Juventus, etc. En een begeleidster die uitvoerig ging vertellen dat zij paleontoloog is, zoiets als onderzoeker van grotten en oude graven.  Nou reiswezens, bedankt hoor! Ja leuk hè, al die kinderen.

Maar gelukkig hebben we ook meevallers, zoals onlangs, toen we doodmoe al een  slaapplaats gekozen hadden, op onze lijst nog een menhir ontdekten met nog maar 1 minuut rijden, “toch nog ff doen dan maar”, maar ‘m na 10 minuten nog niet gevonden hadden, bij toeval het weggetje van onze slaapplaats terugvonden, nog even een stukje doorreden om veilig te kunnen keren, dat Margrete een heel aantal menhirs naast de weg  ontwaarde! En daarnaast een stil weggetje aan de achterkant van het veld met een prima slaapplek!

Ondanks ons volle programma nemen we af en toch wat tijd voor wat toepasselijke lectuur: In “De laatste stap naar bewustzijn”, over contact tussen hemelse en aardse krachten, schrijft Jaap Hiddinga hoe vaak en sterk hemelse wezens op ons inwerken zonder dat we dit ons bewust zijn.

Zo waren we op zoek naar Osono Tomba di Giganti vlakbij Tortoli en het dorpje Triei, we meenden ‘m gevonden te hebben, reden de brede oprit op, rechts naar beneden zoals het bordje aangaf en kwamen terecht op een mooie parkeerplaats waar op 2 plaatsen water uit de berg kwam. Maar geen Tomba (hunebed). Wel wandelpaden verschillende kanten op, zonder bordjes. Ga maar zoeken! Even later kwam er een auto aangereden en de bestuurder vroeg in het Engels of wij de Tomba zochten. “Follow me”, terug naar de oprit bleek daar nog een ander weggetje naar beneden te lopen dat we helemaal niet gezien hadden; zo’n klein verschil had ons een hele zoektocht kunnen kosten! We hadden nog een heel boeiend gesprek met dit jonge stel over deze en andere  megalieten.

Later vertelde Odilia ons dat deze ontmoeting gearrangeerd was door het zeer krachtige lichtwezen van de Tomba; deze had ons “licht” waargenomen en wilde per se door ons gevonden worden omdat ze wist van het Grote Lichtwezen, maar zonder ons niet de verbinding zou kunnen leggen, en had daarom  dit jonge stel doen besluiten ons op te halen! Hier hadden ze zelf natuurlijk geen enkel besef van. Tegelijk ook een mooi voorbeeld van hoe gretig er naar het Grote Lichtwezen verlangd wordt!

Op een ochtend , op een hoogvlakte, arriveerden we bij onze bestemming, een Tomba en de restanten van een iets minder oude tempel. Er liepen overal koeien rond, ook op de weg (we hebben op Corsica en op Sardinië nog geen koeien zonder horens gezien, wat heerlijk voor die dieren hun verbinding met de kosmos te mogen behouden!), een kudde schapen begeleid door een grote witte hond (zo lopen er vele, zonder herder erbij), en even later deed de boer een hek open en kwam er ook nog een kudde geiten tevoorschijn). Onze reiswezens: Wat heeft die boer een saai reiswezen, hij is maar één keer in zijn leven buiten zijn dorp geweest, om de markt in een ander dorp te bezoeken, wat saai zeg! Dan mogen jullie je wel gelukkig prijzen zeg! We zijn toch ook heel tevreden! En helemaal nu, al die waterwezens om ons heen! (Het  begon te regenen). De Tomba lag er trouwens prachtig verzorgd bij, stevig omheind met een trap erover zodat je er toch bij kon komen, en de oude tempel evenzo, maar door een stenen muur omgeven.

Diverse afbeeldingen di Tombi  Di Giganti.