Laatste 2 dagen in Finland

Suomenlinna Sea Fortress

Woensdagochtend net na ons ontwaken, kwamen de reiswezens binnenvallen met de vraag wat onze plannen waren vandaag. Naar het eiland met het fort, zoals we gisteren al gepland hadden. Eén van ons is daar al eerder geweest. Klopt, al heel wat jaren geleden. Gaan we met een boot? Ja, maar niet zo’n grote hoor, het is maar een klein stukje varen. En hebben jullie afgelopen nacht nog nieuwe contacten opgedaan? Ja, er waren andere windwezens, en de huisgeest van de kassen is niet blij met al dat gedoe met die ramen. Wij hadden al gezien dat de ruiten van de kassen er een voor een werden uitgehaald, en teruggezet, om ze schoon te maken. Maar eindelijk hebben we ‘m toch aan het praten gekregen, we zijn ‘m blijven kriebelen, en toen heeft ie gezegd dat ie van rust houdt! Hihihi.

En ook even contact met het autowezen gemaakt: Vandaag lang parkeren. Zelfde plek als gisteren? Nee, bij de terminal bij de haven, we zijn er al wel eens langs gereden. Okay.

Laatste dag in Helsinki.

We beseffen ’s avonds bij de botanische tuin dat dit onze laatste avond hier is, want de nacht erna gaan we vlakbij de vertrekhaven slapen; op de vertrekdag is er namelijk een gayparade waar wij langs moeten om de haven te bereiken, dat kan wel eens flinke vertraging opleveren en dat risico willen we niet lopen. Het tuinwezen  voelt zich weemoedig, heeft zeer genoten van onze gesprekken, vertelt ook dat ie vroeger veel contact met mensen had, en het zeer op prijs zou stellen als er vaker mensen zoals wij komen om er te slapen, en vooral die met ‘m willen praten.

Dan Odilia: Fijn dat jullie goed afscheid nemen. En die gevoelens van weemoed komen doordat het haar, het tuinwezen,  deed terugdenken aan de tijd dat het normaal was dat mensen contact maakten; toen was er geen botanische tuin, maar wel deze plek, dus er is wel degelijk een herinnering. Ze heeft weer even kunnen proeven hoe het was en hoe het kan zijn, vandaar haar wens, en het geeft ook weer hoop, al moet ze 200 jaar wachten, ze weet dat het nog steeds mogelijk is.

 

De laatste dag in Finland, bezoeken we Porvoo, een nog vrij authentiek oud stadje aan een rivier, op ongeveer een half uur rijden van Helsinki. De reiswezens zijn in hun element, veel oude huisgeesten! Ze hebben contact met het rivierwezen en vinden het jammer dat we maar zo kort blijven. Het was voor hen al een aantal dagen nogal saai en ze hadden wel behoefte aan nieuwe avonturen. (Dat hadden we zelf ook wel gevoeld en het voelde heerlijk ontspannen om nu met Irmeli geen rekening te hoeven houden en op onszelf te zijn). De reiswezens: We hebben met veel plezier ook hier over jullie contact met de botanische tuin rondverteld.

’s Middags wilden we nog twee plaatsen in Helsinki aandoen, het natuurhistorisch museum en de toeristische rotskerk.

In het natuurhistorisch museum werd er contact gezocht met ons, met name natuurlijk met Margrete en ik voerde dan het gesprek. Het was de huisgeest, er was ‘m door onze reiswezens verteld dat hij contact kon maken, zo vertelde hij ons. Hij was heel tevreden want er kwamen veel kinderen op bezoek. En, alhoewel op een andere manier dan met ons, had hij daar veel contact mee. Met volwassenen had hij nooit contact, en daarom was hij nu zo gretig, welkom dus! Met de dieren had hij nooit contact, die waren toch dood, hoewel sommige wel een nieuwe ziel hadden aangetrokken door de kracht van de vele aandacht die ze kregen. Het gebouw had vroeger andere functies gekend, als paleis en als lyceum, maar daar was hij niet mee bezig, hij was nu heel tevreden. Nog vragen?

Nee, fijn even zo contact te hebben gehad, dank jullie wel. Graag gedaan.

Direct volgde een reactie van onze reiswezen: Leuk hè, hij was heel nieuwsgierig. En contact maken, dat willen jullie toch? Ja, altijd leuk, dank voor jullie bemiddeling, hij is heel vriendelijk.

De beroemde Rotskerk is een grote toeristische trekpleister. Hij ligt even buiten het centrum, bussen rijden af en aan, en er zijn veel café’s in de omgeving. We namen plaats op een van de banken en luisterden naar een pianoconcert. Ik had gelezen dat deze rots was uitgehold en tot kerkruimte was getransformeerd door de oorspronkelijk rots met dynamiet uit te hollen en er een dak overheen te plaatsen. Ik stelde me voor hoe erg dat voor de rots geweest moet zijn, of zou hij zich nu als mooie kerkruimte gecompenseerd voelen? Met Margrete als representant voor de huisgeest (kerkgeest?): Wat gebeurt er? Wij zoeken contact. Dat gebeurt nooit! Maar nu wel! Ik stelde ons voor (dat heb ik niet bij alle andere contacten vermeld, maar dat doen we wel altijd), mogen wij contact met je? Jawel. Hoe is het met je? Heel heel verdrietig, ik ben zwaar beschadigd. Dat begrijpen we. Ik krijg wel veel bezoekers, maar die maken nooit contact met me, ze zien me alleen als curiositeit. Ja, dat lijkt me heel erg, je wordt namelijk niet als rots maar meer als kerk beleefd, en zeker niet als beschadigde rots.

Ik heb wel een vraag, Margrete heeft daarnet een foto gemaakt, en daar zien we heel veel lichtwezens (orbs) op. Hoe verklaar je dat?

Dat zijn muzen, die komen op de muziek af, en op het dak, want dat kun wel ’n beetje als een kunstwerk beschouwen. Verder is het hier een grote misère. We leven met je mee. Alleen ’s nachts, dan is het stil, dan is het redelijk te doen. Ik wil je laten weten dat we met je meeleven. Dank je.

We wilden opstappen. De reiswezens: Gaan jullie nu al weg? We hebben hier veel contacten, al die toeristen komen uit heel verschillende landen; wel een zielig verhaal zeg.

Margrete had als representant de pijn aan den lijve ondervonden en was flink aangedaan.

’s Avonds vertelde Odilia ons dat ze de deva van de streek had gevraagd of ze de kerkgeest ondersteuning zou kunnen geven, maar haar antwoord was negatief. Ze heeft ’t zelf al zo moeilijk, net als alle andere deva’s van Helsinki, alles verandert hier zo snel zonder ook maar enig contact met ze te maken; het meeste heeft met status en uiterlijk te maken, dat krijgt hier zo veel aandacht, dat de esthetiek, waar de natuurwezens mee verbonden zijn, volledig verwaarloosd wordt. Odilia heeft nu alle deva’s hier extra ondersteuning toegezegd en ook nog aparte ondersteuning voor de rotskerk. Odilia gaf ook aan het fijn gevonden te hebben dat Margrete aandacht had gegeven aan de omgevallen boom in het park vanmiddag, het had de faun (boomwezen) erg verrast; hij was er zelfs door van slag geraakt, maar het had ‘m goed gedaan dat we samen om de boom heen hadden gelopen en ‘m uitgebreid hadden bekeken, dat had ie als extra ondersteuning ervaren.

Onze laatste nacht stonden we aan het water, waar aan de overkant onze bestemming voor de volgende dag lag: Tallinn, hoofdstad van Estland.