Letland richting Litou-wen

Het was nog licht, we hadden wat gerust en besloten toch nog wat verder te rijden. Iets verderop zagen we een prachtige picknickplek aan een brede rivier, met tafels en banken, en zowaar een toilet! Vanaf ons bed zagen we de rivier voorbij stromen, en zo sliepen we vredig in. We waren weer op reis en het ging goed. Blij!

​Dinsdag 18 juli
Met wat spijt verlieten we deze prachtige plek aan de rivier, want we wilden verder. Margrete had goed geslapen, dankzij een sterke pijnstiller, en nu nam ze er nog eentje in voor overdag. Op naar Nicgale Lietas Akmen, een grote zwerfkei. Vanaf de E22 stond ie al aangegeven, daar ruilden we wel de asfaltweg in voor een meesttijds goede onverharde weg van vele kilometers lang door de bossen. De grote kei lag op een kruising van vier wegen, althans, zo leek het. Een ervan was slechts voor het oog toegevoegd, en liep niet meer dan enkele meters het bos in (56.152170 / 26.461790).

Bovendien was de laatste 400 m voor autoverkeer afgesloten. Maar wat een kanjer! Wij liepen er eerst even rond, en vroegen toen of de reiswezens al contact hadden gehad; ze hadden wel tegen ‘m gerateld, zeiden ze, maar geen echt contact gekregen.

Dit keer​ ging Margrete ​als representant staan: Ben je er? Ik moet wel. Hoe vind je dit contact? Vreemd. Ik vertelde ‘m van het Grote Lichtwezen. Dat kan ik me niet voorstellen, die tijd is voorbij, wat ik nodig heb is rust.

Het Grote Lichtwezen wil contact, en laat je niet met rust voordat je naar haar geluisterd hebt. Daarna dan wel? Daarna kun je kiezen. Vooruit dan maar. Okay! ​Wij legden de twee steentjes die we bij St Peter hadden meegenomen neer en zochten er hier ook weer om mee te nemen.

We moesten weer westwaarts en kwamen zo vanzelf langs de rotonde weer bij de St Peter’s steen, waar we hem vertelden dat we bij Nicgale waren geweest en nu steentjes van daar bij hem kwamen achterlaten.

Hier voelde Margrete dat Odilia contact wilde. Ze vertelde dat het fijn was dat we bij beide stenen waren geweest en een verbinding hadden gemaakt; St Peter (ze had wel wat bezwaar tegen die naam, die natuurlijk niet bij een voor-Christelijke cultusplaats past) ervaarde ze als heel actief en dus voor haar een grote steun, Nicgale was een ander verhaal, ze had zich daar maar niet vertoond, dat zou alleen maar meer weerstand hebben opgeroepen, maar ze was niet van plan om hem los te laten want, dit was de centrale steen voor de hele streek, en een heel krachtige, in haar termen: veel licht.

 

De volgende  krachtplaats was bij Muldas, (56.660200 / 25.202900)​ Melkitari trog steen / Melkitaru muldakmens, dat wil zeggen: met een holte aan de bovenkant, al vanaf de hoofdweg aangegeven en dan nog 6 km over landweggetjes. Odilia gaf aan: Hij is er wel, maar houdt zich schuil, waarom weet ik niet. Omdat Margrete de contacten met Odilia doet, ging ik representeren: Ik heb ​het Grote Lichtwezen al gezien, voel me ontroerd, ik wist dat niet; wel dat jullie kwamen, dat was me net verteld, maar van haar niet, daarom had ik er even tijd voor nodig,​laat haar maar komen, je hoeft niets meer uit te leggen, het is goed, dank, wat geweldig! Dat waren de woorden, maar het gevoel…pfff overweldigend!

We gingen verder…. en hielden ergens een pauze. Het was heerlijk weer, en de rust was hard nodig voor Margrete. Reiswezens: Gaan jullie nog iets doen vandaag ? Weten we nog niet. Blijven jullie hier de rest van de dag? Weten we ook nog niet. Nou, da’s wel een heleboel niets!

Toen we uiteindelijk verder gingen vergaten wij natuurlijk weer eens de reiswezens te waarschuwen (eigenlijk ook niet nodig, ze zijn “gekoppeld” aan onze lichaamswezen).

De reiswezens: Strafpunten! Weer vergeten! Ik diende ze bij wijze van grap van repliek: Dat doen we expres, want dan kunnen jullie ons strafpunten geven en we weten dat jullie dat leuk vinden! Even stilte… Oh, dus eigenlijk verdienen jullie bonuspunten! Nou, dan geven we jullie bonuspunten!

’s Avonds kozen we een slaapplek op de ruime parkeerplaats met mooi uitzicht achter een bedrijf.
Om een uur of 2 werd er iets afgeleverd. Om 4 uur nogmaals. En om 5 uur weer; toen zijn we maar gaan rijden, om 7 uur nog even te gaan slapen in een rustig landschap.

 

Woensdag 19 juli

​We moesten in totaal 20 km over onverharde wegen rijden, het bordje Priekule stond bij een tractorspoor, zo’n 200 m vanaf het punt dat de gps aangaf, waar ook een betere weg lag (56.498200 / 21.958100) naar Meldzeres Dobumakmens. Uiteindelijk moesten we toch nog over een stukje tractorspoor en verder langs een graanveld lopen, het bos in en een droge rivierbedding over en daar lag een holle steen met muntjes erop. Blijkbaar kwamen er wel meer mensen.

Ik weer representant: Ik voel me verstoord; er komen hier wel vaker mensen, ook wel met enig besef, anders leggen ze geen muntjes neer, maar verder laten ze me met rust; jullie storen mij met opzet. Margrete vertelde over het Grote Lichtwezen. Een klein deel van mij beseft ook wel dat dat Grote Lichtwezen er is, en dat doet ze niet zomaar, en ik weet ook dat ik er gehoor aan moet geven, dat is mijn heilige taak, en als ik echt niet had gewild had ik ook niet gewacht maar was ik al lang vertrokken, dus iets in mij wil wèl. Lastig, een groot deel van mij is in verzet, een klein deel van mij voelt het als een heilige plicht. Ik moet eerst die innerlijke strijd in mij in evenwicht brengen voor ik me kan openstellen, dit is beslist geen onwil. Dit vraagt een enorme omschakeling van mij. Ik moet dat eerst in orde maken, dan kan ik pas verder. Ik weet dat ze mijn strijd kan zien en vertrouw op een goede reactie van haar. Jullie gaan verder, heel veel dank, dag.

 

Verder naar Kapsede, ten noorden van Liipuga, Rudais akmens (56.5914 /21.1157 volgens internet, volgens gps 56.593700 / 2111570 en volgens het bord 56.35619 / 21.6954). Vanaf de hoofdweg staat er een bordje; verder echter geen bordjes meer tot we links van het pad een spoor volgden en een bordje vonden met uitleg in het Lets: het paadje 600 m volgen en daar ligt een grote steen.

De reiswezens waren er natuurlijk al eerder en hadden al een en ander verteld, onder andere dat Margrete er meer over wist (vernamen we later van Odilia) en dus wilde dit lichtwezen per see met of via Margrete spreken. Hij was ook best ongeduldig, want had begrepen dat er iets bijzonders stond te gebeuren maar wist niet precies wat. Odilia vertelde ons dat zij zich al had laten zien maar dat hij zo ongeduldig was, dat hij haar daardoor niet had waargenomen. Ik ging snel uitleg geven, en hield het kort, want zodra hij hoorde van het Grote Lichtwezen van vroeger bedankte hij ons, zei nog even dat ie niet snapte hoe het mogelijk was dat wij met ‘m konden praten, maar dat ie nu direct naar het Grote Lichtwezen wilde.

Later vertelde Odilia dat zij heel fijn contact met hem had gehad, dat ze wel wat bezorgdheid over Margrete’s conditie en de voortzetting van de reis had, maar dat ze dat geheel aan ons liet. Wij gingen richting kust (vlakbij) om vandaar nog een poging te wagen om, door steentjes in zee te werpen, Gotland energetisch te bereiken.