Zweden Helsing borg zuid waarts

1 Juni 2017 ’s ochtends ​gaan we de enorm lange brug van Denemarken naar Zweden over, naar​ Gantofta Sliprannor, nabij Helsingborg (55.637250 / 13.413490). Deze krachtplaats doet wat merkwaardig aan, op een kleine maar steile rivierhelling; er is een pad tussen de stenen en de rivier, het eerste deel ‘n rots met inkepingen, daarna keien die flink verzakt zijn – zo te zien door de (over)stroming van de rivier. Later wordt dit door Odilia bevestigd, ze noemt ook de boomwortels als oorzaak. In eerste instantie hadden we wat twijfels, horen die ingekerfde rotsen en de losse (wat weggezakte) keien bij elkaar?

Odilia reageert echter verrukt: Wat een groots feest, hier ben ik zo blij mee! Deze plek is verbonden geweest met de Externsteine; heb ik veel mee samengewerkt. Maak maar contact.

Ik als representant: Ik weet waarvoor jullie gekomen zijn, heb jullie horen spreken met het Grote Lichtwezen over de vorige plaats, en nu praten jullie met mij, ook al zo bijzonder. Ik snap niet hoe het kan, maar dat is niet belangrijk, ’t werkt. Het Grote Lichtwezen, ik weet niet of ik haar zomaar kan toelaten, het roept zo veel pijnlijke emoties op. We hadden ’t zo goed heel vroeger met elkaar, ook met de mensen, met de kosmos. Ik was toen heel belangrijk. Niet dat ’t daarom gaat, maar ik kon heel veel doen. Nu lig ik hier maar, en al zo lang, en jullie komen zomaar even langs!

Margrete: je zou ook hulp kunnen krijgen. Nee, nee, daar gaat ’t me niet om, ik ben heel krachtig, ’t is zo veel ineens, zo veel pijn, een verschrikkelijk diepe pijn, zo veel verloren en verdwenen. Natuurlijk wijs ik haar niet af! Dat zou ik nooit doen!! Maar zo’n diepe pijn. Laat ‘r maar komen, NU,’t moet!!

Jullie zijn klaar hier – heel heel veel dank! Ik laat ‘r komen, oh, wat een pijn en vreugde, allebei!!

 

’s Avonds in de schemering bereiken we nóg een krachtplaats, een steencirkel in Veberöd  (55.637250 /  13.413490), nabij de stad Dalby (Skane) – Södra Ugglairp (op het bord staat: Skeppssätning) ligt op privé terrein. Verderop langs de weg hebben we ook een steenformatie gezien, beide zijn vanaf de weg goed zichtbaar.

Odilia geeft aan: Jullie moeten nu echt een slaapplaats gaan zoeken, en liefst in de buurt. Dat doen we, maar niet echt in de buurt, het is hier overal open veld. Eenmaal op onze slaapplaats op een stille achterafweg, dirigeert Odilia: Vraag aan de reiswezens of ze daar contact maken voor de nacht, ter voorbereiding. Ik vraag via Margrete of ze dat kunnen. Oh, dan vragen we wel aan Odilia of ze ons erheen brengt, dan weten we de weg.

Even later horen we van Odilia: Ze zijn al twee keer heen en weer geweest, tenminste, dat noemen jullie toch zo, ze zijn er een keer geweest en daarna nog een keer, dat noemen jullie toch twee? Jazeker, compliment en goede nacht. Odilia: Tot later. (Dit is haar standaard afsluiting, want ze heeft behalve van getallen ook geen idee van dagdelen, soms gokt ze wel ’s goedenavond, maar hier in het hoge noorden is er voor haar een extra complicatie, want thuis associeert ze avond met donker, maar hier is het tot diep in de nacht nog licht.)

​2 Juni – ’s Ochtends kloppen de reiswezens direct aan. Ik: Hebben jullie de boel ​al helemaal verkend? Ja hoor, er zijn daar veel wezens. Ook contact gehad met het lichtwezen? Nee met die niet, maar wel met alles wat er omheen zit. Wat doen die dan zoal? Een beetje ondersteunen en zo. En verder zijn we vannacht ook veel hier in het bos geweest. Nog dieren gezien? Ja, van alles, best veel hier. Nou dank voor jullie voorbereiding, we gaan zo zelf ter plekke kijken.

​Daar aangekomen maken we contact met Odilia (wellicht ten overvloede, altijd via Margre​te): Dit lichtwezen is heel krachtig, dat kan ik zien aan z’n licht, en hij is goed voorbereid door jullie vriendjes, maar hij durft nog niet echt.

​Ik als representant zeg: Ik heet jullie welkom, ik weet wat jullie bedoeling is, dat heb ik vernomen van jullie vriendjes, die hebben me veel verteld. De kern heb ik wel begrepen, jullie komen hier met een heel serieuze boodschap​. Ik heb ook het Grote Lichtwezen al gezien, in jullie termen was dat gisteravond. Ik merkte jullie al op omdat jullie anders naar me keken dan gewone mensen en zag toen al het Lichtwezen. Ik vind het wat veel om haar ineens toe te laten, ze heeft zoveel licht, dat is heel veel voor me, dat niet meer gewend, maar ze is natuurlijk zeer welkom. Ze zou me wel uit evenwicht kunnen brengen, en ook voor de omgeving en de aarde hier kan het te veel ineens zijn; ik weet dat zij zich daarin heel goed kan vinden, in jullie termen zou ik zeggen: ik zet de deur op een kier en elke dag en stukje verder open; ik heb wel geen besef van dagen en deuren hoor, maar wil slechts een beeld schetsen. Ik proef dat jullie voor deze boodschap een hele lange reis hebben gemaakt, jullie zijn niet van dit land en ook niet een aangrenzend land, maar van veel verder. Ik ben jullie er zeer erkentelijk voor en wens jullie nog een goede reis verder.

Margrete liep naar de overkant van de weg, intuïtief aangetrokken door wat grote stenen die daar lagen. Odilia wilde gelijk iets doorgeven: Dit is een steenformatie geweest, maar zo zwaar vernietigd dat het lichtwezen ervan is vertrokken. De gebleven steenwezens hebben jullie geroepen, jij liep ook die kant op maar bent toen naar het paard gelopen, Margrete liet zich helemaal leiden. Wel fijn dat de stenen gezien zijn; het is wat het is, misschien nog wat lekkers neerleggen voor de natuurwezens, die zijn natuurlijk aangedaan omdat het lichtwezen er niet meer is, dan kunnen jullie ze wat ondersteunen. Tot later.

Dolmen van Skegrie / Skegriedösen

TrelleborgSkegriedösen, een dolmen of hunebed, vlakbij de kerk (55.40408 / 13.06505), maar ook vlak langs de E6, in de bocht van de afslag; er staan enkele borden met veel informatie.

Odilia geeft door dat ie erg alleen ligt. Er is zoveel vernietigd om hem heen, hij is z’n beschermlaag kwijt, maar het lichtwezen is er nog wel, met veel pijn.

Ik ga als representant voor het lichtwezen van de Trelleborg staan, dat waarschijnlijk ons gesprek zijdelings heeft meebeleefd: Welkom, fijn dat jullie me al voelden, ik lig hier erg alleen met veel herrie om me heen, maar verder aardig intact. Ik word veel gezien, ben zelfs heel bekend en officieel erkend, en dat geeft tenminste nog iets beschermends; maar het blijft pijnlijk dat ik niet gezien word voor wat ik wezenlijk ben, en ik ben erg alleen. Natuurlijk zal ik jullie Lichtwezen toelaten; ik weet niet wat haar plannen met mij zijn, maar fijn dat ze er weer is.  

Er ontstaat een heel gesprek tussen mij en Odilia. Ik geef aan dat er pas sinds ca. 1900 enig besef is gekomen van cultuurgoed en dat er pas vanaf die tijd enige bescherming voor de hunebed​d​en is gekomen. Odilia reageert nogal fel:  Tegenwoordig​ gaat het belang van wegenaanleg nog steeds voor. Ik: Ja, ook kerken worden gemakkelijk afgebroken. Odilia: Als de toren maar blijft, dat is belangrijk, van daaruit kan een lichtwezen zich verbonden voelen met de kosmos. Ik vertel dat ik veel kerken als weinig spiritueel ervaar, dat lijkt me dan ook weinig voedend voor een lichtwezen.

Er komt een persoonlijke vraag bij me op: kun je mij zeggen hoe jij de Christengemeenschap ervaart? (waar Margrete en ik lid van zijn)  Onze cultus is ​aan​ Rudolf Steiner door ​ ​kosmische wezens doorgegeven​, dan zou die de maximale vijf moeten scoren​. Hier moet ik even wat uitleg geven: Margrete en ik testten vaak zaken uit d.m.v. spiertesten. Hierbij krijg je dan als antwoord een ja of een nee, afhankelijk of de spier sterk of zwak test. Ik kwam toen ineens op het limuneuze idee om met een getallen- tabel van één tot vijf de waarde te testen, althans, ik vroeg of Margrete bij haar testen ook een getalswaarde kon aanvoelen, waarbij één als minste of slechtste zou aanduiden. Ja, dat lukt haar. Ik zei toen vol trots: wat een slim idee,hè?, waarop er direct via Margrete een reactie kwam: had je gedacht! Ik begreep dat dit idee mij dus was ingegeven door een of ander natuurwezen, en zei: bedankt! met als reactie graag gedaan!

Maar nu nog het volgende: zou Odilia hiermee overweg kunnen, want zij, net als alle andere hoog ontwikkelde lichtwezens, werkt niet met getallen.

Odilia: dat puntensysteem van jullie daar kan ik heel goed mee werken, want dat is je vanuit mijn wereld aangereikt, zoals je net hebt begrepen; en wat getallen betreft, die vier van daarnet, die werd me doorgegeven door een wezen dat wel met getallen kan werken. En om maar meteen de vraag die bij jou leeft te beantwoorden: bij een kerk telt niet alleen het spirituele, maar ook het sociale. Zo zijn er bij Margrete in de buurt (de zgn. bible-belt) veel kerken die niet zozeer spiritueel zijn zoals jullie dat benoemen, maar er heerst wel een buitengewoon sterk gemeenschapsgevoel; de mensen zorgen er echt voor elkaar, dat voelt heel voedend en alleen al daarom is de score een drie-en-een-half.
Ik vraag wat maakt dat onze kerk niet hoger dan ​een ​vier​ scoort.
Ligt dat aan de cultus zoals die door Rudolf Steiner is doorgegeven? Nee, dat ligt aan de mensen en de mate waarin zij het licht toelaten; bij jullie in de dienst zitten veel mensen toch nog erg in hun hoofd en zijn ze niet echt vanuit hun hart verbonden. Het heeft er ook mee te maken of de priester de zaal met mensen als het ware kan dragen, en dat kunnen er niet veel.   

Ik ga verder: vlakbij mijn huis wordt een kerkgebouw omgebouwd tot kantoor, hoe sta je daar tegenover? Maakt niet uit, als de toren maar blijft staan (dat gebeurt inderdaad). Heel vaak zijn kerken op heel ​ oude cultus-plaatsen gebouwd en soms bevindt​ het oorspronkelijke lichtwezen zich daar nog. Als de toren dan blijft staan, kan zo’n lichtwezen nog zijn verbinding met de kosmos be​houden. Maar soms is zijn plek zo sterk afgedekt dat zelfs dat niet meer mogelijk is. (Dit hebben we bij de tempel van Isis in Parijs ervaren; de tempel waar Parijs – par Isis – zijn naam aan dankt, en waar de kerk St. Sulpice met opzet zo gebouwd is, dat er nauwelijks iets van de tempel eronder voelbaar is. Wij gaan nog onderzoeken of we contact kunnen krijgen met de oorspronkelijke trilling door de crypte in te gaan, die alleen op bepaalde dagen, de 2e en 4e zondag van de maand open is.)

Ik vraag hoe dat bij moskeeën is. Odilia laat weten dat ze die niet kent omdat wij daar nooit komen, en ze alleen via ons waarneemt, dus alleen die plaatsen heeft ingevoeld waar wij zelf zijn geweest, en geeft de suggestie mee dat we dan maar eens moskeeën moeten gaan bezoeken.

Dolmen van Skegrie / Skegriedösen