Trouw

De knal van die granaat op 29 oktober 1944 wil maar niet verstommen in het hoofd van Nellie de Smit

Nellie de Smit (87) verloor tachtig jaar geleden tijdens de Slag om de Schelde haar arm. De lang onderbelichte slag wordt zaterdag herdacht. De Smit vertelt nog één keer haar verhaal. ‘Dit mag niet vergeten worden.’

Rianne Oosterom26 oktober 2024, 10:28
 

De granaatscherf had de grootte van een theekopje, maar rukte in één klap de arm van de zevenjarige Nellie de Smit af. De arm waarmee ze kon spelen, eten en omhelzen hing met een paar draadjes vlees aan haar schouder. Toen haar vader de knal in de verte hoorde, zei hij al: “Deze is voor ons.” Alsof hij wist, zegt De Smit, dat die granaat alles zou veranderen.

Tien kinderen zwermden rond in het kleine huisje met de afgeplakte ramen in het Zeeuwse dorpje Nisse, het was 29 oktober 1944. Nellie voelde niets, zag niets. Een verstild, gruwelijk moment dat ze niet uit haar hoofd kan krijgen. Het staat al haar hele leven op repeat, vooral ’s nachts keert het bij haar terug. Al bijna tachtig jaar.

De voordeur van de rijtjeswoning van De Smit in Colijnsplaat staat al op een kier. Een half uur voordat de verslaggever komt, heeft ze ’m vast opengezet. Ze doet namelijk een kwartier over het kleine stukje naar de deur. Ze is, zeggen de dokters, stervende. Ze heeft ook vast een kopje onder het Senseo-apparaat gezet: Zeeuwse gastvrijheid tot het bittere eind.

De Smit had volgens de dokters allang dood moeten zijn. De dokter weet op de dag van het interview niet of ze de viering van tachtig jaar vrijheid in Nisse op 29 oktober wel haalt, daar gaat ze jaarlijks heen. Ze wil koste wat het kost naar die herdenking toe, vertelt ze. Dat is wat haar nu aan de kant van de levenden houdt.

De granaat die op haar huis viel was onderdeel van de grootste militaire operatie op Nederlands grondgebied tijdens de Tweede Wereldoorlog: de Slag om de Schelde, ook wel de ‘de vergeten oorlog van Zeeland’ genoemd. Het geallieerde offensief duurde van 2 oktober tot 8 november 1944 en kostte het leven van bijna 10.000 burgers en militairen.

 

Zaterdag wordt deze slag officieel herdacht in Vlissingen. Vergeten is deze beslissende slag allang niet meer, met dank aan de film The forgotten battle uit 2020. Maar vergeleken met de beroemde mislukte operatie Market Garden, blijft het offensief in Zeeland een ondergeschoven kindje: geen live-uitzending op de NOS zaterdag, geen koning op bezoek.

De Smit wil mede daarom haar verhaal vertellen, voor de laatste keer. “Want dit mag niet vergeten worden.” In Gaza verliezen nu tien kinderen per dag een ledemaat. Ze leest erover, maar beelden over oorlog op de televisie kan ze niet verdragen: ze weet als geen ander hoeveel pijn deze kinderen hun hele leven zullen hebben, hoe getekend ze zullen zijn.

Nellie de Smit: ‘Ik neem de geallieerden niets kwalijk. Zij konden er niets aan doen, ze wilden ons bevrijden.

Terug naar 29 oktober 1944, een zondag. De kleine Nellie draagt een geruit jurkje met een wit kraagje, het is pas nieuw. Vader en moeder Hoogsteger (Nellies meisjesnaam) hebben met hun tien kinderen die avond nog een ommetje gemaakt. Dan, als het bedtijd is voor de kinderschare van tien, begint het schieten.

Dan is de knal ineens dichtbij. “Toen we naar buiten liepen, uit ons donkere huis, pakte moeder mijn arm en ik zei: ‘Dat doet pijn.’ Zij zei: ‘Niet te flauw hè.’ We gingen naar de overkant van de weg. Er kwam een boer met een stallantaarn aangelopen. Toen zag mijn moeder het: ‘Je arm is glad stuk.’ Die hing los aan mijn schouder.”

Haar zusje Nina is ook gewond, ze heeft een granaatscherf in haar rug, op enkele millimeters van haar longen. Haar zus Marie heeft een wond op haar arm. Paniek alom. Het duurt niet lang of de kleine Nellie valt bewusteloos neer. Het gezin loopt door de straten op zoek naar een veilige plek en medische hulp. Vader draagt Nellie in zijn armen.

Drie uur later wordt Nisse bevrijd door de Canadezen. Ze binden de Duitsers vast aan een lindeboom op het schoolplein. Als de familie Hoogsteger daar later die dag langskomt, bebloed en overstuur, beginnen ook de Duitsers te huilen. “Net zo hard als mijn ouders”, zegt De Wit.

Nellie de Smit (in het geruite jurkje) met een deel van haar broertjes en zusjes. Dit is de laatste foto waarop ze haar arm nog heeft.Beeld Jildiz Kaptein

Een beslissende slag

De bevrijding van Nisse viel in de derde fase van de Slag om de Schelde, waarin de geallieerden met ‘operatie Vitality’ Zuid-Beveland bevrijdden. In de laatste, vierde fase, werd ook Walcheren ingenomen. Het doel was bereikt: de 95 kilometer lange Schelde was vrij en de geallieerden konden de haven van Antwerpen gebruiken voor bevoorrading.

Dat is ook waarom de Slag om de Schelde essentieel is geweest. Bevoorrading was namelijk het grootste probleem van de geallieerden na de doorbraak in Normandië. Met Antwerpen hadden ze een haven dicht bij het front, wat uiteindelijk bepalend is geweest voor de uiteindelijke overwinning op Duitsland.

Maar het was een gruwelijke slag vol bloederige gevechten, waarbij Walcheren deels onder water werd gezet, zeker 2000 burgers het leven lieten en hele dorpen verwoest raakten. “De zwaar getroffen Zeeuwen waren te getraumatiseerd om de Slag om de Westerschelde uit te venten als de belangrijkste slag op Nederlands grondgebied”, zei verzetsman Jaap Rus ooit.

Messen in haar schouder

In de kleine woonkamer in Colijnsplaat – die vol knuffels staat – schuift Nellie de Smit haar trui opzij. Haar kunstarm zit met een leren riempje vast aan haar lichaam. Ze vertelt over het moment dat haar arm werd afgezet in het ziekenhuis van Antwerpen, en hoe ze – helemaal alleen – huilde en huilde. De artsen gaven haar extra injecties tegen de pijn.

Maar ze bleef huilen. Ze haalden een tolk erbij. De Smit: “Die vertelde aan de artsen: ‘Ze heeft geen pijn, ze huilt omdat ze haar armpje terug wil’.”De Smit heeft gedurende haar leven veel pijn gehad vanwege haar afgezette arm, en nu – in combinatie met hartklachten – is het alleen maar erger geworden. Het voelt regelmatig alsof er messen in haar schouder steken.

Haar prothese herinnert haar elke dag aan die bloederige slag die bijna haar dood werd. Al neemt ze de geallieerden die de granaat afvuurden niets kwalijk. “Zij konden er niets aan doen, ze wilden ons bevrijden.” Ze is dankbaar voor de bonustijd die ze kreeg, nu de dood onherroepelijk nadert. In dialect zegt ze: “Nee, ‘k geloof nie da’k bang hoef te wezen.”

Serie ‘De vrijwording’

Van het eerste Limburgse dorp in september 1944 tot het laatste Friese eiland in juni 1945: tachtig jaar na de bevrijding reist Trouw-verslaggever Rianne Oosterom de geallieerden achterna. De weg naar het einde van de Duitse bezetting verliep met horten en stoten en het was niet overal een kwestie van vrolijk sigarettengestrooi. In de serie De vrijwording komen alle kanten van de Bevrijding aan het licht. Kent u een bijzondere bevrijdingsgeschiedenis? Mail naar: r.oosterom@trouw.nl. Lees eerdere verhalen terug via trouw.nl/80jaarbevrijding

Lees ook: Zeelands vergeten oorlog

‘Zeeuwen, die waren al bevrijd toen de oorlog elders in Nederland zijn finale beleefde.’ Door deze gedachte verloor Nederland het zicht op de Slag om de Schelde. Psychiater Carla Rus zoekt naar de motieven en pleit voor erkenning.